Verslavende spoken

Rond maart volgend jaar gaat het gebeuren. Dan komen Nintendo en Microsoft met hun nieuwe, geavanceerde spelcomputers op de markt: de GameCube en de Xbox. Pech voor Sony's platform PlayStation 2, dat nu de `next generation gamesmarkt' domineert? Nee. De ervaring leert dat een gezonde dosis concurrentie stimulerend werkt voor alle partijen. Nintendo ging meer verkopen nadat Sony zeven jaar geleden met de ongeveer evenwaardige PlayStation kwam, niet minder.

Op dit moment is het nog treurig gesteld rond de PlayStation 2. Dat komt mede door de enorme ontwikkelkosten van een spel (een miljoen dollar is tegenwoordig niks meer), waardoor iets maken dat op slechts één platform gespeeld kan worden nauwelijks interessant is. Meestal wordt er pas bij twee of drie platforms winst gemaakt. En pas dan gaan de producenten weer genoeg verdienen om met hun advertentieguldens de gamesbladen te steunen die op hun beurt het gamesvuur weer verder aanwakkeren met verhitte discussies tussen voor- en tegenstanders van de diverse spelcomputers.

Nintendo Benelux liet de pers onlangs alvast kennismaken met de GameCube. Deze paarse kubus werd ruim een maand geleden in Japan uitgebracht. Hier een voorproefje van Waverace: Blue storm en Luigi's Mansion, de twee Japanse introductietitels.

Het eerste spel is de opvolger van Waverace voor de Nintendo 64. Op een jetski moet je linke routes door allerlei waterige omgevingen afleggen, en je ligt eruit als je vijf keer een markeringspunt mist. In het begin gebeurt dat al snel, het frustratiegehalte is dus hoog. Waverace is voor volhouders: eerst zien dat je het einde zonder fouten haalt, dan steeds weer een paar seconden van je tijd afknabbelen.

Water is door zijn transparantie en golfgedrag moeilijk na te bootsen op het computerscherm. Bovendien is de interactie tussen water en andere objecten erg onvoorspelbaar. Het is duidelijk dat de ontwikkelaars de meeste tijd in het realistisch weergeven van water hebben gestoken, de gebouwen en andere achtergronden zijn slechts schetsmatig neergezet. Maar de animatie van het water is spectaculair.

Is Waverace: Blue storm niet meer dan een veredeld behendigheidsspel, Luigi's Mansion is inventief, diep en verslavend. Het spelgegeven is oersimpel: Luigi moet zijn broer Mario uit een spookhuis redden door in iedere kamer alle spoken uit te schakelen. Hij heeft een zaklamp om ze te vinden en een stofzuiger om ze op te zuigen. Als alle spoken in een kamer zijn uitgeschakeld, moet hij op zoek naar de sleutel voor de volgende kamer.

De vormgeving is geweldig: driedimensionaal maar toch tekenfilmachtig, en bovendien humoristisch. De animatie van Luigi, de zaklamp, de stofzuiger en alle voorwerpen in het spookhuis is briljant. Hoe meer energie Luigi verliest door zijn strijd met de spoken, hoe krommer hij loopt en hoe zieliger zijn blik.

Onvergetelijk is de spelmuziek: geheimzinnige doch vrolijke synthesizerdeuntjes die afkomstig lijken van een theremin (oud elektronisch muziekinstrument op basis van antennes, o.a. bekend van Fay Lowsky). Die muziek is de helft van het plezier; weer eens wat anders dan die kleffe namaakrock van Waverace: Blue storm. Grappig is dat Luigi het deuntje na verloop van tijd oppikt en begint te neuriën. Technisch gezien zeer spectaculair zijn ook de licht- en stofeffecten, die zeker niet onderdoen voor de watereffecten bij Waverace: Blue storm.

De besproken spelletjes zijn voor de Nintendo Gamecube en nog niet verkrijgbaar buiten Japan.