Drama van Aida gestroomlijnd voor de massa

De nieuwe Aida is één lange flashback. De musical van Elton John en Tim Rice, gebaseerd op het verhaal – en niet de muziek – van Verdi's opera, begint in een museum waar hedendaagse bezoekers de Egyptische oudheden bekijken. Eén van hen is een jongeman, de ander een jonge vrouw. Dan stapt prinses Amneris uit haar vitrine om ons zingend naar het oude Egypte te voeren. Daar voltrekt zich de bekende tragedie. En als de noodlottige Aida en Ramades tenslotte volgens de traditie levend zijn begraven, zien we de museumzaal weer. Met die jongeman en die jonge vrouw, die nu langzaam maar zeker naar elkaar toe lopen. Doek.

De musicalversie van Aida trekt sinds anderhalf jaar volle zalen op Broadway. Joop van den Ende heeft van de oorspronkelijke producent (Disney) de rechten verworven voor een Europese première in Nederland. Dat is nooit eerder vertoond; tot dusver komt Londen altijd eerst. Aida is de vierde productie in de acht jaar dat het Circustheater in Scheveningen eigendom is van Van den Ende. De vorige drie trokken elk meer dan een miljoen bezoekers. En er is geen reden te denken dat het ditmaal anders zal gaan.

Aan het verhaal zal het in elk geval niet liggen. Het is voor massaconsumptie gestroomlijnd en past zodoende geheel in de lijn van melodramatische megamusicals die dezer dagen de toon aangeven. Maar verschillen zijn er ook. In de eerste plaats is de muziek veel minder bombastisch, want Elton John heeft geschreven wat hij altijd schrijft: bekwame piano-pop in het middle of the road-genre. De synthesizers klinken wel wat schraal, maar het is een hele opluchting nu eens verlost te zijn van al die symfonische pretenties. En ook verder is ditmaal lang niet alles bloedserieus; de intrige laat ruimte voor lichtvoetige ironie. Al was het maar omdat zo'n farao, zo'n veldheer en zo'n verwende prinses in het oude Egypte ook hun bespottelijke kantjes hadden.

Aida is geënsceneerd volgens het Amerikaanse voorbeeld, onder leiding van de Amerikaanse makers. Het toneelbeeld is strak en helder – geen plaatjes uit de toeristenfolder, maar geometrische vlakken in aardse kleuren, spannend licht en gestileerde kostuums die een tijdloze indruk maken. En de lenige zangteksten van Tim Rice klinken in de vertaling van Martine Bijl nog even lenig. Zelfs het grappige (My dress has always been) My strongest suit behield in de regel `Kleding is gewoon mijn pakkie-an' zijn woordspelige speelsheid.

In de hoofdrollen staan drie nieuwe talenten. Chaira Borderslee straalt wel de vaderlandsliefde uit van Aida – de prinses uit een onderdrukt land die haar trots niet wil opofferen aan haar liefde voor één van de onderdrukkers – maar leek mij gisteravond op de première nog te verkrampt voor de echte allure die haar rol vergt. Bastiaan Ragas is als Radames al een stuk verder, met zijn gruizige popzangstem en zijn mannetjesputterscharme, terwijl Antje Monteiro vooral in de vrolijke scènes een mooi verwend nest van prinses Amneris maakt. `Echte schoonheid zit van buiten', is haar motto.

Van de anderen is Frans van Deursen veruit de beste; zijn bevelhebber Zoser is een sinister type die alles tot in zijn vingertoppen onder controle heeft. ,,Breng ze maar naar de kopermijnen'', zegt hij ijskoud als er een nieuwe oogst aan slaven wordt binnengebracht, om er achteloos aan toe te voegen: ,,We schijnen ze daar maar niet in leven te kunnen houden...''

Maar ondanks de zichtbaar strakke regie is lang niet alles in deze Aida zo geconcentreerd als het zou kunnen zijn. De taferelen schuiven soepel af en aan en de dans is gespierd, maar vooral in de dialoogscènes wreekt zich een vaker voorkomend musical-euvel: veel zinnetjes worden zo houterig te berde gebracht dat de vaart eruit verdwijnt. Daar wordt de voorstelling middelmatiger van dan het script en de songs rechtvaardigen. De hit die de show op Broadway is, doet immers vermoeden dat het ook hier pakkender kan. Zodat ook het verrassende slot – met die gereïncarneerde Aida en Radames – meer tot de verbeelding spreekt.

Voorstelling: Aida, van Elton John en Tim Rice, door Joop van den Ende Theaterproducties. Decor en kostuums: Bob Crowley. Licht: Natasha Katz. Muziek o.l.v. Paul Bogaev. Vertaling: Martine Bijl. Regie: Robert Falls. Gezien: 21/10 in het Circustheater, Scheveningen. Inl. (0900) 3005000, www.musicals.nl