Vlak portret van `het geval' Beethoven

De aangrijpendste momenten in Immortal Beloved, een zaterdag op tv vertoonde film over Beethoven, zijn die waarin we helemaal niets horen en daarmee op indringende wijze worden geconfronteerd met de doofheid van de componist. We zien telkens dat er muziek wordt gespeeld. Maar de ene keer horen we niets, totale stilte. En de andere keer horen we een heftig bonkend geruis. Het is alsof Beethoven alleen zijn eigen tot het uiterste gekwelde gemoed hoort. Geen wonder dat het zo in de soep loopt bij de première van een pianoconcert, waarbij hij zelf speelt en dirigeert.

Immortal Beloved, een film uit 1994 van Bernard Rose, werd destijds algemeen gekraakt. Maar de filmmuziek is wél van Beethoven en de gevorderde Beethovenfan kan er toch een interessant speculatief opgeloste puzzel in zien. Immortal Beloved is een soort remake van Amadeus, waarbij Mozart is vervangen door Beethoven. Dezelfde elementen spelen een rol: een moeizame verhouding met de vader, de gedeeltelijke miskenning door tijdgenoten van het muzikale genie en de merkwaardige, zelfs abnormale persoonlijkheid.

Mozart was in Amadeus een vaak vrolijk en losbollig type, Beethoven is in Immortal Beloved een hinderlijk moeilijke man, buitengewoon humeurig en onredelijk en niet in staat tot bestendige relaties met zijn omgeving. Dat komt niet alleen door zijn doofheid. We zien hem zelfs als een zwerver, beschimpt en geschopt door de Weense straatjeugd. Zelf is Beethoven een bedreiging voor zijn neef Karl, wiens voogd hij is. Hij terroriseert de jongen zó erg, dat die een zelfmoordpoging doet.

Het probleem van de film is dat Beethovens psychische problemen, die historisch zijn, volkomen eenzijdig worden weergegeven. Beethoven is hier alléén maar een geval, hij is niet óók een componist die functioneert in de muziekwereld, die zijn eigen muzikale opvattingen heeft, die zich verklaart, die rekenschap aflegt over zichzelf. De film begint met Beethovens begrafenis, waarbij duizenden in wanhoop de armen naar de kist uitstrekken, alsof hij de messias was. Het achteraf onbegrijpelijke beeld wordt alleen verklaard met het succes van zijn Negende symfonie: `Alle menschen werden Brüder'.

De oorzaken van het Beethovenprobleem worden onderzocht tijdens een zoektocht van Beethovens assistent Anton Schindler (Jeroen Krabbé) naar de `Unsterbliche Geliebte', de geheimzinnige vrouw aan wie hij een vurige liefdesbrief schreef en aan wie Beethoven zijn nalatenschap heeft vermaakt. Schindler komt in contact met Beethovens familie en met verschillende vrouwen met wie Beethoven relaties had, al is het onduidelijk of die ooit werden geconsumeerd.

Wat we van Beethoven zien is stuitend, vooral zijn omgang met zijn broers, het meest met de door hem verachte schoonzuster Johanna (Johanna ter Steege). Voor `hoer' scheldt hij haar uit en hij ontneemt haar de omgang met haar zoon Karl.

Uiteindelijk blijkt in Immortal Beloved juist Johanna de `Unsterbliche Geliebte'. Beethoven had een mislukte verhouding met haar, voor zij zijn broer trouwde. Neef Karl is Beethovens zoon. Vandaar al dat gedoe, één Beethovenprobleem opgelost. Aan Beethovens ziekbed komt het toch nog goed tussen de ouders. Johanna krijgt de zeggenschap over Karl terug. Dan schrijft de een op een stuk muziekpapier: `Muss es sein?' en de ander: `Es muss sein!'

Het zijn de door musicologen moeilijk verklaarbare woorden aan het begin van de finale van Beethovens laatste strijkkwartet opus 135. Dat wordt er niet bijverteld, maar zó lost Immortal Beloved nóg een Beethovenprobleem op!

Immortal Beloved (Berbard Rose, VS, 1994), zaterdag, Net5, 00.35-2.45u.