Anderson pas laat onder de stolp vandaan

Bij haar concerten mag niet geflitst worden, zegt Laurie Anderson halverwege. Maar ter compensatie wil ze wel even zorgen dat het zaallicht wat hoger wordt gedraaid, zodat iedereen een tekening van het gebodene kan maken. En daar worden de witte vellen al uitgedeeld. In de volgende stad die ze aandoet, verkoopt ze die als haar eigen tekeningen, zegt ze.

Dat grapje was een zeldzame verwijzing naar haar verleden als performance-artieste, haar hoofdberoep voor ze in 1981 doorbrak met de hit O Superman. Maar ook in de concerten en shows die ze nadien gaf, was een belangrijke plek ingeruimd voor videoprojecties en andere multimediale uitingen. Gisteravond was er geen beeldscherm te zien. Het was heel duidelijk een concert, zonder, zoals eerder, een conceptuele lijn.

Anderson bracht stukken uit haar carrière als platenartieste, met enige nadruk op haar nieuwste, Life On A String. Net als een `gewone' popartiest dus. De muziek op die cd is bovendien opmerkelijk melodieus, met minder nadruk op de elektronica maar met volop inbreng van jazzmuzikanten, strijkers en zelfs een gitaarriedel van haar partner Lou Reed.

Het lijkt wel of Laurie Anderson niet het toegankelijke gezicht van de avantgarde is, waarvoor ze vaak wordt uitgemaakt, maar een tamelijk conventioneel muzikante die, als ze geen liedje zingt, wel een aardig verhaaltje vertelt. Van de stoet muzikanten op Life On A String is live geen sprake. Anderson, op viool en toetsenbord, liet zich begeleiden door de fenomenale jazzdrummer Chris Black, toetsenman Peter Scherer en bassist Skúli Sverrison die op dat album ook als `music director' dienst deed. Een intieme groep dus, die Andersons gesproken of gezongen tekstflarden omspeelde met delicate geluiden. De rijke arrangementen van Life On A String werden hier sterk versoberd tot bijna schetsmatige proporties, wat af en toe goed werkte, maar in andere gevallen een al te klinisch geluidsbeeld tot gevolg had. Dat was vooral in het eerste deel van het concert een probleem. Ook al omdat Anderson in die fase de nummers strak aan elkaar reeg zodat er geen ruimte was voor bevrijdend applaus, kreeg je het onaangename gevoel dat zij en haar muzikanten onder een glazen stolp stonden te spelen. De melodieën en de van papier voorgelezen stukken gesproken woord waren cerebraal, de tempo's bijna steeds stroperig traag, de synthesizers gleden spanningsloos voorbij en nooit sprong ze eens gezond uit de band. Pas toen ze enige bevrijdende, geëmotioneerde woorden had gewijd aan de huidige toestand in New York en de rest van de wereld, leek het of er enige lucht in het gebodene kwam. Toen bleek zelfs dat sommige van Andersons melodieën een adembenemende schoonheid ademen en dat in de ideale combinatie van voorgedragen tekst en een passend, of zelfs wringend, geluidsdecor genoeg beelden verscholen zitten om voorgoed alle videoprojecties overbodig te maken.

Concert: Laurie Anderson. Gehoord: 10/10, Vredenburg Utrecht.