`Biotechnologie helpt tegen honger'

Zo'n 800 miljoen mensen zijn nog ondervoed. Juist met het oog op deze armen breekt Mark Malloch Brown, hoofd van UNDP, een lans voor biotechnologie.

Met grote bezorgdheid zag Mark Malloch Brown, hoofd van UNDP, de ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties, de afgelopen jaren de afkeer groeien bij ontwikkelingswerkers tegen moderne Westerse technologie. ,,Er was een bijna instinctieve vooringenomenheid tegen Westerse technologie ontstaan. Ze waren hoofdzakelijk nog in zonne-energie, wind-energie en de traditionele geneeskunst geïnteresseerd'', zei hij gisteren in een hotel in Amsterdam, waar hij een conferentie over de ontwikkeling van Afrika bijwoonde.

Biotechnologie, waarmee gewassen door genetische ingrepen resistenter kunnen worden en sneller kunnen groeien, was in de ogen van met name Europese ontwikkelingsorganisaties uit den boze. In Nederland wezen (en wijzen) NOVIB, Greenpeace en andere organisaties deze technieken eveneens categorisch af. Het zou hier om `Frankenstein-voedsel' gaan.

Ten onrechte, vindt de Brit Malloch Brown. ,,Zolang er nog 800 miljoen mensen ondervoed zijn, kunnen we ons niet permitteren de mogelijkheden van biotechnologie te negeren. Vanzelfsprekend moeten we goed letten op de veiligheid van het milieu en op de veiligheid van het voedsel, maar er is geen reden om het onderzoek en de experimenten hiermee niet voort te zetten.''

In het Human Development Report 2001 van deze zomer bond het UNDP de kat de bel aan. Het beval de internationale gemeenschap nadrukkelijk aan de mogelijkheden van de biotechnologie te gebruiken, zij het op een voorzichtige manier. ,,Het is helemaal niet louter een hoera-rapport over biotechnologie geworden'', aldus Malloch Brown. ,,We richten ons ten minste evenzeer op de mogelijkheden voor informatie-technologie en verbeterde medicijnen. Maar dat is minder controversieel en de meeste aandacht ging uit naar wat we over biotechnologie zeiden.''

Het rapport wees op experimenten in een land als China, waar de opbrengst van genetisch gemodificeerde rijst 15 procent hoger was zonder dat de boeren iets extra's hoefden te doen. Bij proefnemingen met gemodificeerd katoen bleek dat de boeren drie tot dertig keer zo weinig pesticiden hoefden te sproeien als gewoonlijk. Overigens wijzen cijfers van UNDP uit dat tot dusverre 98 procent van de genetisch gemodificeerde gewassen in de Verenigde Staten, Canada en Argentinië wordt verbouwd. Het totale oppervlak beloopt nog maar 2,9 procent van het landbouwareaal wereldwijd. Maar zelfs in een land als India, waar ook verzet tegen genetisch gemodificeerde gewassen bestaat, ligt nu een wet voor om de verbouw daarvan toe te laten.

Malloch Brown wijst er op dat traditionele kruisingstechnieken en de biotechnologie heel dichtbij elkaar zijn komen te liggen. Hij haalt het voorbeeld aan van de Nerica-rijst in West-Afrika, een soort die het UNDP met Japanse steun ontwikkelde door een kruising van Aziatische en Afrikaanse rijst. ,,Al na 18 maanden heeft dat tot een gedaanteverwisseling van de landbouwproductie in West-Afrika geleid. De opbrengsten zijn met 50 procent gestegen, de rijst rijpt zo'n 40 dagen sneller en is beter bestand tegen ziekten en droogte. Er zijn geen extra kunstmest en pesticiden nodig.''

Nadrukkelijk wijst Malloch Brown de kritiek van de hand dat de biotechnologie alleen maar ten goede komt aan een zadenbedrijf als Monsanto. ,,Wij verstrekken onze zaden gratis aan de boeren en ook Monsanto ziet trouwens tegenwoordig voor arme boeren af van zijn copyright op zaden. Volgens mij komen we het verste wanneer de openbare en de particuliere instanties goed samenwerken.''

Malloch Brown kreeg gisteren, evenals afgelopen zomer, hartelijke bijval van minister Eveline Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking). ,,We schieten er niets mee op biotechnologie af te doen als een gevaarlijk speeltje van multinationals die hun controle over de voedselketen willen versterken'', verklaarde ze gisteravond in een rede in Amsterdam. Eerder had ze al verklaard `liever Frankenstein dan Magere Hein' te hebben. Herfkens waarschuwde tegen overdrijving met de veiligheidsnormen voor voedsel. Met controles op remsystemen in auto's en spoorwegovergangen wordt volgens haar ook een zekere soepelheid betracht.