Franse UMTS-licenties gaan in de ramsj

De Franse regering lijkt een oplossing te hebben gevonden voor het fiasco rond de licenties voor derde generatie mobiele telefonie (UMTS). In plaats van een belachelijke 5 miljard euro moet een UMTS-licentie nu een vast bedrag van 619 miljoen euro opbrengen, naast een variabel bedrag dat is gebaseerd op de omzet. De looptijd van de licenties is 20 jaar in plaats van 15 jaar. Daardoor hebben bedrijven langer de tijd om hun investeringen terug te verdienen. De bewering van de regering dat het nieuwe systeem net zoveel geld oplevert als het vorige, is een fabeltje. Volgens sommige schattingen wordt de nettowaarde van de licenties gehalveerd naar 1,5 miljard euro.

Er zijn twee redenen voor de koerswijziging. De staat wil graag zoveel mogelijk geld incasseren, maar oefent ook de controle uit over France Telecom, dat lijdt onder de licentiekosten - niet alleen in Frankrijk, maar ook in Engeland en Duitsland. Er waren ook maar twee kopers voor vier UMTS-licenties. Het was moeilijk in te zien hoe de twee overgebleven licenties verkocht konden worden zonder radicale stappen te nemen. Vivendi en France Telecom hadden zelfs al gedreigd om niet te betalen voor de licenties die ze gekocht hadden.

Nu kan Bouygues, de eigenaar van het derde netwerk voor mobiele telefonie in Frankrijk, die de 'schoonheidswedstrijd' voor de UMTS-licenties boycotte, alsnog aan het spel meedoen. Dan moet het wel de financiering zien rond te krijgen voor het uitbouwen van het netwerk, waardoor de positie van minderheidsaandeelhouder Telecom Italia versterkt zou kunnen worden. Deutsche Telekom en het Spaanse Telefonica Moviles zijn wellicht ook geïnteresseerd in de Franse markt.

Sommige telecommanagers, zoals topman Michel Bon van France Telecom, hopen dat het Franse besluit ook Duitsland en Engeland ertoe zal brengen hun nog hogere prijzen voor UMTS-licenties te herzien. Dat is niet erg waarschijnlijk. Met name in Duitsland doet zich eerder het tegenovergestelde voor: er zijn daar nu juist te veel aanbieders van mobiele telefonie.

De hele geschiedenis maakt duidelijk dat veilingen (het systeem dat in Engeland en Duitsland is gebruikt) te preferen zijn boven 'schoonheidswedstrijden' zoals in Frankrijk. Hoewel de mobieletelefoniebedrijven in Engeland en Duitsland nu veel spijt hebben van de hoge bedragen die ze moesten neertellen, hebben ze vrijwillig meegedaan aan een open veiling. In Frankrijk hebben de bureaucraten geprobeerd de prijs zelf vast te stellen. Daardoor halen ze nu maar een fractie van het bedrag binnen dat hun marktgeöriënteerde tegenvoeters konden innen.

Onder redactie van Hugo Dixon. Voor meer commentaar: zie www.breakingviews.com. Vertaling Menno Grootveld