`Kinderopera in ons land nog onvolwassen'

Het Internationaal Jeugdopera Festival YO! in Utrecht biedt meer dan zingende sprookjesfiguren.

De kale betonnen garage van de Stadsschouwburg Utrecht vult zich langzaam met een grote groep rokende en duwende middelbare scholieren. ,,Gaan ze nou zingen en zo'', vraagt iemand zich zuchtend af. Maar in het opgevoerde voorproefje van de jeugdopera Patatje Oorlog door Buffo Operamakers gebeurt meer dan alleen zingen. Puberale desinteresse maakt vaker dan verwacht plaats voor een glimp belangstelling. Er wordt gegiecheld om de sexscène tussen een tippelaarster en een snackbarklant, gelachen om de op luide beatmuziek stuiterende frietboer Eddy en geschaterd waar gewoon mooi wordt gezongen.

,,Pubers zijn het eerlijkste en daarom ook het moeilijkste publiek'', beaamt Anthony Heidweiller, artistiek leider van en zanger in het Utrechtse jeugdoperagezelschap Buffo Operamakers en initiatiefnemer van het YO! Internationaal Jeugdopera Festival dat van 25 tot en met 29 oktober in de Utrechtse Stadsschouwburg plaatsvindt.

,,Het is keihard werken om deze jongeren stil te krijgen. Ze laten het meteen merken als ze iets niet interessant vinden. Maar dat ongeconditioneerde vind ik juist geweldig. Jíj bent als zanger degene die opera een plek geeft in hun denkwereld. Daarvan blijft altijd iets positiefs hangen, daar twijfel ik niet aan. Ik verwacht heus niet dat er morgen rijen staan bij de kassa van het Muziektheater, maar ik denk wél dat deze kinderen vanaf nu onbewust weten: 'Oja, opera! Dat is een uitingsvorm die prikkelt, die doet zwijgen, die aan het denken zet.' En dat is dan ónze verdienste.''Anthony Heidweiller nam het initiatief tot het jeugdoperafestival omdat jeugdopera een eigen plek moet vinden in het Nederlands muziekleven. ,,Ten opzichte van jeugdtheater en jeugdliteratuur is jeugdopera een braakliggend gebied. Een jeugdtheatergezelschap als `Huis aan de Amstel' brengt toneel over de Palestijnse kwestie. Zulk engagement is in jeugdtoneel al lang doodnormaal. De omstreden voorstelling Diep in het bos' van de Belgische jeugdtheatergroep Het Muziek Lod behandelde zelfs over Marc Dutroux. Terwijl het bos in kinder- en jeugdopera nog wordt bewoond door prinsen, elfen en kabouters. Dat vind ik even belachelijk als betreurenswaardig. Jeugdopera heeft zoveel méér te bieden dan alleen zingende sprookjesfiguren. Kinderen zien op het jeugdjournaal toch ook hoe vliegtuigen zich in torens boren, hoe leeftijdsgenoten verhongeren? Opera moet jongeren een spiegel voorhouden.''

Heidweiller, zelf oud-koorlid van De Nederlandse Opera, begon de voorbereidingen tot het eerste Internationaal Jeugdopera Festival twee jaar terug. In samenwerking met festivalmanager Saskia van de Ree realiseerde hij een opvallend ambitieus en indrukwekkend breed opgezet programma, met onder veel meer jeugdoperavoorstellingen uit vijf landen. Daarnaast is aan elke festivaldag een thema toegekend (libretto, regie, compositie, educatie), dat wordt uitgewerkt in lezingen, presentaties, discussies, workshops en masterclasses van onder andere Charlotte Margiono (opera) en Greetje Bijma (stemimprovisatie).

,,Charlotte Margiono en Greetje Bijma zijn voor mij pijlers van waar jeugdopera over zou moeten gaan'', stelt Heidweiller. ,,Margiono is beschermvrouwe van het festival omdat je ook in jeugdopera nooit het ambacht en de traditie van het zangersvak uit het oog mag verliezen. Zangers die jeugdopera zingen, moeten ook voor een Tosca, een Almaviva of een Wotan hun hand niet omdraaien. Natuurlijk is jeugdopera een aantrekkelijke optie voor pas afgestudeerde zangers, maar het mag absoluut geen vergaarbak worden van zangers die elders niet aan de bak komen. Dat zou funest zijn. Jongeren ruiken kwaliteit op een mijl afstand. Bovendien is het eigenlijke zingen de ruggengraat van elke vorm van opera. Als je aan de kwaliteit daarvan gaat tornen, is het einde zoek.''

Een van de aantrekkelijke facetten van jeugdopera is de ruimte voor het experiment. ,,Jeugdopera, dat is zélf opera maken'', benadrukt Heidweiller, en hij roffelt zich enthousiast op de borst. ,,Je moet een thema verzinnen, een librettist zoeken, decors ontwerpen. Alles is mogelijk, ook al zijn de middelen beperkt. Maar in die kleinschaligheid schuilt voor ons ook een artistieke noodzaak en een zeker avontuur. Noodzaak, omdat kinderen opera bijna moeten kunnen aanraken om zich te kunnen identificeren. Avontuur, omdat juist weinig middelen inspireren tot experimenteren. Wat schrijft een componist als er alleen budget is voor drie gitaren?''

Het tijdschrift De Theatermaker stelde vorige maand dat het experiment in de `grote' opera dood is. ,,Helemaar waar'', zegt Heidweiller. ,,Experimenten vind je in nieuwe regies van oude opera's, niet in nieuwe opera's. Dat gat moet worden opgevuld door nieuwe, kleinschalige opera's, waaronder die voor de jeugd. Het probleem is dat we nog ontzettend veel moeten uitproberen om actueel maatschappelijk engagement en geloofwaardigheid in opera te verenigen. Hoe zing je op een aansprekende manier straattaal? Wat dat betreft kunnen operazangers een voorbeeld nemen aan de vocale expressie van Greetje Bijma, die alle denkbare kleuren op haar stempalet heeft. Mooi zingen volstaat voor nieuwe opera niet meer.''

Anders dan in Nederland, bestaan er in steden als Keulen, Stuttgart en Helsinki al jeugdoperagezelschappen gekoppeld aan de reguliere operahuizen. ,,Zij maken voortdurend nieuwe jeugdopera's, hebben een eigen kap en grime-afdeling, alles'', vertelt Heidweiller dromerig. ,,Daar moeten wij ook naartoe. Over de mogelijkheden daartoe zal op het festival worden gesproken. Want met een uniek artiest als Frank Groothof, drie jeugdoperagroepen en af en toe een los project door jonge zangers is in Nederland een goed begin gemaakt, maar er moet nog veel gebeuren!''

YO! Internationaal Jeugdopera Festival. 25 t/m 29/10 Stadsschouwburg Utrecht. Info: (030) 2324102 of via yo (030) 2302023.