Annan halverwege

Jelena Bonner ,de weduwe van de Russische kernfysicus Andrej Sacharov die in 1985 de Nobelprijs voor de vrede kreeg, vindt dat er dit jaar geen vredesprijs moet worden uitgereikt omdat er geen resultaten zijn geboekt. Dat is op zichzelf geen onzinnige gedachte. Het is vaker gebeurd, bijvoorbeeld tijdens de Eerste en de Tweede Wereldoorlog. De Nobelprijs is bestemd voor mensen die wat hebben bereikt en niet alleen voor goede bedoelingen. Bijvoorbeeld, om het eenzijdig tot Nederland te beperken, voor iemand als Max van der Stoel.

Maar juist dit jaar zou het een slecht idee zijn er maar van af te zien. De Nobelprijs voor de vrede in 2001 niet uitreiken, zou precies het verkeerde signaal zijn. Het zou suggereren dat de handdoek in de ring is gegooid. Alleen al daarom is de keuze voor secretaris-generaal Kofi Annan en de Verenigde Naties gezamenlijk een logische en goede. Er zijn in de exact honderdjarige geschiedenis van de Nobelprijs minder vanzelfsprekende laureaten uitverkoren.

Onder leiding van de Ghanese diplomaat Kofi Annan hebben de Verenigde Naties de afgelopen jaren onmiskenbaar aan prestige gewonnen. Voordat hij in 1997 secretaris-generaal werd, omdat met name de Amerikaanse regering van president Clinton af wilde van zijn voorganger Boutros Boutros-Ghali, dreigden de VN een zieltogende organisatie te worden. In voormalig Joegoslavië en Centraal-Afrika hadden de VN met lege handen gestaan, een drama waaraan Annan als adjunct secretaris-generaal zelf mede schuldig was en waarvoor hij ook openlijk verantwoordelijkheid heeft genomen door in twee rapporten de hand in eigen boezem te steken. Sindsdien heeft Annan zich ontpopt als een `man in his own right' die tevens exact weet dat de VN niets kunnen bereiken als de grote mogendheden (met name de VS) zich afwenden. Hij heeft zich niet gemanifesteerd als een fictieve wereldpresident, die te goed is voor dagelijkse politiek en belangenstrijd, maar zich evenmin laten weerhouden van eigen initiatieven, zoals hij in 1998 liet blijken toen hij op eigen houtje een bezoek aan Saddam Hussein bracht.

En toch stemt de vredesprijs voor Annan en de VN ook zorgelijk. Man en organisatie verdienen hem. Maar er spreekt wel enige machteloosheid uit. De VN zijn immers opgericht om de vrede te bewaren. De secretaris-generaal heeft dus geen andere hoofdtaak dan permament te doen waarvoor de Nobelprijs is bestemd. Hij is daartoe welhaast contractueel verplicht.

Juist hem nu te lauweren, illustreert derhalve dat de vrede op grotere schaal wordt bedreigd dan het afgelopen decennium en dat particuliere inspanningen niet meer afdoende zijn. Dat klopt. Maar tegelijkertijd staat daarmee de klassieke rol van de VN op het spel. De VN is een bond van staten. De terroristische aanval op New York en Washington heeft duidelijk gemaakt dat de vrede niet meer alleen wordt bedreigd door vijandelijkheden tussen landen, maar ook door hybride netwerken die veel moeilijker zijn in te dammen dan zichtbare staten. Zoals onduidelijk is of er nu oorlog woedt en wat voor een oorlog dat is, zo is ook minder helder geworden wat vrede nog precies inhoudt.

De Nobelprijs voor de vrede is nooit alleen een erkenning van verdiensten in het verleden, maar houdt altijd een verplichting voor de toekomst in. Dit jaar meer dan anders. Als organisatie die vooral boven en tussen staten opereert, en hoopt dat de volkeren haar volgen, staan de VN onder druk. Kofi Annan is pas halverwege.

Gerectificeerd

Sacharov

In het hoofdartikel Annan halverwege over de Nobelprijs voor Kofi Annan en de Verenigde Naties (in de krant van vrijdag 12 oktober, pagina 7) staat dat Andrej Sacharov de prijs in 1985 kreeg. Het juiste jaartal is echter 1975.