Bengaalse crimineel woont in Nederland

Een van de moordenaars van president Sjeik Mujibur Rachman van Bangladesh is ondergedoken in Nederland. Dat blijkt uit een onderzoek van de Binnenlandse Veiligheidsdient (BVD) dat deze zomer is afgerond.

De moordaanslag werd gepleegd in 1975, en in 1998 werd de man in Bangladesh bij verstek ter dood veroordeeld. De regering van Bangladesh vroeg Nederland in mei van dit jaar om uitlevering van de man.

Nederland heeft geen uitleveringsverdrag met Bangladesh. ,,Dus valt er ook niemand uit te leveren'', aldus een woordvoerder van het ministerie van Justitie. Daar komt bij dat de misdaad, volgens Nederlands recht, is verjaard.

Volgens de Indiase inlichtingendienst beraamde de man een nieuwe aanslag, nu op Mujibur Rachmans dochter Hasina die tot voor kort premier was van Bangladesh. De man, die in Breda woont, zou samenwerken met andere voortvluchtigen, met de Pakistaanse inlichtendienst en extremistische moslims.

In 1975 pleegden officieren uit het Bengaalse leger een coup, waarbij president Mujibur en bijna zijn hele familie werden vermoord. Een speciale wet die door de nieuwe regering werd afgekondigd, verschafte de daders levenslang amnestie.

Een van de dochters van Rachman, Hasina, won na jaren oppositievoeren de verkiezingen en heropende het onderzoek naar de moord op haar vader. Ook maakte ze de immuniteitswet op grond waarvan de coupplegers bescherming genoten, ongedaan. Kort geleden verloor Sheikh Hasina de verkiezingen. Zij zit nu weer in de oppositie.

Een paar hoofdrolspelers van de coup werden opgepakt, maar de meeste officieren doken onder in het buitenland. De in Nederland ondergedoken verdachte werkte tot eind 1997 op de ambassade van Bangladesh in Den Haag.

,,Deze oud-ambassademedewerker verbleef ten tijde van ons onderzoek in Breda'', zegt een woordvoerder van de Binnenlandse veiligheidsdienst. ,,Wij hebben er echter geen aanwijzingingen voor gevonden dat hij een aanslag beraamde op de premier van Bangladesh.''