Nobelprijs voor onderzoek spiegelbeeld molecuul

De Nobelprijs voor de chemie, die gisteren werd bekendgemaakt, beloont onderzoek dat heeft geleid tot medicijnen als bloeddrukverlagende bèta-blokkers en het anti-Parkinsonmedicijn L-DOPA. De winnaars, de Amerikanen William Knowles en Barry Sharpless en de Japanner Ryoji Noyori, onderzochten sinds eind jaren zestig chemische reacties waarbij slechts één van de twee spiegelbeeldvormen van een molecuul ontstaat.

Veel moleculen kennen twee ruimtelijke vormen die elkaars spiegelbeeld zijn. In de natuur heeft meestal één van deze spiegelbeeldvormen de overhand. Vaak is de ene vorm biologisch actief, terwijl de andere vorm niets doet, of zelfs schadelijk is. Dit werd pijnlijk duidelijk in de Softenon-affaire in de jaren zestig. Eén van de spiegelbeeldvormen van dat medicijn veroorzaakt geboorteafwijkingen. Gewone chemische reacties leveren vaak een mengsel van spiegelbeeldvormen op. Katalysatoren kunnen de opbrengst van één van de vormen stimuleren.

Barry Sharpless (60), hoogleraar aan het Scripps Research Institute in La Jolla, Californië, krijgt de helft van de prijs voor het ontwikkelen van de katalysatoren die nodig zijn bij de productie van hartmedicijnen als bèta-blokkers.

Wiliam Knowles (84) en Ryoji Noyori (63) delen de andere helft van de prijs. Knowles heeft gewerkt voor de chemiereus Monsanto Company in St. Louis, Missouri. Daar ontdekte hij dat bepaalde metalen geschikte katalysatoren zijn om één van de spiegelbeeldvormen te laten ontstaan. Dit onderzoek leidde tot de industriële productie van het anti-Parkinsonmedicijn L-Dopa.

Noyori, hoogleraar aan de Nagoya-universiteit, bouwde voort op het werk van Knowles. Zijn katalysatoren worden nu op grote schaal ingezet in de geneesmiddelenindustrie, maar ook voor de productie van geur- en smaakstoffen en voor het vervaardigen van specifiek-werkende insecticiden.