Design in tijden van oorlog

Als we de Woonbeurs moeten geloven, is het minimalisme in onze woonkamer op zijn retour en wordt het weer gezellig in huis. Met ronde vormen en warme kleuren.

Er wringt iets, daarvan waren de meeste mensen op de opening van de Woonbeurs in Amsterdam maandagavond wel doordrongen: een feestelijke massabijeenkomst als deze kon niet voorbijgaan zonder het besef dat de vorige dag de Amerikaanse aanvallen op Afghanistan waren ingezet. Daar sta je dan met je glaasje champagne op de grootste woon-consumentenbeurs van Nederland, waar zes dagen lang de laatste woontrends te zien en te koop zijn: in het licht van de huidige wereldbranden ga je de noodzaak van de nieuwste Jan des Bouvrie-bank toch wat relativeren. De organisatoren sloegen zich dapper door het openingswoord; hun bezorgdheid in verband met `de tragische gebeurtenissen op 11 september' gold vooral de bezoekersaantallen. De speciale gast van deze beurs, de in Londen woonachtige ontwerper Ross Lovegrove, een van de hipste ontwerpers van deze tijd, ziet na de elfde september een heroriëntering op vrienden, familie en thuis en sprak de hoop uit dat angst en conservatisme de aandacht voor ongewone, freaky ontwerpen niet zouden doen verslappen. Hij preekte vooral love, smiling en happiness.

Wat gebeurt er in ons huis in tijden van recessie? Een onderzoek dat de woonbladen van Sanoma (voorheen VNU) hebben laten uitvoeren ten behoeve van hun adverteerders rept nog van groot vertrouwen en gevoel van zekerheid bij de consument, culminerend in vrolijke kleuren en grote, open ruimtes. Het is een beeld dat maar voor een deel op de bezoeker van de Woonbeurs overkomt. In de modewereld geldt de wet dat kleur en uitbundigheid samengaan met hoogconjunctuur, maar de jaren '90 hebben eerder uitgewezen dat sobere, minimale vormgeving in huis meer iets is voor rijke tijden; dan geeft overvloed ons blijkbaar zoveel onbehagen dat we op zoek gaan naar rust en essentie in onze omgeving. Die tijd en stijl zijn nog volop aanwezig op de beurs: strakke, sobere tafels en banken in grijzen, witten en bruinen, grote lijnen, roestvrij staal. In de badkamers op de beurs zie je nog veel minimaals, op het strenge af: vierkante wasbakken, industriële kranen, sobere baden. Hier moet de nieuwe warmte nog doordringen.

Bij de keukens gebeurt dat al voorzichtig: met meer ronde vormen en naast het glimmend staal ook hier en daar wat kleur. Opvallend: er is bijna geen moderne keuken meer zonder kookeiland. Waarom? Duidt het eiland op het ultieme vluchten? Er zijn overigens meer onbegrijpelijke trends, zoals de overal opduikende groene bamboestengels, bruut afgeknipt en bloot in lange glazen vazen gezet - zo'n trend waardoor je over tien jaar feilloos een interieurfoto kunt dateren.

Maar of het nu komt door onze natuurlijke neiging om na zoveel jaar leegheid weer eens wat gezelligheid binnen te halen, of omdat we verlangen naar betere tijden, feit is dat het minimalisme op zijn retour is. En zoals in tijden van oorlog de escapistische amusementsindustrie op volle toeren draait, lijkt de explosie van kleuren en gezellige accessoires hier vooral te duiden op vluchten in de warmte van het eigen huis. Er zijn hele kamers ingericht met veel ronde vormen, rode banken, rode muren en rode zachte kussens, als grote baarmoeders. Er zijn veel, heel veel open haarden en waxinelichtjeshouders om het vuur in huis te halen. Massa's kroonluchters die de plaats van de koele aluminium industrielampen beginnen in te nemen. Warm beige in plaats van koel grijs. Ouderwetse AGA-cookers. Een zee van donkerbruin leer en zelfs rustiek eiken. Dikke wollige vloerbedekkingen. En veel leuke hebbedingetjes: gezellig beschilderd aardewerk, geinige eierdoppen, kleurige vaasjes, leuk gedecoreerde dekbedovertrekken, gedroogde bloemen, jachttaferelen voor bij de Engelse clubfauteuils, kitscherige schilderijen uit De Kunstfabriek.

