Geruild voor een melkmachine

Remco Campert heeft oom Boos-Kusje, Kees van Kooten een bescheten paard en Paul de Leeuw heeft nu een Ermelose `huis-, tuin- en keukenheks'. Als volwassenen die voor volwassenen grappig zijn, kinderen proberen te vermaken, worden ze bijna altijd flauw. De kleine heks is wel een vermakelijk boekje, maar de meligheid begint al gauw te irriteren.

Heks Erna, inmiddels oma, ontdekte dat ze een heks was toen ze als meisje door haar vader werd weggegeven aan een oude boer. In ruil voor een melkmachine. De boer trekt terstond met het jonge deerntje het woud in. `Gunne wi for de dieren ennet de beume? (Gaan we naar de dieren en de bomen?)' vraagt het meisje. `Krek, ik soeke fluks je puusie enne den ken jij zo krekke in minne buume klimmen,' antwoordt de boer. Daarachter staat, tussen haakjes: `Onvertaalbaar. Het is te goor wat die boer tegen Erna zei.' Nou is dat best grappig. Maar acht pagina's vol voorbeelden van dit `dialect', met daarachter de vertaling tussen twee haakjes, is wat veel.

De kleine heks, De Leeuws debuut als kinderboekenschrijver, heeft weinig meer te bieden dan flauwiteiten. Het verhaaltje is de moeite van het navertellen niet waard, geen gebeurtenis, geen personage wordt geloofwaardig genoeg om te boeien. De Leeuws stijl is ook al niet bijzonder. Hoogstens staat er af en toe iets verfrissend recht voor zijn raap: `Oma's moeten een keer verdwijnen. [...] En gebeurt het nu niet, dan gebeurt het straks wel, door een hartaanval of tijdens een bejaardenbusreis die in een Oostenrijks ravijn eindigt. Je zult me even missen, maar over een paar weken is er weer een nieuwe film van Walt Disney, en dan denk je bijna niet meer aan me. Zo gaan die dingen, jongen.'

De kleine heks is geïllustreerd door Marco de Boer met een computer-tekenprogramma. De plaatjes zijn, net als de tekst, op het eerste gezicht grappig, maar al snel te oppervlakkig. Het is humor die niet beklijft, die maar een ogenblik boeit. Er is zo weinig te zien.

Vaart heeft het verhaaltje, dat zich van inval naar inval spoedt, wel. Er komt van alles voorbij, een mislukkende homoseksuele verhouding, opvoedingsproblemen, Henny Huisman. Een heel groot deel van het boek bestaat uit (vaak ruzie-achtige) dialoog. Maar de personages hebben allen dezelfde toon. De Leeuw had zijn figuren, zijn grappen en zijn invallen een steviger, meer uitgewerkte basis moeten geven, een sterker verhaal moeten bedenken. Nu kan uitsluitend een zeer begenadigd voorlezer nog wel wat maken van De kleine heks.

Paul de Leeuw: De kleine heks. Het ware verhaal! Met illustraties van Marco de Boer. Prometheus, 95 blz. ƒ29,75