In Zuidoost-Azië daalt alles, ook het optimisme

Opeenvolgende mondiale crises brengen de waarheid aan het licht over de Zuidoost-Aziatische economieën. Export is niet langer het redmiddel.

Nergens worden economieën zwaarder getroffen door de aanslagen van 11 september en de nasleep ervan dan in Zuidoost-Azië. Ian Kinniburgh, directeur analyse ontwikkelingsbeleid van de Verenigde Naties meent dat het economische groeicijfer voor 2001 voor de hele regio niet 4,1 procent zal zijn, zoals tot 11 september werd aangenomen, maar slechts 1,7 procent. Singapore, Thailand en Maleisië, landen die sterk afhankelijk zijn van hun export van elektronica, zouden volgens Kinniburgh dit en volgend jaar al stevige klappen krijgen. De reisbranche komt daar nu bij.

In Singapore hebben tientallen reisbureaus hun deuren moeten sluiten. Vrijwel alle 7.000 werknemers van de resterende Singaporese reisorganisaties vrezen dat hun baan elk moment kan verdwijnen. Grote reisbureaus hebben hun personeelsbestand verminderd met zo'n tien procent. Salarissen zijn (net als die van ambtenaren) met hetzelfde percentage gedaald – zonder morren van de gezeglijke Singaporese werknemers.

Thailand, Indonesië en de Filippijnen schatten ruwweg dat het aantal bezoekers met ten minsten dertig procent zal dalen. Maleisië kan alleen maar hopen dat het bij dat percentage blijft. Het land afficheert zichzelf als een gematigde islamitische staat, maar dat wordt volgens minister Ng Yen Yen van Toerisme niet overal begrepen. Reizigers uit vooral Amerika en Europa laten Maleisië links liggen, zeker nadat miltvuur vanuit dit land naar de VS is gestuurd. Maleisië staat net als Indonesië ineens te boek als een broeinest van islamitische terreuractiviteiten op grote schaal.

Tegelijk met het toerisme heeft het zakelijke grensoverschrijdende verkeer een knauw gekregen. Buitenlandse bedrijven, vooral Amerikaanse, verbieden hun (top)mensen te reizen. Congressen en andere bijeenkomsten zijn er daardoor niet meer bij. En het met een handdruk bekrachtigen van zakendeals evenmin. Investeringen worden uit- of afgesteld, video-conferencing wordt populair en de vraag naar kantoorruimte neemt overal af met tussen de 2,8 (Singapore) en 8,5 (Manila) procent.

Al met al waart een zeker `Ook dat nog!-sentiment' sinds 11 september door Zuidoost-Azië. Eerst was er de financiële crisis die de regio in 1997 en 1998 trof. Toen de meeste landen daar eind vorig jaar overheen leken te zijn, begon de afkoeling van de voor Zuidoost-Azië cruciale Amerikaanse economie – ongeveer eenderde van de export gaat naar de VS. Groeiprognoses werden naar beneden bijgesteld, maar alom nam men aan dat begin 2002, misschien zelfs al eind dit jaar, weer groeicijfers in de boeken zouden komen van het vertouwde Aziatische niveau – tussen de 4 en 8 procent.

Van zulk optimisme kan geen sprake meer zijn na de terroristische aanslagen in New York en Washington en de militaire acties van de VS in Afghanistan. Het gecombineerde effect van de Amerikaanse afkoeling, de afwezigheid van de EU als alternatieve handelspartner en het door `11 september' gedecimeerde consumentenvertrouwen brengt de waarheid aan het licht omtrent de staat van de Zuidoost-Aziatische economieën. Die blijken de gevolgen van de crisis van 1997/'98 nog niet te boven en bijna even kwetsbaar als toen.

De regio wist zich aanvankelijk uit die crisis te exporteren, maar daarmee is Zuidoost-Azië net zo gevoelig voor externe factoren als in 1997. Toen was het buitenlands kapitaal dat even snel in economieën werd geïnjecteerd als eraan werd onttrokken. Nu is het buitenlandse vraag naar goederen. Dat die is ingestort blijkt uit cijfers van de verschillende producerende sectoren: in de Filippijnen groeide die sector vorig jaar nog met 5,6 procent, in de eerste zes maanden van dit jaar nog maar met 3 procent. Veel alarmerender is de situatie in Maleisië en Singapore. Daar zijn de sectoren gekrompen met respectievelijk 1,6 en 3,9 procent, nadat ze in de twee voorgaande jaren steeds met zo'n 15 procent groeiden.

Zuidoost-Aziatische landen durven niet langer optimistisch te zijn over hun vooruitzichten. Kort na 11 september viel alom te beluisteren dat de langetermijneffecten van de aanslagen in de VS gering zouden zijn. Maar dat geluid is verstomd sinds president Bush heeft gezegd dat de strijd tegen het terrorisme wel twee jaar kan duren. De meest gewaagde voorspelling is nu dat de economie op zijn vroegst halverwege 2002 zal oppikken. Maar die rebound zal aanzienlijk minder spectaculair zijn dan wat Zuidoost-Azië voor 11 september hoopte.