`Rijk moet anticiperen op grondspeculatie'

Een Raad voor Vastgoed Rijksoverheid moet speculatie tegengaan en het rijk zo `substantiële bedragen' opleveren. Maar: ,,De overheid is geen projectontwikkelaar.''

Het probleem is bekend. De ene rijksdienst komt tot de ontdekking dat het een stuk grond niet meer nodig heeft en doet het zo snel mogelijk van de hand om er geen onkosten meer aan te hebben en om er iets aan te verdienen. Vijf jaar later komt een andere rijksdienst tot de conclusie dat die grond nodig is voor bijvoorbeeld kantorenbouw. ,,Dan moet het wel een groot wonder zijn als de verwerving van die grond niet een stuk duurder is dan wanneer je die grond in handen van het rijk had gehouden'', zegt dr.ir. Gerrit Blom, gepensioneerd directeur-generaal van Rijkswaterstaat en voorzitter van de nieuwe Raad voor Vastgoed Rijksoverheid (RVR) die maandag door minister Zalm (Financiën) wordt geïnstalleerd.

De Raad moet een einde maken aan de praktijk dat departementen elkaar voor de voeten lopen. Er kan beter gebruik worden gemaakt van elkaars sterke punten, zoals kennis van een specifieke grondmarkt. De raad is een samenwerkingsverband van vijf departementale diensten van Verkeer en Waterstaat, VROM, Financiën, Defensie en LNV. Blom wil nog geen bedragen noemen, maar hij verwacht wel dat de raad de komende jaren voor de rijksoverheid ,,substantiële bedragen'' zal kunnen besparen. Geld dat nu nog als winst verdwijnt in de zakken van marktpartijen. ,,Ongewenste speculatie'', aldus het kabinet. Alle departementen samen kopen jaarlijks voor ruim 1,2 miljard gulden aan grond en gebouwen.

Het rijk heeft de komende decennia veel grond nodig, aldus Blom. Hij noemt de gebieden om rivieren meer ruimte te geven, omdat eeuwig doorgaan met dijkverhoging geen duurzame oplossing is. Maar ook infrastructuur, woningbouw en de toegenomen behoefte aan natuurgebied vergt grond. Dit is het moment, stelt Blom, om aankoop, verkoop en beheer van gronden ,,structureel'' te coördineren. ,,Het gaat om het leggen van kruisverbanden. Als het ministerie van Verkeer en Waterstaat gronden nodig heeft voor de uitwerking van het vastgestelde beleid om meer ruimte te geven aan rivieren, dan heeft men daar landbouwgronden voor nodig. Welnu, daar weet het ministerie van Landbouw veel meer van af. Laat ze elkaar helpen.''

De raad verwacht de slagvaardigheid te vergroten door het ,,anticiperend aankopen'', waartoe het kabinet de departementen vanaf dit jaar in staat stelt. Ministeries mogen vastgoed aankopen ten behoeve van projecten die nog niet in de begroting staan. Voor deze speciale leenfaciliteit is per jaar 90 miljoen gulden beschikbaar. Waar tot op heden grondspeculanten alvast `strategische grondposities' innamen zodra het rijk zijn beleid bekend maakte (bekend voorbeeld zijn de locaties van de huidige Vinex-wijken), mogen departementen straks net als commerciële vastgoedbedrijven al voor de officiële goedkeuring van een project grond of gebouwen aankopen.

Natuurlijk onder de conditie, zegt Blom er onmiddellijk bij, dat er een ,,intentie'' van beleid bestaat en dat de overheid ,,transparant'' te werk gaat. ,,Het is niet de bedoeling dat de overheid alle grond in bezit wil krijgen. Grond is voor de overheid alleen interessant voor een bepaald doel. De overheid is geen projectontwikkelaar. Maar ik kan me voorstellen dat de marktpartijen vragen zullen hebben. We willen niet de indruk wekken misbruik te maken van onze positie.''

Blom schat dat het anticiperende aankoopgedrag zich tot meer dan tien jaar kan uitstrekken, ,,als dat tenminste bedrijfseconomisch verantwoord is''. Als voorbeeld opnieuw het rivierwaterbeleid. ,,Het is aan te bevelen om problemen bij het waterbeheer zo veel mogelijk bovenstrooms aan te pakken. Maar als wij via Landbouw horen dat er benedenstrooms ergens een veehouderij stopt, moeten we toeslaan omdat daar over een jaar of tien waarschijnlijk toch iets moet gebeuren.''

Ander voorbeeld. ,,Als je een bedrijf hebt aan de rand van de stad en het is niet het Groene Hart, is de kans groot dat rijk of gemeente het ooit nodig heeft. Als die grond beschikbaar komt, is het aan onze landaankopers om contacten te leggen.''

Het rijk heeft ongeveer een achtste deel van het Nederlandse oppervlak in bezit, inclusief de grote wateren. Blom weet niet of dat aandeel enorm zal stijgen. Wel wil hij de ,,flexibiliteit'' van de rijksoverheid vergroten om een ,,gespierde speler op de vastgoedmarkt'' te kunnen worden. Hij wijst op de tijdelijke verkoopstop die staatssecretaris Wouter Bos (Financiën) vorig jaar afkondigde voor agrarische domeingronden. Dit om te voorkomen dat er gronden worden verkocht die het rijk later nodig heeft om plannen uit te voeren.