Rechtse coalitie in Noorwegen

De Noorse regering van sociaal-democraat Jens Stoltenberg heeft gisteren zijn ontslag ingediend om plaats te maken voor een rechtse coalitie bestaande uit conservatieven, christen-democraten en liberalen. Hoewel de conservatieve partij (38 zetels) van deze drie veruit de grootste is, wordt de populaire christen-democraat Kjell Magne Bondevik, wiens partij beschikt over 22 zetels, de nieuwe premier. De nieuwe coalitie kan alleen regeren met parlementaire steun van de populistische Vooruitgangspartij van Carl I. Hagen, die in het verleden door de andere partijen altijd is genegeerd.

De conservatieven hebben hun overwinning vooral te danken aan de belofte het dure belastingstelsel te hervormen. ,,Wij zullen van de nieuwe situatie gebruikmaken om scholen te helpen, belastingen te verlagen en Noorwegen te moderniseren', zei de conservatieve leider Jan Petersen na de verkiezingsoverwinning in september.

De Noorse kiezers vonden het in de afgelopen jaren steeds moeilijker te accepteren om te bezuinigen op sociale voorzieningen terwijl er, vooral door de oliewinning, ieder jaar een begrotingsoverschot is van tientallen miljarden guldens. De sociaal-democraten – met 43 zetels nog steeds de grootste partij – hielden vast aan dit beleid uit vrees voor een oververhitting van de Noorse economie en om een fonds in te richten voor als de oliereserves op zijn.