Perlman zingt op viool én dirigeert

Vijftien Grammy Awards, vier Emmy Awards en een carrière als `worlds leading violinist' van ruim een kwart eeuw. Het is een eer om een musicus van het formaat van Itzhak Perlman (1945) in het Concertgebouw te ontvangen als solist èn dirigent. Als musicus straalt Perlman nog altijd, als mens is hij een symbool van humor, hoop en overlevingskracht. Het kreupele jongetje uit Israël dat zo mooi viool kon spelen, ontwikkelde zich razendsnel tot de sprankelende meesterviolist die toevallig ook nog eens kreupel was. Nadat Jascha Heifetz, de `keizer der violisten', zich in de jaren '70 van het concertpodium had teruggetrokken, nam Perlman de fakkel over en waakte erover dat het ware violistische vuur op eenzame hoogte bleef fonkelen.

Perlmans sublieme vioolspel heeft nooit bewijzerig of hautain geklonken. Perlman staat voor pleasure. Zijn musiceren was van meet af aan het verrukkelijke `zingen' van een wezen dat geboren is om te zingen, omdat zingen zijn lust en zijn leven is. En toevallig zingt Perlman op zijn viool. Inmiddels is Perlman de vijftig gepasseerd, en doet hij het op zijn viool wat rustiger aan. Als hij al speelt, dan speelt hij sinds enkele jaren opmerkelijk vaak de Romances van Beethoven, die hij nu ook met ontwapenende charme in het Concertgebouw vertolkte. Daarnaast dirigeert hij hier en daar, hij is eerste gastdirigent van het Detroit Symphony Orchestra.

Zijn repertoire als dirigent bouwt Perlman zeer geleidelijk uit (de Symfonie nr. 29 van Mozart staat al meer dan twee jaar op zijn programma, Tsjaikofski's Vierde symfonie is relatief nieuw), want wat hij doet wil Perlman goed doen. Hij doet het voor zijn plezier, hij wil hij niet de `worlds leading conductor' worden. Het is ook uiterst plezierig om hem te horen dirigeren, zeker wanneer hij temidden van zijn collega's alle denkbare kanalen openzet om de aanwezigen te verleiden tot de tederste, menselijkste, sprankelendste en innemendste Mozart, die sinds tijden in het Concertgebouw klonk.

Het zag er een beetje uit, alsof Perlman niet veel meer deed dan onbekommerd meedeinen op het ambachtelijke en muzikale surplus van de leden van het Concertgebouworkest. Maar Perlman drukte wel degelijk zijn bezielde stempel op het geheel, en dat kwam vooral tot uiting in de warme en sensitieve orkestklank, in de natuurlijkheid van de tempi, in de zangerigheid van de fraseringen en in het kamermuziekachtige weefsel van stemmen en tegenstemmen.

Ook in de Vierde symfonie van Tsjaikofski sloofde Perlman zich niet uit om zijn stempel op de muziek te drukken. Hij probeerde juist van binnenuit alle poorten open te zetten om de heftig wisselende gemoedsbewegingen van de muziek optimaal tot de verbeelding van zowel de orkestmusici als het publiek te laten spreken. En daar slaagde hij op meesterlijke wijze in, al waren er hier en daar wel wat rommelige momenten.

Ook al wordt de laatste jaren wel eens beweerd dat de violist Perlman niet meer zou zijn wat hij ooit geweest is, met zijn hartveroverende vertolkingen van de Romances voor viool en orkest van Beethoven stráálde de ster van de meest verleidelijke en zangerige onder de Grote Violisten als vanouds op eenzame hoogte.

Concert: Itzhak Perlman (viool), Koninklijk Concertgebouworkest. Gehoord: 10/10 Concertgebouw Amsterdam. Herhaling: 11/10. Radio 4: 21/10 14 uur.