Aangifte tegen ambtenaren van de FIOD

Wegens hun rol in de beursfraudezaak is tegen twee ambtenaren van de Fiscale Inlichtingen en Opsporingdienst (FIOD) aangifte gedaan wegens meineed en valsheid in geschrifte.

Dat heeft het OM in Haarlem desgevraagd bevestigd. De aangifte komt van de in Zwitserland woonachtige vermogensbeheerder D. de Groot, een van de hoofdverdachten in Operatie Clickfonds. Zij vloeit voort uit het rechterlijke vonnis van juni waarin het OM niet ontvankelijk werd verklaard in een belangrijk deelonderzoek van de beursfraudezaak. De rechtbank vond dat het OM onzorgvuldig had gehandeld.

Een van de belangrijkste punten in het vonnis betrof een rechtshulpprocedure tussen Nederland en Zwitserland. Justitie wilde in 1997, bij het begin van de beursfraudezaak, onder meer de administratie van De Groot hebben. In het rechtshulpverzoek werd De Groot ten onrechte in verband gebracht met drugshandelaar `de Hakkelaar'. In de Duitse versie van het document stond een extra zin met die strekking, die in de Nederlandse versie ontbrak. Advocaten vermoeden dat dit gebeurde om de strenge Zwitserse voorwaarden voor het geven van rechtshulp te omzeilen.

Tijdens de rechtszaak rond het effectenhuis Leemhuis en Van Loon werd aan de FIOD-ambtenaren die het rechtshulpverzoek hebben gemaakt, opheldering gevraagd. Er bleven echter onduidelijkheden bestaan. Bovendien vond de rechtbank hun verklaringen niet consistent. ,,Aan het kennelijke gemak waarmee deze opsporingsambtenaren onder ede zaken verklaren waarvan zij weten of kunnen weten dat die niet juist zijn tilt de rechtbank zwaar'', aldus het vonnis. In het rechtshulpverzoek zitten trouwens meer verschillen. Zo zijn een aantal verwijzingen naar fiscale aspecten in de Duitse versie weggelaten. Ook staan er volgens De Groot enkele feitelijke onjuistheden in het document.

De rechtszaak tegen De Groot dient pas later. Volgens zijn raadsman P. de Kerf is de aangifte nu al gedaan omdat het volgens hem ,,onbestaanbaar'' is dat er strafrechtelijke feiten worden begaan door opsporingsambtenaren. ,,Dit gaat over de integriteit van het justitieapparaat'', zegt De Kerf.