FBI negeerde waarschuwing CIA voor terreur

Stond er nu wel of niet `dringend' op een memo van de CIA aan de FBI over terreurdreiging? Gekissebis hierover wijst op een fataal gebrek aan samenwerking.

Het is een welles-nietes spel geworden. De Amerikaanse inlichtingendienst (CIA) heeft de federale recherche (FBI) op 27 augustus gewaarschuwd dat vier terroristen uit het Bin Laden-netwerk in de Verenigde Staten waren aangekomen, aldus de Los Angeles Times. De FBI ontkent niet zo'n bericht te hebben ontvangen, maar beweert dat de CIA er niet bij heeft gezegd dat het urgent was.

Onzin, zegt de CIA. Er stond `immediate' op het bericht, de op een na hoogste alarmering (alleen `flash' is hoger, maar die wordt uitsluitend gebruikt voor uitzonderlijke situaties zoals een oorlog). In het bericht werden vier namen genoemd, onder wie die van Khalid Al-Midhar en Nawaq Al-Hamzi, twee van de daders van de aanslagen van 11 september. De CIA schrijft ondermeer dat de twee banden hebben met de Egyptische Islamitische Jihad, die weer verbonden is met het Al-Qaeda netwerk van Osama bin Laden.

Volgens FBI-medewerkers was er echter geen sprake van `immediate'. Er zou alleen in het bericht hebben gestaan dat de vier onmiddellijk (`immediately') op de speciale lijst van de immigratie- en naturalisatiedienst moesten worden gezet. ,,Dat was het enige doel'', aldus een FBI-medewerker. ,,De FBI werd niet gevraagd iets speciaals te ondernemen''. En trouwens, waarom kreeg de FBI pas eind augustus te horen dat Al-Midhar op 4 juli was aangekomen?

De FBI heeft wel actie ondernomen, maar de zoektocht liep dood. De agenten hadden geen andere aanwijzingen dan namen, paspoortnummers en eerdere verblijfplaatsen. Op 10 september, één dag voor de aanslagen, gingen ze nog eens te rade bij de immigratiedienst in de hoop op meer aanwijzingen.

Toch is het de vraag hoe goed de FBI werkelijk heeft gezocht. Als ze in Californië bij de afdeling rijvaardigheidsbewijzen hadden geïnformeerd, dan hadden ze van beide kapers adressen gevonden in de buurt van San Diego. Ook via het creditcardbedrijf Visa, waarmee de twee kapers – op hun eigen naam – via internet tickets bestelden voor de fatale vluchten, waren hun adressen gemakkelijk te achterhalen geweest.

Volgens het tijdschrift The New American heeft de FBI de afgelopen jaren signalen over een dreigende grote aanslag te gemakkelijk naast zich neergelegd. Ten onrechte werd na 11 september gezegd dat de combinatie van kaping en zelfmoordactie een nieuwe fase in het terrorisme inluidde. Zo hebben Algerijnse kapers van een Airbus A300 van Air France al in 1994 geprobeerd het toestel in Parijs te pletter te vliegen. Tijdens een tussenlanding in Marseille – waar een grote hoeveelheid extra brandstof werd geëist – werden de kapers door anti-terreureenheden gedood. Overigens waren de kapers wellicht niet van plan zelf te vliegen. Als de piloot niet gedwongen zou kunnen worden, waren ze mogelijk van plan het vliegtuig boven Parijs op te blazen.

In 1995 werden FBI en CIA door de Filippijnse geheime dienst op de hoogte gebracht van een operatie met de codenaam `Bojinka' (`harde knal'), waarbij terroristen van Al-Qaeda tegelijkertijd een aantal vliegtuigen zouden opblazen en één vliegtuig zich in het hoofdkwartier van de CIA in Virginia moest boren. Al sinds 1996 was de FBI bovendien op de hoogte van het feit dat mensen met banden met Al-Qaeda vliegscholen gebruikten om grote verkeersvliegtuigen te leren besturen.

,,Alle regels zijn veranderd'', schrijft CIA-directeur George Tenet in een deze week uitgelekt memo van 16 september, waarin hij een onmiddellijk einden van het gekissebis tussen de verschillende diensten eist. ,,We hebben geen tijd voor allerlei bijeenkomsten om problemen op te lossen. Los ze op – snel en intelligent.''