Amerika zet de cavecracker in

De Amerikanen zetten in Afghanistan hun `bunkerkraker' in om Bin Laden en de Talibaan in hun ondergrondse tunnels en grotten te kunnen treffen.

Je kunt wel weghollen, maar je kunt je niet verstoppen. Dat lijken anonieme militaire bronnen in Washington tegen de Talibaan-leiders te zeggen met de mededeling dat bommenwerpers de bunker-buster hebben ingezet. Deze zware bom is ontwikkeld om door meters grond en beton heen te dringen alvorens te exploderen. Commandanten en politieke leiders zijn niet meer veilig in hun diep ingegraven commandobunkers. Aangezien de Talibaan veel gebruikmaken van grotten zou de bom bij deze campagne net zo goed de cavecracker kunnen worden genoemd.

De bom van bijna 2.500 kilo heet officieel GBU-28 – van Guided Bomb Unit. Hij is in een recordtijd van twee weken in 1991 bedacht, ontwikkeld en gebouwd. De Iraakse president Saddam Hussein en zijn staf waren toen onbereikbaar voor de zwaarste bommen in het Amerikaanse arsenaal. Het gecontracteerde wapenlaboratorium Sandia vulde een oude kanonsloop vol met explosieven en schroefde er een kop voor lasergeleiding op. De knutselbom voldeed al tijdens de eerste test. Nog eens twee weken later gooiden F-111F bommenwerpers twee bommen af boven Irak. Een daarvan verwoestte een commandobunker.

Ook tijdens operatie Allied Force, de NAVO-bombardementen op Joegoslavië in 1999, zette de Amerikaanse luchtmacht bunkerbusters in. Onder andere een ondergrondse bunker op de luchthaven van Priština in Kosovo werd getroffen.

Het ontwerp werd daarna in productie genomen. Het explosieve gevaarte is zó groot dat alleen de F-15E en de B-2A bommenwerpers ze kunnen meevoeren.

Er is nu ook een verbeterde versie van de GBU-28 in productie: de GBU-37, die wordt geleid met behulp van de GPS-satellietnavigatie. De twee bomtypes zijn voorzien van een keiharde `penetrator' en een vernuftige sensor die turft door hoeveel kelders de bom is geslagen alvorens te ontploffen. De bommen zijn dan ook een belangrijk instrument in het counter-proliferation-arsenaal dat diep ondergronds opgeslagen chemische wapens of biologische wapenlaboratoria moet kunnen vernietigen.

Het bericht dat de bunker-buster wordt ingezet is voor een belangrijk deel psychologische oorlogvoering. Tijdens de bombardementen op het Iraakse leger in Koeweit in 1991 berichtten uitgestrooide pamfletten dat het ,,zwaarste wapen binnen het Amerikaanse arsenaal'' zou worden afgegooid. Deze bom, luidde het in Arabisch, heeft een explosieve kracht van meer dan twintig Scud-raketten. De bom van 7.500 kilo was zó zwaar, dat een paddestoelwolk hemelwaarts rees. Iraakse eenheden vluchtten en deserteerden bij duizenden. De wolk leek zo echt dat Britse commando-eenheden verontwaardigd aan de thuisbasis vroegen waarom er atoombommen waren ingezet.

In Afghanistan willen de Amerikanen de Talibaan-strijdkrachten waarschijnlijk juist úit hun bunkers jagen omdat ze dan beter zijn te vinden. In de regio vliegen JSTARS surveillancevliegtuigen rond die met gevoelige radarapparatuur vanaf honderden kilometers ieder individueel voertuig kunnen volgen. Tijdens Allied Force had de JSTARS nog een zwakke plek: de radar kon niet over de heuvels heen kijken. Tegenwoordig schijnen de JSTARS robotvliegtuigen te gebruiken om te zien wat er in de dalen gebeurt.