Opwindradio geeft uitleg over doelen van VS

In een land waar tv verboden is en velen niet kunnen lezen en schrijven, is radio voor veel mensen de enige informatiebron. Dat maakt op Afghanistan gerichte radio-uitzendingen een effectief propagandamiddel.

Behalve pindakaas, aardbeienjam en bonen in tomatensaus zaten bij de voedselpakketten die Amerikaanse vliegtuigen over Afghanistan hebben uitgestrooid ook radiotoestellen. Deze transistorradio's, die geen batterijen of stroom nodig hebben omdat ze opwindbaar zijn, kunnen maar één signaal ontvangen: dat van het Amerikaanse leger. Dagelijks zijn twee vijf uur durende pro-Amerikaanse radio-uitzendingen te ontvangen — in Pashto en Dari, de twee meest gesproken talen in Afghanistan — op tot dusver ongebruikte frequenties in Afghanistan.

De programma's richten zich namens ,,een coalitie van vredelievende landen'' tot ,,het nobele volk van Afghanistan'' en maken melding van Amerikaanse troepen ,,die zijn gekomen om een einde te maken aan terrorisme''. ,,Luister niet naar wat Al-Qaeda en de Talibaan zeggen. Wij zijn niet gekomen om u pijn te doen, maar om Osama bin Laden, Al-Qaeda en hun aanhangers te arresteren. Wij zijn niet gekomen om uw land te plunderen of er een kolonie van te maken. De coalitie-landen willen u en de moslims in de rest van de wereld laten zien dat deze oorlog niet tegen de islam is gericht.''

De boodschappen waarschuwen de Afghanen voor luchtaanvallen. ,,Als u Amerikaanse vliegtuigen ziet, zoek dan bescherming en blijf daar tot we uw gebied volledig verlaten hebben. De veiligste plek is uw eigen huis. Als u deze instructies opvolgt, wordt u niet getroffen. U moet niet vergeten dat wij geen onschuldige mensen pijn willen doen.''

De radio-uitzendingen zijn het werk van het Amerikaanse Psychologische Operaties-team (`Psyops'). Eerder werden Psyops-teams met succes ingezet in de Golfoorlog, waar soldaten van Irak via pamfletten werden opgeroepen te deserteren – wat ze massaal deden. De Psyops-soldaten beschikken over zes met radiozenders uitgeruste vliegtuigen om hun boodschappen te verspreiden. De vliegende radiostations beschikken daarnaast over krachtige luidsprekers. Behalve de opwindbare transistorradio's hebben Amerikaanse vliegtuigen ook pamfletten uitgestrooid die de Afghanen wijzen op de middengolffrequenties waarop de Amerikaanse boodschappen worden uitgezonden.

Amerika probeert via pamfletten en radio-uitzendingen de Afghanen duidelijk te maken ,,dat we hen steunen en willen helpen hen te bevrijden van de Talibaan en hun terroristische bondgenoten'', aldus minister van Defensie Donald Rumsfeld. Een woordvoerder van het Witte Huis verklaarde dat de VS ,,alle vormen van communicatie'' zullen gebruiken om het Afghaanse volk te voorzien van een andere informatiebron dan het ,,repressieve Talibaanregime''.

De VS hebben een lange traditie op het gebied van radiopropaganda. Voice of America (VOA), de Amerikaanse Wereldomroep, is begonnen tijdens de Tweede Wereldoorlog met anti-Duitse uitzendingen. Tijdens de Koude Oorlog richtte de Amerikaanse propaganda zich op de Sovjet-Unie en Oost-Europa. Het uit die tijd stammende Radio Free Europe/Radio Liberty bestaat nog altijd en zendt uit voor Oost-Europa, de GOS-landen en Centraal-Azië en het Midden-Oosten. Radio Free Europe/Radio Liberty wordt door de Amerikaanse overheid gefinancierd, net als Radio Free Asia, dat zich richt op landen als China, Birma, Vietnam en Noord-Korea, en Radio & TV Marti, dat vanuit Miami uitzendt voor Cuba.