De woonbladen van Sanoma, medesponsor van de beurs, zijn goede indicators voor wat de consument kan verwachten. Elk blad richtte zijn eigen `huis' in en in elk huis is het weer ouderwets gezellig. Eigen Huis & Interieur is nog het minimaalst, maar speelt met veel rood; bij het bruine, nog sobere MTC stinkt het naar wierook, het huis van VT Wonen heeft veel warm hout en 101 Woonideeën en Ariadne at Home barsten uit in luide, verleidelijke roden en rozes. Op het `woonadviesplein' kan elke bezoeker bovendien terecht voor stijladviezen in zijn eigen huis, gegeven door stylisten van de verschillende bladen.

Niet alleen een doorsnee van consumentensmaken is te zien op de Woonbeurs. Wie geïnteresseerd is in wat nieuwe en vernieuwende ontwerpers doen komt ook aan zijn trekken. De stand met de tentoonstelling van special guest Ross Lovegrove is een lust voor het oog. Er is een selectie te zien van zijn design van de laatste jaren: elegante, futuristische ontwerpen waar hij zijn goede reputatie als toonaangevend ontwerper mee gevestigd heeft. In een kort gesprek noemt de door de pers belaagde ontwerper zijn werk `organic dreams'. Maar de hippie-achtige Lovegrove houdt desondanks zijn beide benen op de grond. Hij houdt niet van gebrek aan verantwoordelijkheid voor deze wereld, zegt hij. En hij prijst Nederlandse ontwerpers als Richard Hutten en Hella Jongerius, die samen met trendvoorspeller Lidewij Edelkoort genomineerd zijn voor de Woonbeurspin 2001. Lovegrove, die werkte voor onder meer Kartell, Cappellini, Driade, Herman Miller en Philips, vindt Nederland zelfs ,,het land met de beste jonge ontwerpers van dit moment', vertelt hij met een blik op de stand van de Design Academy Eindhoven. Daar zijn inderdaad eigenlijk de leukste ontwerpen van deze beurs te zien: de tafel van Nina Farkache met een blad vol knikkers waar `dienbladen' gemakkelijk overheen rollen, de door warmte krimpende stof van Marielle Leenders, een ingenieus `doe-het-zelf'-bouwpakket voor tafel en stoel van Dave Keune, de speelse, barokke klapstoeltjes van Vivian van Schagen en nog veel meer.

Oprichtster van de Design Academy, trendwatcher Lidewij Edelkoort, is de winnares van de Woonbeurspin 2001. Zij trekt uit het wereldnieuws, als enige vanavond, hardop haar conclusies. ,,We richten een mastersopleiding aan de Design Academy op voor humanitair ontwerp en substantial style die, heel symbolisch, van start moet gaan op 11 september 2002. Design kan ook in dienst staan van de maatschappij. Als je niet begint met investeren in de wereld, los je niets op. We trekken uit de hele wereld zo'n twintig studenten aan die duurzame dingen moeten gaan ontwikkelen, dingen die de rest van de wereld verder helpen. In het grote geheel van de wereldpolitiek is dit natuurlijk maar een babystapje, maar we zijn in elk geval bezig om binnen ons vak over een goede mentaliteit na te denken. Bovendien gaan die studenten weer de wereld in en inspireren zij weer nieuwe mensen.'

Kijk aan. Er is nog hoop voor design in tijden van oorlog.

De Woonbeurs, 9 t/m 14 okt, RAI Amsterdam. Open: di t/m vr 10-22u, za-zo 10-18u. Entree ƒ20, kinderen tot 4 jaar gratis, tot 12 jaar ƒ10. Inl www.woonbeurs.nl

Gerectificeerd

Design

In het artikel Design in tijden van oorlog (in de krant van donderdag 11 oktober, pagina 23) is vermeld dat Lidewij Edelkoort oprichtster is van de Design Academy Eindhoven. De academie bestaat echter al sinds 1947. Edelkoort is voorzitter van het college van bestuur van de academie.