Kapitalisme

Het is de vraag of Prodos, een langharige Australische straatartiest en webradiopresentator op cowboylaarzen veel mensen op de been kan krijgen, maar uniek is zijn oproep in ieder geval wel: op 2 december wil hij tachtig steden in de wereld het toneel laten worden van demonstraties vóór het kapitalisme. Als tegengeluid tegen de succesvolle protesten van de `anti-globalisten'. Prodos heeft de jonge liberalen in dit land, de JOVD, al gewonnen voor zijn ,,Walk for Capitalism''.

Niet alleen de bakermat van het kapitalisme, zoals de VS en Europa, maar ook wellicht minder voor de hand liggende plaatsen zoals Dehli, Lagos, Moskou, Boedapest, Praag, Belgrado en Caracas hebben organiserende comité's. Iedereen kan zich op Prodos' website opwerpen als organisator in zijn stad. Zijn de onzekere tijden waarin de investeerders zich lijken terug te trekken op hun honk de reden, of is er een andere verklaring waarom de vrije markt moet worden gepromoot? Demonstreren vóór iets dat toch al wereldwijd terrein wint lijkt een vreemd uitgangspunt voor een demonstratie. Er mag dan mischien nog niet overal een McDonald's of een Dunkin' Donuts zijn, maar in een groot deel van de wereld is winst behalen en the American Dream het ideaal. Sinds de jaren `70 weten we echter dankzij de Amerikaanse economen Stigliz, Spence en Akerlo, die gisteren de Nobelprijs wonnen, dat een volledig vrije markt niet bestaat. De perfecte markt is niet eens het nastreven waard, vinden de Nobelprijs-winnaars, want soms is overheidsingrijpen alleen al uit solidariteit wenselijk.

Interessante vraag voor de drie kersverse Nobelprijswinnaars: lopen ze mee met Prodos of hebben de anti-globalisten hun voorkeur?