Wat we nooit meer kunnen:

Zingen `Brigitte Bardot, Bardot. Die heeft ze niet zo, maar ZO'.

Zeggen dat een nieuwe baan een uitdaging is.

Geloven dat je met vierhonderd gulden en zonder bankpas of creditcard drie weken op vakantie kunt gaan in Noorwegen.

Kiezen tussen vijf cent om televisie te kijken of een dubbeltje om een ijsje te kopen.

Een staartdeling maken.

Blij zijn met een glaasje ranja.

Slappe floppies in de computer stoppen nadat je ze zelf geformatteerd hebt.

Met de handpalmen de vloer aanraken zonder de knieën te buigen.

Zeggen: `Doet u mij maar een halfje bruin, bakker.'

Vertellen dat je voor een tijdje onbereikbaar bent.

Geloven in de goedheid van de mens.

Opgewonden raken omdat je voor het eerst een buitenlander tegenkomt die je niet kunt verstaan.

Op straat voetballen.

Wachten tot de tv-storing voorbij is zonder verder te zappen.

Een nacht wakker blijven omdat er voor het eerst iemand op de maan gaat lopen.

Zeggen: `Als je de oorlog had meegemaakt, zou je wel anders piepen.'

Beromünster opzoeken op de radio.

De heftige wellust voelen toen je voor het eerst van je leven blote borsten mocht aanraken.