Exodus

Het is het einde van een werkdag. De mensen stromen samen op de perrons en wachten. Tot een stem omroept dat de trein `helaas' niet zal rijden. De volgende trein valt ook uit. Steeds meer mensen verzamelen zich op de perrons. Uit een luidspreker klinkt krakend dat er een `ongeluk' is gebeurd.

De stampvolle treinen die uiteindelijk vertrekken stranden halverwege in een niemandsland `in verband met een stroomstoring'. Voor het station staan duizenden mensen te telefoneren.

Ik ga liften, als vroeger. De derde auto stopt. De bestuurder blijkt een Deen. Wij wisselen in het Engels wat informatie uit. Ik ben op vakantie in een vreemd land. Tussen de weilanden lopen overal mensen met tassen. ,,Een exodus als na een ramp'', zeg ik.

,,Eén troost'', antwoordt de Deen droog, ,,ze gaan allemaal naar huis.''