GEOLOOG VINDT VEEL NIEUWE GLETSJERS IN DE ROCKY MOUNTAINS

Aan de zes bekende gletsjers in het Rocky Mountain National Park, in de omgeving van Denver, heeft geoloog Jonathan Achuff er na een systematische inventarisatie meer dan honderd kunnen toegevoegen. Slechts een zomer lang onderzocht hij het centrale, ruige deel van de Rocky Mountains, langs de toppen die de waterscheiding vormen tussen de Atlantische en de Stille Oceaan. Omdat het onderzoek beperkt bleef tot het nationale park, mag worden aangenomen dat ook elders in de Rocky Mountains veel meer gletsjers voorkomen dan tot nu toe bekend was.

De uitkomst is opvallend omdat doorgaans wordt aangenomen dat de mondiale temperatuurstijging een voortdurende afname van de grootte van gebergtegletsjers veroorzaakt, die ze op den duur doet verdwijnen. Nieuwe gletsjers zouden erop kunnen wijzen dat die trend niet algemeen geldig is. Het nationale park is een van de intensiefst onderzochte delen van de Rocky Mountains. Dat het grote aantal gletsjers eerder niet bij veldonderzoek, noch op luchtfoto's werd ontdekt, is moeilijk te verklaren als ze er `altijd' al zijn geweest.

Uiteraard gaat het wel om gletsjers die niet al te zeer opvallen. De meeste liggen zeer hoog (boven de 3650 m), in nauwelijks door de zon beschenen, noordwaarts gerichte kommen ten oosten van de waterscheiding. Bovendien zijn ze grotendeels of geheel bedekt met steen en gruis, afkomstig van bij vorst versplinterde stukken rotswand. Toch bleek het mogelijk om, toen de gletsjers eenmaal in kaart waren gebracht, sommige op luchtfoto's terug te vinden. De vergelijking van oude en nieuwe luchtfoto's laat volgens de staf van het park duidelijk zien dat tenminste sommigenieuwe gletsjers voortdurend groeien.

Helemaal onbekend is het verschijnsel van aangroeiende gletsjers overigens niet: ook in Scandinavië komt dit voor. Daar wordt de aangroei wel verklaard door toegenomen neerslag (in de vorm van sneeuw) op de gletsjers als gevolg van meer aanvoer van vochtige lucht uit zee. In de Rockies gaat dat uiteraard niet op. Mogelijk speelt de uitbreiding van Denver een rol. Net als andere steden heeft dit een wat warmer microklimaat; de warmere lucht veroorzaaakt gedurende de zomer meer bewolking waaruit neerslag kan vallen.

Momenteel treft men voorbereidingen om het onderzoek volgende zomer voort te zetten, waarbij boorkernen uit gletsjerijs zullen worden genomen, en mogelijk ook de ijsbeweging via satellieten zal worden geregistreerd. Tevens bestaat het voornemen om met seismisch onderzoek de omvang en dikte van de ijsmassa's nauwkeuriger vast te leggen.