Schuld en boete, oorlog en vrede

Drie jaar geleden heeft Ian McEwan de Booker Prize gekregen voor Amsterdam, een roman die, hoewel intens van vertelkunst, tenslotte haast nergens op neerkwam. Als hij na zijn nominatie deze keer wordt overgeslagen zou dat een grappig voorbeeld zijn van de willekeur van prijzen: Atonement toont hem op het toppunt van zijn verbeeldingskracht, waar hij vorige keer op de halve hoogte van was blijven steken.

Het eerste deel van de roman speelt zich af gedurende een paar dagen van 1935 in het lelijke oude huis en het uitgestrekte park van de familie Tallis buiten Londen. De dertienjarige dochter Briony, die zojuist heeft afgezien van haar plan om een toneelstuk voor de familie te schrijven, laat haar ambitieuze verbeelding los op een vrijage die zij betrapt in de bibliotheek van het huis en daarna nog eens op een poging tot verkrachting later die avond in het park. Bij het gedempte licht in de bibliotheek zag zij hoe haar oudere zuster geforceerd werd, meent zij, door de protégé van de familie, Robbie Turner. In de tuin vindt zij haar nichtje in alle staten terwijl een man wegholt. Ze denkt dat het vast weer Robbie was.

In beide gevallen heeft Briony de situatie verkeerd begrepen. Haar zuster was blij met Robbie: en de man in het park was een ander. Met steun van het nichtje dat haar geheime minnaar wil beschermen, overtuigt zij de politie van haar lezing, en Robbie moet geboeid mee naar het bureau.

Het rechtsgevoel van de lezer komt ertegen in opstand. Niet alleen is Robbie onschuldig, hij is een geschikte intelligente jongen. Tegelijk begrijpt diezelfde lezer hoe Briony's gedachten werken. Iemand zou haar heen en weer moeten schudden zodat haar drogbeelden uit haar loskwamen. Het is onuitstaanbaar en geloofwaardig dat zij zo denkt en handelt.

Kort van stof is McEwan niet. Hij gebruikt meer woorden dan de meeste andere romanciers voor dezelfde geschiedenis nodig zouden vinden. Het is geen breedsprakigheid: hij heeft meer te vertellen over hetzelfde. De concentratie van zijn verhaal verslapt niet, al lijkt het soms of wij alles al weten van de familieleden, hun levensstijl, de gesprekken, de conflicten.

Het tweede deel van de roman speelt in Noord-Frankrijk in 1940. Robbie Turner, na drie-en-een-half jaar uit de gevangenis ontslagen toen hij dienst nam in het leger, strompelt naar Duinkerken om zich in te schepen voordat de Duitsers hem gevangen kunnen maken. Dit stuk verhaal is een barse ironische reconstructie van de oorlogsgeschiedenis, eenvoudiger te beoordelen dan het voorafgaande nu er geen Briony aan deelneemt.

Zij is er pas weer in het derde deel, dat even later begint in Londen, in het voorjaar van 1940. Vanuit het militaire hospitaal waar zij werkt gaat zij op haar vrije dag haar oudere zuster opzoeken die met de familie gebroken heeft, en dan ziet zij ook Robbie, terug uit Frankrijk. Nu neemt haar boetedoening vorm aan, de atonement waar de roman naar heet. Zij belooft in brieven aan verschillende betrokkenen haar valse getuigenis te zullen bekennen, en zal aan Robbie precies schrijven hoe het gegaan is.

De vraag of de lezer genoegen neemt met deze boete wordt al gauw uit de aandacht verdrongen in het laatste hoofdstuk waarin Briony als vertelster optreedt, en niet langer alleen als een figuur binnen het verhaal. Het is nu 1999, zij is 77 jaar oud en deelt mee dat de ontmoeting in 1940 nooit heeft plaats gevonden: Robbie is in Frankrijk omgekomen, en haar zuster een maand later in Londen bij een bombardement. Zelf is zij een schrijfster van aanzien geworden, en zij laat weten dat de voorgaande drie delen van deze roman ook van haar hand zijn. Er stond dus niet eenvoudig wat McEwan wilde meedelen: er stond wat hij zonder het erbij te zeggen door Briony wilde laten meedelen, deels uit haar herinnering en deels uit haar fantasie.

Het kost tijd om te wennen aan het nieuwe uitzicht op de werkelijkheid binnen de fictie en aan het verschil dat het maakt voor de voorafgaande geschiedenis. Als dat min of meer gelukt is, moet de roman nog uitgelezen worden – met andere ogen dan tevoren. Dat onze werkelijkheid is samengesteld uit enerzijds wat er gebeurt en bestaat, en anderzijds uit wat wij er ons van voorstellen, is op zichzelf geen moeilijk idee. Wel is het moeilijk om daar aan het slot van een roman een lezer bij verrassing van te doordringen.

McEwan heeft het tot stand gebracht, en ik denk dat veel lezers niet zullen rusten voordat zij de verhouding tussen het ware boek en de verzonnen werkelijkheid doordacht hebben, en er hun verbeelding aan hebben aangepast. Die inspanning zal de moeite lonen. Een zeldzame ervaring, deze roman, en wij zullen er niet gauw weer zo een beleven.

Ian McEwan: Atonement. Jonathan Cape, 372 blz. ƒ70,90