In de jaren tachtig bestond er ook een op Afghanistan gericht Amerikaans radiostation, maar toen de Sovjet-Unie zich in 1989 terugtrok uit het land, betekende dat ook het einde van dit station, Radio Free Afghanistan. Sindsdien is Voice of America de enige Amerikaanse omroep die nog op de Afghanen gerichte uitzendingen verzorgt. VOA maakt per week zo'n 900 uur radio in meer dan vijftig talen. Sinds de aanslagen op de VS heeft VOA de uitzendingen voor Afghanistan uitgebreid tot twee uur en vijftien minuten nieuws en commentaren in Pashto en Dari per dag.

Ofschoon VOA gefinancierd én gecontroleerd wordt door de Amerikaanse overheid, gaat de omroep door voor journalistiek onafhankelijk. Dat dat soms op gespannen voet staat met de Amerikaanse belangen, bleek vorige week nog, toen VOA fragmenten uit een vraaggesprek met Talibaanleider Mullah Mohammed Omar uitzond. Washington heeft nog geprobeerd die uitzending te verhinderen, met het argument dat het ongepast is voor een door de Amerikaanse belastingbetaler gefinancierd station om de Talibaan aan het woord te laten. VOA heeft zich daar, met een verwijzing naar de persvrijheid, niets van aangetrokken.

Door incidenten als dit komt de vraag boven of VOA wel het geschikte medium is om de Amerikaanse militaire belangen te dienen. Het Republikeinse Congreslid Ed Royce heeft daarom een wetsvoorstel ingediend om Radio Free Afghanistan weer tot leven te wekken. Een dergelijk station is volgens Royce opnieuw nodig om ,,de Amerikaanse idealen vrijheid en democratie'' uit te dragen. ,,Er worden nu door de Talibaan en door de organisatie van Osama bin Laden vreselijke antisemitische, anti-Amerikaanse en antiwesterse berichten uitgezonden die door niemand worden tegengesproken.'' Royce doelt hiermee op het door de Talibaan gecontroleerde radiostation The Voice of Sharia (de naam verwijst naar de islamitische wet), het enige radiostation in Afghanistan. The Voice of Sharia zendt uitsluitend gesproken woord uit. Televisie, film, fotografie en internet zijn verboden in Afghanistan. Muziek is verdacht. Al op de eerste dag van de Amerikaanse bombardementen zijn de belangrijkste zendmasten van Radio Voice of Sharia gebombardeerd.

Voor niet door de Talibaan gecontroleerde informatie waren de Afghanen ook voor de aanvallen al aangewezen op buitenlandse radiostations als VOA, maar ook BBC World Service, Deutsche Welle en Radio France International. Ook radiostations uit Pakistan, China, India, Egypte, Iran, Rusland, Tadzjikistan en Oezbekistan zenden uit in Pashto en Dari.

Het bereik van de internationale radiostations onder Afghanen is, zo beweren zij zelf, extreem groot. Al voor de aanslagen zou 72 procent van alle Pashto-sprekende Afghanen dagelijks naar de BBC World Service luisteren, evenals 62 procent van de Dari- en Perzischsprekenden. VOA claimt een bereik van 80 procent onder Afghaanse mannen (vrouwen konden niet worden ondervraagd).

De Talibaan heeft de Westerse stations inmiddels beschuldigd van propaganda. ,,De BBC en VOA zijn een Koude Oorlog-campagne tegen ons begonnen'', aldus de Talibaanminister van Informatie Qatradullah Jamal. ,,Dag in dag uit spreken ze in hun Pashto- en Dari-uitzendingen over alternatieven voor de Talibaan.''

Dit artikel is onder meer gebaseerd op rapporten van Clandestineradio.com en BBC Monitoring (www.monitoring.bcc.co.uk).