Nieuwe regels doen afbreuk aan sport

Hockeyers staan sceptisch tegenover alternatieve spel- regels. In het korfbal woedt een ware stammenstrijd over voorstellen om de sport een dynamischer karakter te geven.

Geen sport die de eigen spelregels zo vaak tegen het licht houdt als het hockey, een discipline die al jaren dingt naar de gunst van het grote (tv-)publiek. In de permanente zoektocht naar verbetering en verfijning van de sport stelde een speciale werkgroep van de internationale hockeyfederatie FIH dit voorjaar drie wijzigingen voor, alle bedoeld om meer ruimte (lees: meer doelpunten), minder gevaar en meer overzicht voor scheidsrechter en publiek te creëren. Met lichte tegenzin besloot ook de Nederlandse hockeybond (KNHB) mee te werken aan het experiment.

Het opmerkelijkste voorstel is het opheffen van de cirkel, waardoor een doelpoging voortaan al vanaf de 23-meterlijn mag worden ondernomen. Verder wordt het aantal verdedigers in het 23-metergebied teruggebracht van elf naar maximaal acht. Bij een lange hoekslag dienen tenslotte alle acht verdedigers zich op de eigen achterlijn te bevinden. De lange corner moet daarbij buiten de cirkel worden gestopt, voordat een schot op doel volgt. Vorige week experimenteerden de hockeyers voor het eerst met de alternatieve regels in de Inter Cup, een serie oefenduels van de clubs uit de mannenhoofdklasse tijdens de onderbreking van de reguliere competitie.

Slechts twee van de drie voorstellen worden beproefd, omdat de KNHB weinig heil ziet in het omstreden schieten vanaf de 23-meterlijn. Reden daarvoor is de bekercompetitie (seizoen 1994-'95), toen ,,de praktijk uitwees dat die wijziging de sport meer kwaad dan goed deed, vooral vanwege het letselgevaar'', aldus oud-scheidsrechter Frank van 't Hek, tegenwoordig lid van KNHB-arbitragecommissie. Een rondgang langs spelers, coaches en bestuurders levert echter ook ditmaal een negatief beeld op. ,,Onnodig veel oponthoud'', ,,Nodeloos ingewikkeld'' en ,,Kennelijk verzonnen door mensen die zelf nooit meer op een veld staan'' zijn de meest gehoorde klachten.

Ook Ronald Jansen heeft zo zijn bedenkingen. Zo vreest de coach van landskampioen Den Bosch dat ,,die regel met drie man verplicht buiten `de 23' contraproductief zal werken, omdat niet het aanvallende maar juist het verdedigende hockey in de kaart wordt gespeeld''. Ook de alternatieve lange corner beschouwt de oud-international als water naar de zee dragen. ,,Het is een stap terug in de tijd. Twintig jaar geleden hadden we immers exact zo'n corner. Nu zal het vooral leiden tot meer strafcorners, omdat veel ploegen de bal onmiddellijk in de cirkel zullen spelen in de hoop zo snel mogelijk een strafcorner te versieren.''

Siegfried Aikman heeft geen goed woord over voor het experiment. ,,We zijn hard op weg de sport te vermoorden'', luidt het oordeel van de Kampong-coach. Volgens Aikman tasten ,,de aanhoudende reeks wijzigingen en experimenten'' de geloofwaardigheid van de sport aan. ,,De buitenstaander associeert hockey met gesleutel en gerommel met regels. Geen wonder dat ze afhaken en kiezen voor het voetbal, een sport die ze tenminste begrijpen en in tweehonderd jaar maar één regel (bedoelt terugspeelbal op keeper, red.) heeft gewijzigd. Meer ruimte creëren op het veld begint bij de technische en tactische inventiviteit van spelers en coach. Niet bij een of ander werkgroepje dat in zijn oneindige wijsheid een paar nieuwe regels op papier zet en een soort korfhockey nastreeft.''

