Van der Moolen op beurs VS

Na de eerste beursnotering gisteren in New York daalde de koers van het Nederlandse Van der Moolen. ,,We hebben nog wat tijd nodig.''

Van der Moolen staat sinds gisteren genoteerd op de New Yorkse effectenbeurs. Het 109 jaar oude Amsterdamse hoekmansbedrijf ziet de notering als een ,,verplichting'' aan Amerikaanse aandeelhouders, die meer dan een kwart van het bedrijf in handen hebben.

,,De notering maakt het voor Amerikanen makkelijker om in Van der Moolen te beleggen en zij geeft ons de mogelijkheid om bij de acquisitie van bedrijven in aandelen te betalen'', aldus bestuursvoorzitter Fred Böttcher. Bij de notering worden geen nieuwe aandelen uitgegeven, omdat het bedrijf naar eigen zeggen geen extra kapitaal nodig heeft. Van der Moolen is na een reeks overnames de op vier na grootste specialist op de vloer in New York.

Van der Moolen, dat op de Big Board wordt verhandeld als VDM, opende op 23,75 dollar, en gleed later op de dag iets af naar 23,10 dollar. ,,Er is aardig wat belangstelling'', zei John G. Ketterer III van specialist firm Walter Frank, de specialist (ofwel exclusieve orderverwerker) van de gloednieuwe stukken VDM, 's ochtends op de vloer. ,,Het aandeel is een beetje ondergewaardeerd, dus ik denk dat er nog wel wat rek in zit.'' Juist op dat moment stapte er een handelaar op Ketterer af met een briefje ,,sell 2000''. Ketterer: ,,We hebben nog wat tijd nodig.''

Buitenlandse fondsen noteren op de New York Stock Exchange niet als originele aandelen maar als American Depositary Receipts (ADR's). Dat betekent dat een bank als de Bank of New York, Citibank of JP Morgan bij aankoop van aandelen de positie inneemt voor de Amerikaanse belegger op de Amsterdamse beurs. Dat brengt hogere transactiekosten met zich mee – zo'n drie a vijf cent extra per honderd aandelen.

Hans Kroon, oudgediende van Van der Moolen en nu president-commissaris, was speciaal uit zijn woonplaats Monaco komen overvliegen om de ceremonie bij te wonen. Op een onbewaakt ogenblik greep Michael LaBranche, de bestuursvoorzitter van de gelijknamige, grootste specialist-firma in New York, Kroon bij de schouders om hem een dikke pakkerd te geven. ,,Is een goed vriendje van me'', aldus Kroon even later. ,,We zijn een grote familie.''

LaBranche is het enige andere overgebleven onafhankelijke hoekmansbedrijf in de top vijf van New York, en ook de enige andere die zelf op de NYSE staat genoteerd. De overige drie, Spear Leeds & Kellogg, Fleet Meehan en Wagner Stott Bear zijn in handen van respectievelijk Goldman Sachs, Fleet Bank en Bear Stearns.

Van der Moolen, dat de afgelopen vijf jaar acht Amerikaanse concurrenten heeft overgenomen, is nu specialist van 317 bedrijven op de Big Board, ofwel 12 procent van het totaal. LaBranche heeft er 596, ofwel 23 procent, en vertegenwoordigt ook meer grote namen, negen, waaronder AT&T, American Express en Ford. Hewlett Packard is Van der Moolens grootste fonds uit de Dow Jones Index, daarnaast is het specialist in Pfizer.

Böttcher is ,,tamelijk trots'' op de vlucht die Van der Moolen heeft genomen, van Amsterdams bedrijf tot een internationale ,,liquidity provider'', die meer dan zeventig procent van zijn omzet uit de Verenigde Staten haalt, maar een sterke aanwezigheid behoudt in ,,opkomende markten'' in Europa.