Halfje, tweuro en twent

,,Eerstdaachs wordt er in ons land 'n nieue munt in de wandeling gebracht, 'n bronsen muntstuk, ter weerde van 2 1/2 cent. Hoe zal men die munt noemen in de dageliksche spreektaal? Zal men zeggen: een stuk van twee-en-een-halve cent? Dat is veel te omslachtig! Zal men zeggen: een stuk van een halve stuiver? Dat is ook te lang! Hoe dan?'' Dit schreef de indertijd beroemde letterkundige Johan Winkler in 1877 in het tijdschrift De Navorscher.

Binnenkort zitten wij met hetzelfde probleem. In aantocht zijn onder andere munten van 2, 20 en 50 eurocent en van 2 euro – waarden die wij nu niet kennen en waarop we dus geen bestaande namen kunnen loslaten.

Een belangrijke vraag is natuurlijk: moeten daar dan namen voor komen? Wat heet `moeten'? In de praktijk blijkt dat ze er vanzelf komen. Daar hoef je als overheid of taalkundige niets aan te doen; ze ontstaan gewoon, onder het volk, en als ze aanslaan zijn ze zó algemeen verbreid. Zo werd het nieuwe biljet van honderd gulden indertijd in no time snip genoemd. Dergelijke volksnamen kunnen trouwens ook weer snel verdwijnen. Uit de afgelopen eeuwen zijn zo'n tweehonderd volksnamen voor geld bekend, maar de meeste zeggen ons niets meer.

Johan Winkler had een voorstel. Hij wist dat in Vlaanderen een munt van vijf centiem een kluit werd genoemd, dus hij suggereerde halve kluit. Anderen wisten hem te melden dat die naam in Nederland al werd gebruikt, samen met groot. Vervolgens gingen de dagbladen zich ermee bemoeien. Een krant stelde de naam viertje voor, want een munt van 2 1/2 cent is een vierde van een dubbeltje.

Van dat viertje is niks meer vernomen, maar kluit en groot hebben nog een tijdje dienst gedaan, samen met onder meer botje, kleintje, plak en schol.

Ook nu duiken hier en daar voorstellen op voor namen voor de nieuwe euromunten. In het tijdschrift Onze Taal suggereerde iemand twent voor 2 eurocent, vierstuiver voor 20 eurocent, halfje voor 50 eurocent en tweuro voor 2 euro.

Halfje, dat ooit werd gebruikt voor `halve cent', maakt vast een kans, maar twent en tweuro lijken mij kansloos. Maar je weet nooit.