Dekker glorieert tussen illustere wielernamen

Erik Dekker verzekerde zich zoals verwacht zaterdag in de Ronde van Lombardije van de wereldbeker. De Nederlandse profrenner werd in Bergamo dertiende, winnaar werd de Italiaan Danilo Di Luca.

,,Buonasera campione!'' De ober in het veelsterrenrestaurant Da Vittorio, in het centrum van Bergamo, heette Erik Dekker zaterdagavond op passende wijze welkom. Ongeveer anderhalf uur na afloop van de Ronde van Lombardije voerde de Italiaan de champagneglazen aan die nodig waren om te vieren dat de 31-jarige renner de wereldbeker had gewonnen. Niet zomaar een etablissement had de ploeg van Rabobank afgehuurd: getuige een foto in het gastenboek was koningin Elizabeth hier twee jaar geleden nog geweest.

Terwijl hun vader terugblikte op een lang en succesvol seizoen, waarin hij de Amstel Goldrace en een loodzware etappe in de Tour de France won, vermaakten Kelvin (5) en David Dekker (3) zich tussen royale hoeveelheden kristallen glazen en tafelzilver met stapels publiciteitsfoto's van Raborenners. Ook zij waren voor de gelegenheid gekleed in wereldbekertruien, beide uit de rijke collectie van hun vader. Omdat Dekker sinds zijn zege in de Amstel Goldrace in april aan de leiding ging in het wereldbekerklassement, had hij al aardig wat van die tricots verzameld.

Met Dekkers echtgenote Petra waren de twee jongens die ochtend in het vliegtuig naar Italië gestapt, om er in Bergamo getuige van te zijn hoe Dekker als eerste Nederlander in de wielergeschiedenis de wereldbeker zou winnen, een prijs die pas in 1989 door de Internationale Wielrenunie werd ingevoerd. De Ier Sean Kelly had destijds de primeur. Dekker schaarde zich met zijn zege ook in een rij met namen van kampioenen als Bugno, Museeuw en Bartoli.

Al voor de start van de 258 kilometer lange wedstrijd in Varese wist Dekker dat hem de hoofdprijs niet meer zou kunnen ontgaan. De enige serieuze concurrent voor de eindzege, Erik Zabel, dacht niet dat hij in de heuvels van Lombardije een kans zou maken om Dekker uit de regenboogtrui te rijden en kwam daarom ook niet op de startlijst voor. De Let Romans Vainsteins, die wel tot het 177 renners sterke deelnemersveld behoorde, maakte alleen op papier nog een kans om de wereldbeker te winnen. Voor de wereldkampioen uit de ploeg van Domo-Farm Frites was het parcours te zwaar. Al na 22 kilometer was hij betrokken bij een valpartij en hij zou de finish bij de Piazza Matteotti in Bergamo niet halen. Dekker deed dat wel, in de stromende regen, als dertiende.

Twee weken geleden had Dekker al de kans om in Parijs-Tours de strijd om de wereldbeker definitief in zijn voordeel te beslissen, maar Zabel en Vainsteins eindigden daar zover voorin dat Dekker zijn feestje moest uitstellen tot de laatste wereldbekerwedstrijd van het seizoen. Van de vips die in Tours al klaarstonden om Dekker te feliciteren, was staatssecretaris Vliegenthart (sport) de enige die de trip naar Bergamo had gemaakt. Net als in Tours liet ze zich op het podium naast Dekker fotograferen, waar een plaats in de schaduw van de kampioen misschien wat passender was geweest. Als vanzelfsprekend nam de bewindsvrouw de plaats in van één van de twee blonde rondemissen. Van vreugde balde de staatssecretaris zelfs een vuistje. En toen Vainsteins als de nummer drie in het eindklassement van de wereldbeker werd gehuldigd en plaats nam naast Dekker, kwam ze er nog een keertje bij.

Dekker mag met recht de regelmatigste renner van dit seizoen worden genoemd, ook al is de trui met de verticale regenboog `slechts' de beloning voor de beste renner na tien wereldbekerwedstrijden. De eerste in die reeks was Milaan-Sanremo, zeven maanden geleden, op 24 maart. Zabel won en nam met 100 punten de leiding in het wereldbekerklassement, Dekker werd 21ste en behaalde z'n eerste vijf van in totaal 331 punten, 81 meer dan nummer twee Zabel.

Twee weken na Milaan-Sanremo won hij bijna de Ronde van Vlaanderen. Als hij de sprint een seconde eerder had ingezet was niet Bortolami maar Dekker de winnaar geweest. Nu werd hij tweede. Vanaf die dag in april stelde hij zijn kandidatuur voor de wereldbeker. Maar die kreeg hij pas in het vizier toen hij eind april de Amstel Goldrace won. In een sprint à deux met Armstrong toonde Dekker zich de sterkste. ,,Toen ik daar won, besloot ik dat de rest van het seizoen de wereldbeker mijn enige doel zou zijn'', sprak Dekker in Bergamo. ,,Zelfs de Tour de France was daar ondergeschikt aan.'' Het weerhield hem er niet van een rit in de Ronde van Frankrijk te winnen; de etappe in hondenweer naar Pontarlier die het algemeen klassement volledig op zijn kop zette.

Vorig jaar schaarde Dekker zich bij de beste renners van zijn generatie door drie etappes te winnen in de Tour en zijn eerste wereldbekerwedstrijd te winnen, de Clásica San Sebastian. ,,Dit seizoen ben ik nog sterker geworden, vooral mentaal. Als ik mezelf soms bezig zie. Die rust...'' Het zelfvertrouwen spat in finales van belangrijke wedstrijden van Dekker af. Geen renner die met zoveel bravoure het avontuur zoekt.

Van ontlading was geen sprake nadat hij zaterdag de wereldbeker had gewonnen, zei hij zelf. ,,Ik ben wel opgelucht. Dat daar'', zei hij wijzend naar een poster op de muur bij Da Vittorio waarop hij is afgebeeld terwijl hij winnend over de streep gaat in de Amstel Goldrace, ,,dat is ontlading''.

Vooral door de maandenlange strijd om de wereldbeker, waarin Rabobank het ploegenklassement won, sprak Dekker van een energieverslindend seizoen. Gaat hij volgend jaar toch een poging doen de wereldbeker te verdedigen? Nu al keek hij vooruit naar de eerste klassieker in 2002, Milaan-Sanremo. ,,Misschien demarreer ik wel als we op de Via Roma rijden en vlakbij de finish zijn. Het heeft geen zin de sprint af te wachten.'' Zabel, de bijna traditionele winnaar van de openingsklassieker, is gewaarschuwd.