Ontsnapping naar de kindertijd

Saskia van Schaik maakte een tv-documentaire over de legendarische Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker (1933-1965). Over haar literaire nalatenschap is internationaal onenigheid uitgebroken.

De Zuid-Afrikaanse dichteres Ingrid Jonker (1933-1965) was al tijdens haar leven een cult-figuur, maar na haar zelfgekozen dood werd ze een legende. Wat wil je: een aantrekkelijke jonge dichteres wier eerste dichtbundel onmiddellijk bejubeld wordt, die een rebels bestaan leidt, een tweede bundel met originele liefdesgedichten publiceert en vervolgens op 32-jarige leeftijd de zee in loopt - zo iemand spreekt tot de verbeelding. Haar laatste woorden, genoteerd in een tijdschrift, luidden: `Ik kan niet meer. Ik kan niet beter.'

Ingrid Jonkers reputatie bleef niet beperkt tot het kleine wereldje van de Afrikaner literatuur. Door de nauwe verwevenheid van persoon en werk raakte haar naam ook bekend bij jonge zwarte schrijvers en activisten. ,,We hadden grote sympathie voor Ingrid Jonker, omdat ze haar stem verhief tegen de apartheid'', zegt schrijver Zakes Mda (52), een tiener in de tijd dat Jonkers tweede dichtbundel, Rook en Oker, uitkwam. Daarin is het befaamde gedicht `Die Kind' (door Gerrit Komrij in het Nederlands vertaald als `Het kind dat doodgeschoten is door soldaten bij Nyanga') opgenomen, een demonstratieve aanklacht tegen het Zuid-Afrikaanse regime.

Jonkers bekendheid over de kleurgrens betekende niet dat haar poëzie ook gelézen werd onder zwarten. ,,We moeten niet vergeten dat veel zwarte jongeren rebelleerden tegen het Afrikaans als de taal van de onderdrukker,'' zegt Mda. Hij betwijfelt of jonge zwarte dichters vandaag de dag nog weten wie Ingrid Jonker is. De dichter Zee Cube (23): ,,Jonka? Doesn't ring a bell.'' Na enige uitleg over `Jonka': ,,Het soort poëzie dat wij schrijven is heel direct, in your face. We laten ons inspireren door Afrikaanse schrijvers als Achebe en Soyinka, en door zwarte Amerikaanse auteurs als Tony Morrisson en Alice Walker. Een dichter naar ons hart? Dambudzo Marechera.'' Dambudzo Marechera is ook een jonggestorven cult-dichter, maar dan een zwarte (uit Zimbabwe), ooit wel `de zwarte Rimbaud' genoemd, en de held van veel jonge dichters uit zuidelijk Afrika.

Echte Jonker-lezers en -liefhebbers bevinden zich vooral onder hedendaagse dichters die in het Afrikaans schrijven, denkt redacteur Nelleke de Jager van uitgeverij Tafelberg in Kaapstad. Tafelberg probeert nieuw Afrikaans dichttalent te ontwikkelen en stuit geregeld op Jonker-invloeden onder jonge dichters. ,,Ze hebben bijna allemaal affiniteit met haar,'' zegt De Jager. ,,Je ziet vaak een haast metaforische identificatie met Jonkers werk, vooral bij de vrouwelijke dichters.'' Dichteres Elsibe Loubser (32), een van de Tafelberg-dichters: ,,Oh ja, Ingrid Jonker is een van mijn lievelingsdichters. Ik blijf haar poëzie lezen en herlezen. Dat heeft zeker invloed op mijn eigen werk, niet zozeer in de stijl van schrijven, maar vooral in het verbeelden van emoties. Jonker werkt met pijn, dat doe ik ook. En ze is een escapist, ze keert terug naar de natuur en de kindertijd. Die romantische ontsnapping uit de werkelijkheid sluit aan bij wat ik schrijf.''

Schoolboeken

,,Ingrid Jonker is deel van het Zuid-Afrikaanse culturele erfgoed. Haar werk is bewust of onbewust aanwezig in de geest van talloze Zuid-Afrikanen'', meent Andries Oliphant, als docent vergelijkende Afrikaanse literatuurwetenschap verbonden aan de Universiteit van Zuid-Afrika in Pretoria.

Vergelijkend onderzoek van Jonkers poëzie met oeroude liederen van de San, Zuid-Afrikaanse bosjesmannen, leidde tot de ontdekking van opmerkelijke gelijkenissen op akoestisch niveau, zegt Oliphant. ,,Kijk, er zijn literatuurwetenschappers die betogen dat de Zuid-Afrikaanse literatuur zich door het kolonialisme en de apartheid in een isolement heeft ontwikkeld. Ik ben het daar niet mee eens. Volgens mij zijn er altijd individuele dichters geweest die goed beseften waar ze zich bevonden, die invloeden van over de etnische grenzen ondergingen.'' Ingrid Jonker is daarvan een goed voorbeeld, meent Oliphant. Gevolg is dat Jonkers poëzie voor lezers van verschillende kleur en achtergrond toegankelijk is. ,,We moeten niet vergeten dat elk kind op school poëzie krijgt. Jonker is aanwezig in de schoolboeken. Ik weet dat, want ik schrijf voor scholen.''

Bovendien, zegt Oliphant, staat Jonker in alle belangrijke bloemlezingen, zowel in het Afrikaans als in Engelse vertaling. Ook nu weer in het nieuwe Groot Verseboek, samengesteld door schrijver André Brink. ,,Met andere woorden, Jonkers poëzie is altijd in circulatie. Die poëzie is essentieel in de Zuid-Afrikaanse literaire canon.''

