Ede

Er wordt dezer dagen heel wat afgeforumd over de toestand in de wereld. In Den Haag bezocht ik een bijeenkomst over de vraag of `begrip voor de aanslagen onacceptabel is'. Achter en voor de tafel zaten nogal wat islamologen en vertegenwoordigers van islamitische organisaties.

Over één ding was men het al snel roerend eens: de media deugen niet. Afschuwelijk, dat vertekende beeld dat de media steeds weer geven van de islam in de wereld. Vooral de Nederlandse media werden op de korrel genomen wegens de berichtgeving over allerlei enquêtes en `de zaak-Ede'. `Ede' heeft een bijna symbolische functie gekregen. Als de Nederlandse pers ergens faalde, dan was het in Ede.

De kranten hadden daags na de aanslagen in Amerika gemeld dat islamitische jongeren in Ede op straat een feestje hadden gevierd. (Ook in Rotterdam-Crooswijk werd dit geconstateerd.) Het was overigens de politie van Ede die als eerste over `feestende jongeren' had gesproken. Daarop viel de hele wereld, inclusief CNN, over Ede heen. Ede schrok zich dood. Hoe moest dit slechte nieuws worden ontzenuwd?

Dat is tegenwoordig niet meer zo moeilijk: je zegt gewoon dat het niet waar is. De betrokken politieman haastte zich een en ander te nuanceren: ,,Van een feest was geen sprake (...) Het was een provocatie als altijd, maar wel een met een slechte timing.'' En Osmose, een instelling voor multiculturele ontwikkeling, constateerde na een buurtonderzoek dat `het feest' niet meer dan `een doordeweekse rel' was geweest. En klaar was Ede.

Voor veel islamologen was de kwaadwilligheid van de Nederlandse media daarmee onderstreept. Maar wat is er in Ede nu precies gebeurd?

Ik heb er alle knipsels nog eens op nagelezen en gepraat met verslaggevers die ter plekke zijn geweest. Mijn indruk is dat de gebeurtenissen op die avond helemaal niet zo onschuldig zijn geweest als nu wordt beweerd. Het zal misschien geen echt `feestje' zijn geweest, maar het was wel een provocatie van de politie met een sterk anti-Amerikaanse en pro Bin Laden-inslag.

Ahmet Olgun, onze verslaggever, beschreef hoe een dag later Mohammed, de leider van een groepje van twintig Marokkaanse jongens in Ede, enthousiast foto's van Bin Laden verspreidde. ,,Dit is onze leider.'' En Moustapha, een andere jongen, zei: ,,Bin Laden is mijn leider, al een jaar of twee. Hij durft het op te nemen tegen Amerika, daarom. Hij en Gaddafi. De rest: allemaal slaafjes van Amerika.'' Toine Heijmans, de verslaggever van de Volkskrant, liet `bekenden' zeggen dat `sommigen behoorlijk antisemitisch en anti-Amerikaans zijn.'' Hij meldde ook dat drie dagen na de rel posters van Bin Laden in de wijk werden geplakt.

Dat de rel in Ede een lange voorgeschiedenis heeft van conflicten tussen de politie en Marokkaanse jongeren, wil ik graag geloven. Maar om de gebeurtenissen van die avond daarmee te verklaren en vervolgens nota bene te ontkennen, dat is wel erg makkelijk. Als we willen weten wat er onder Marokkaanse jongeren leeft, moeten we goed naar hen luisteren en niet hun meningen verdoezelen als die dom en pijnlijk blijken te zijn.