De fuif is over

Waar is de Duyvisman gebleven? In de nieuwe commercial treedt wel een joch op dat zichzelf met behulp van een virtual reality-bril en een zak tijgernootjes een fuif droomt, maar geen spoor van dat hinderlijk opdringerige type met zijn streepsnorretje en zijn vaste uitsmijter: ,,Even de Duyvis bellen om te vragen of er misschien ergens anders nog een fuif is...'' Na bijna tien jaar heeft de notenfabrikant, met dank voor de bewezen diensten, afscheid genomen van Gerard Cox.

En hij is niet het enige reclametypetje, dat dezer dagen is afgedankt. Eerder dit jaar verdween de geaffecteerde Peer Mascini uit de Melkuniereclame en deze maand kwam er ook een eind aan Cora van Mora. Het is alsof er een grote schoonmaak door de reclamewereld waart, die links en rechts slachtoffers maakt.

Gerard Cox moest het veld ruimen omdat de reclamemakers van Duyvis voortaan wat meer willen inhaken op het doordeweekse knabbelgedrag van de gemiddelde Nederlander. De extreme situaties waarin de Duyvisman terechtkwam, waren langzamerhand nogal ver afgedreven van de herkenbare consumptiepraktijk. De tekst `Duyvis, als er een fuif is' blijft voorlopig gehandhaafd, maar het karakter van de fuif is geheel veranderd.

Ook voor de snackfabrikant Mora heeft het afscheid – na zestien jaar – te maken met een koerswijziging. In het reclamevakblad Adformatie lieten de betrokkenen vorige week doorschemeren dat Cora allengs zo veel aandacht op zich vestigde dat het imago van de kroketten en de kipknotsen er enigszins onder begon te lijden. Na de persconferentie waarin Cora vaarwel zei, komt er een nieuwe campagne die, net als Duyvis, de eters in beeld wil brengen. Zodoende moeten ,,de plezierige emoties rond de frietmaaltijd'' voorop komen te staan.

Cora en de Duyvisman waren buitengewoon populair. Bij een publieksverkiezing van de reclamehelden van de eeuw, eind 1999 georganiseerd ter gelegenheid van de succesvolle tentoonstelling Reclamehelden in de Beurs van Berlage in Amsterdam, stonden ze alletwee in de top-10. Net als de al eerder gesneuvelde Reaal-oplichter Rijk de Gooyer (,,foutje, bedankt'') en Martine Bijl voor Hak, die eveneens op de nominatie staat uit de roulatie te verdwijnen.

De grote winnaar van deze verkiezing werd Peer Mascini als de Melkunieheer, wiens roem vooral te danken was aan het filmpje met de koe bij het zwembad en de wanhopige woorden: ,,Ik had nog zó gezegd – géén bommetje!'' Het lot wilde echter dat het komische succes alle aandacht wegtrok van de Boerenlandreeks waar het de zuivelfabrikant nu juist om begonnen was.

Mascini mocht daarna nog wel een tijdje blijven, maar hij sneuvelde toen men het merk Melkunie inruilde voor het internationaal klinkende Campina. Daarvoor zijn intussen ook al een paar nieuwe filmpjes gemaakt, maar erg opzienbarend waren die tot dusver niet.

Intussen dringt zich wel de vraag op of het schrappen van drie typetjes in één jaar nog toeval kan zijn. Komt er misschien een eind aan het typetjestijdperk in de reclame? Wie de reclamehelden van tegenwoordig bekijkt ziet een ander soort. Rijk de Gooyer en Maarten Spanjer spelen dat ze zichzelf zijn, terwijl ze vroeger de Reaalman of Beun de Haas waren. Het toeval wil zelfs dat Duyvis tien jaar geleden aanvankelijk met Spanjer in zee wilde gaan, ware het niet dat hij zich ,,doodongelukkig'' voelde in het rode schertsjasje en zodoende plaats moest maken voor Cox.

En ook vader en zoon Kraaykamp spelen zichzelf, evenals Boudewijn Büch. Baarden en snorren komen er niet meer aan te pas, evenmin als Cora's koddig bedoelde zachte g of het volkse Rotterdams van Gerard Cox. De overblijvers zijn stuk voor stuk naturel. Niemand weet of het typetje voorgoed uit de reclame verdwenen is, maar voorlopig lijkt het er wel op.