Maar hoe trots is Zuid-Afrika op zijn literaire canon? In de grootste boekhandel van Johannesburg, Exclusive Books, in de rijke noordelijke buitenwijk Sandton, is niets van Jonker beschikbaar. Je moet dus naar Pretoria, naar de academische boekhandel voor Afrikaanstalige literatuur.

En dan is er de kwestie van Jonkers nalatenschap. Toen schrijver Henk van Woerden twee jaar geleden bezig was met een uitgebreid nawoord bij Ik herhaal je, een selectie uit het werk van Ingrid Jonker, in het Nederlands vertaald door Gerrit Komrij, stuitte hij op een muur van onwil bij de neef van Jonker toen hij vroeg om inzage in de nagelaten documenten. Neef Anthony Bairos was in het bezit gekomen van Jonkers nalatenschap na de dood, in 1997, van zijn moeder Anna, een zus van Ingrid. Anna wilde een biografie over Ingrid schrijven en had de papieren via de Ingrid Jonker Trust in beheer gekregen. Neef Anthony eiste van Van Woerden geld voor inzage. Toen Gerrit Komrij - inmiddels een goede bekende in Zuid-Afrika vanwege zijn historische bloemlezing De Afrikaanse poëzie in duizend en enige gedichten - dit ter ore kwam, besloot hij te informeren of de nalatenschap te koop was. Het ging om drie koffers vol correspondentie, notitieboekjes, manuscripten en foto's. Neef Anthony hapte onmiddellijk toe en vroeg 100.000 rand (circa 35.000 gulden). Komrij betaalde de helft. In de Afrikaner kranten verscheen een berichtje over Komrij's aankoop. Niemand reageerde. Totdat de ingeslapen Ingrid Jonker Trust, na Jonkers dood opgericht met de bedoeling haar dochtertje Simone financieel te steunen - zich achter het oor begon te krabben: behoorden die papieren niet wettelijk toe aan Simone?

Onrechtmatig

Ineens was de Zuid-Afrikaanse literaire wereld te klein: Komrij had de nalatenschap van een van Zuid-Afrika's grootste dichters op onrechtmatige wijze uit het land weggehaald!

,,Komrij was zich van geen kwaad bewust'', zegt de Zuid-Afrikaanse dichter en radiomaker Daniel Hugo, die Komrij op diens verzoek met neef Anthony in contact bracht. ,,Hij wist niet beter of Anthony was de officiële erfgenaam en niemand anders had interesse in de koop van de documenten. En aangezien Henk van Woerden het plan had opgevat een biografie over Jonker te schrijven, dacht hij Van Woerden daarmee mooi te kunnen verrassen.'' Volgens Hugo heeft zich vier jaar lang geen enkele Zuid-Afrikaanse letterkundige instantie bekommerd om Jonkers nalatenschap. ,,Bovendien hebben de papieren nog zowat een half jaar in Zuid-Afrika gelegen voordat ze naar Komrij in Portugal gingen'', zegt Hugo. ,,En geen haan die ernaar kraaide. Ook niet de Ingrid Jonker Trust.''

,,Dat is niet waar!'', zegt een diep-verontwaardigde André Brink, schrijver en destijds de geliefde van Ingrid Jonker. ,,Heel weinig mensen wisten waar de documenten waren. Niemand wist dat Anthony ze wilde verkopen. Die verkoop is onrechtmatig en immoreel. De papieren zijn afgepikt van de dochter van Jonker! Zij is de wettelijke eigenaar.''

Volgens Brink zou het een `moreel juiste daad' zijn als Komrij de papieren terugbracht naar Zuid-Afrika. ,,Het feit dat ze niet meer in het land zijn, vind ik ontstellend.'' Waarom toonde geen enkel letterkundig museum of universiteit belangstelling, zoals Hugo beweert? Brink: ,,Er is voor dat soort dingen heel weinig geld in het huidige tijdsgewricht.'' Maar dan schakel je toch het bedrijfsleven in? ,,De corporate world moet hier nog wakker geschud worden.''

Gerrit Komrij is niet onder de indruk van Brinks verontwaardiging. ,,Iedereen wist al jaren dat Anthony Bairos met die papieren liep te leuren. Hij heeft zelfs gedreigd de hele zaak in zee te gooien, omdat niemand er een cent voor over had'', reageert hij vanuit zijn hotel in Amsterdam. ,,Ik wilde de documenten eenvoudigweg veiligstellen. Ik had niet gedacht dat ik zoveel kwaadwilligheid over me heen zou krijgen.'' De aankoop heeft volgens Komrij geen morele kant. ,,De hele correspondentie van P.C. Hooft zwerft door Amerika, die van Henry Miller bevindt zich in Duitsland. Overal ter wereld heb je verzamelaars, het is doodnormaal, behalve blijkbaar in Zuid-Afrika.'' Toch heeft Komrij er geen probleem mee als de documenten zouden terugkeren naar Zuid-Afrika. ,,Maar ik wil dan wel de garantie hebben dat ze voor iedereen toegankelijk zijn en dat ze verder intact blijven. In het verleden hebben ze in een letterkundig museum gelegen, toen is er veel ontvreemd en aan derden doorgespeeld.''

Mopperend sluit Komrij af: ,,Het is treurig dat men in Zuid-Afrika niet in staat is geweest om al was het maar duizend rand bij elkaar te brengen. Ze mogen blij zijn dat zich geen handelaar heeft aangediend die de zaak brief voor brief op de veiling heeft gebracht.''

De documentaire `Korreltjie niks is my dood' wordt uitgezonden door de VPRO, woe 24 okt. 20.30 u, Ned. 3.

Gerrit Komrij: `Ik had niet gedacht dat ik zoveel kwaadwilligheid over me heen zou krijgen'