De discussies in de korfbalsport over nieuwe spelregels leidden als vanouds tot een klassieke stammenstrijd. Op advies van marketingbureau Trefpunt trachtte de Nederlandse korfbalbond (KNKV) zijn imago niet alleen te verbeteren door tv-contracten af te sluiten met SBS en UPC. Ook de veelal ondoorzichtige spelregels moesten op de schop. ,,Het heeft tien jaar geduurd voor we van het middenvak waren verlost en we zijn nu ook al jaren bezig met het ontwerp van een nieuwe mand'', verzucht Ben Crum, het gezicht van het Nederlandse korfbal. ,,Nu moeten we coaches en spelers zien te overtuigen dat alleen een marktgerichte aanpak onze sport aanzien kan geven.''

Vooralsnog laat de achterban zich echter niet overtuigen. Het KNKV wilde al deze zaalcompetitie experimenteren met een zogeheten `schotklok', waarbij binnen twintig tot dertig seconden verplicht op de korf wordt geschoten. Het meest omstreden voorstel is het toestaan van het zogeheten `verdedigd schieten in beweging'. Bondsvoorzitter Cort van Dijk, bondscoach Jan-Sjouke van de Bos en Deetos-coach Crum pleiten voor een ruimere interpretatie van de in 1902 door Herman Broekhuijzen bedachte spelregels om het korfbal een dynamischer karakter te geven.

Namens de meeste coaches in de hoofdklasse trok Kees Rodenburg van DVO fel van leer tegen de plannen. ,,Het toestaan van verdedigd schieten leidt tot gemengd basketbal'', concludeert Rodenburg. ,,Ik stel het wat gechargeerd, omdat de bond anders niet luistert. Weet het kliekje rond voorzitter Van Dijk werkelijk hoe de buitenwacht over korfbal denkt? En wat dan nog? De clubs zijn sociale bolwerken in de maatschappij. Ik geloof niet in de marketingprietpraat van Ben Crum. Bovendien heeft het bondsbestuur ondemocratisch gehandeld. Als wetenschapper stel ik vast dat op basis van invalide data een onzalig experiment dreigt te worden ingevoerd. Maar aan verdedigd schieten weiger ik mee te doen.''

Op de brief van Rodenburg aan het bondsbestuur volgde een scherpe polemiek in het bondsblad, waarin voorzitter Van Dijk de coaches ,,navelstaren'' verweet. Crum: ,,Rodenburg en zijn collega's denken dat hun sport op een eiland plaatsvindt. Ze vergeten dat het korfbal meer dan honderd jaar oude spelregels hanteert, die zijn opgesteld volgens de pedagogische opvattingen van die tijd. Alleen in het korfbal moet de zwakkere nog tegen de sterkere worden beschermd. De coaches verzetten zich tegen verdedigd schieten uit angst dat de kleine verdediger niet langer is opgewassen tegen de lange topspeler. Maar in topsport hoort de sterkste toch te winnen? Wij moeten over onze grenzen heen durven kijken.''

Afgelopen zaterdag organiseerde het KNKV een discussiedag over de nieuwe regels, waarbij zowel coaches uit België als Nederland waren uitgenodigd. ,,Een politiek spel'', schampert Rodenburg. ,,België wordt nu liefdevol omarmd door het KNKV, omdat de bond inmiddels heeft ontdekt dat het niet op eigen gezag nieuwe regels kan invoeren. Ik vind dat andere regels eerst moeten worden getest op het eindejaarstoernooi. En als blijkt dat we een heilloze weg bewandelen, moeten we er subiet mee ophouden.'' Crum, relativerend: ,,Rodenburg trekt voorbarige conclusies. Voorzitter Van Dijk en ik worden nu door de mangel gehaald, terwijl we ons slechts willen bezinnen op de toekomst van de sport.''

Dit is het slot van een tweeluik over spelregelwijzigingen. De eerste aflevering stond in de krant van 13 oktober.