Poetin slecht de muur van wantrouwen

Sinds 11 september is in Rusland sprake van een nieuw buitenlands beleid. Belangrijker: dat nieuwe beleid wordt in het Westen als zodanig onderkend.

,,De mensheid is verenigd'' in de stijd tegen het terrorisme; de mensheid is ,,volwassen geworden'' na de ,,monsterlijke'' terreurdaden van 11 september. 's Werelds terroristen leren dat ze niet langer, zoals ze jarenlang hebben gedaan, de diverse machtscentra tegen elkaar kunnen uitspelen. De Amerikaanse aanvallen op Afghanistan zijn, in het licht van de ,,kolossale verliezen'' op 11 september, een correcte respons, zeker nu de Amerikanen ,,het uiterste doen'' om burgerslachtoffers te voorkomen.

Het was deze week niet Amerika's trouwste vriend Tony Blair die dat zei, of Gerhard Schröder, of Lord Robertson, maar Vladimir Poetin, Ruslands president.

Poetins radicale verdediging van Washingtons beleid is een illustratie van het nieuwe Russische buitenlandse beleid waarvan sinds de terreuraanslagen van 11 september sprake is.

Al voor de aanval op Afghanistan afgelopen zondag begon, tekende zich een duidelijke Russische koerswending af. De recente bezoeken van Poetin aan Berlijn en Brussel leverden, zowel in de publieke verklaringen van de Russische president als in de body language en de toon, een nieuw beeld op: Poetin als medestander, als vriend en bondgenoot bijna. Enthousiasme alom – toen de Russische president in het Duits de Bondsdag toesprak, toen hij, ex-spion, zijn vroegere werkplek in Dresden bezocht, toen hij NAVO-chef Robertson in Brussel ontmoette.

Exit het vijandbeeld. Exit het gebulder waar Jeltsin – die toch niet bekend stond als een vijand van het Westen – nogal eens in kon vervallen als er iets gebeurde dat hem niet zinde, op de Balkan of elders. Exit de vervaarlijke dreigementen als de uitbreiding van de NAVO aan de orde kwam. Exit de confrontatie. Exit het wantrouwen.

Het is bijna alsof de ,,monsterlijke'' aanval op de VS van 11 september Poetin eindelijk de gelegenheid heeft gegeven de muur van wantrouwen te slechten die hem sinds zijn aantreden als president hebben gescheiden van het Westen. Toen werd hij door het sceptische Westen nog gezien als een product van de Sovjet-tijd. Had deze nieuwe leider van Rusland niet zijn hele volwassen leven bij de KGB gezeten? En was hij het niet die eigenhandig een tweede oorlog in Tsjetsjenië had geforceerd? Een sluwe man, niet zo een als Jeltsin die het hart op de tong droeg. Een machtsmens, berekenend, calculerend.

Het is sinds 11 september goeddeels vergeten. Sinds die dag staat Rusland ferm in het kamp van de terreurbestrijders. Belangrijker: dat wordt in het Westen ook zo begrepen. Er wordt niet meer gepraat over het Amerikaanse ruimteschild of het voornemen van de VS om het ABM-verdrag aan de kant te zetten. Er wordt niet meer gepraat over een Russisch-Chinees bondgenootschap. Er wordt van Westerse kant ook niet meer gehamerd op Russische schendingen van de rechten van de mens in Tsjetsjenië. Sterker: er is duidelijk meer begrip voor het Russische optreden in Tsjetsjenië dan er ooit is geweest.

Rusland heeft sinds die elfde september niet alleen in woord, maar ook in daad veel gedaan om de Westerse alliantie de medewerking te geven die ze nodig heeft voor de huidige campagne tegen Afghanistan. Zonder Rusland immers zouden de Amerikanen en de Britten niet de dringend noodzakelijke medewerking krijgen van Afghanistans buurlanden in Centraal-Azië: Tadzjikistan en Oezbekistan voorop.

Voor Rusland is dat een enorme concessie. Centraal-Azië is meer dan zomaar een deel van Ruslands invloedssfeer. Het is Ruslands zachte onderbuik. Het is Ruslands achtertuin. De buitengrens van de vijf Centraal-Aziatische republieken – Kazachstan, Tadzjikistan, Oezbekistan, Turkmenistan en Kirgizië – wordt in Moskou gezien als de buitengrens van Rusland zelf: tussen Rusland en deze republieken bestaat immers geen grens die de naam waard is.

In dat gebied heeft Amerika de afgelopen tien jaar niet veel te zoeken gehad, en de afhankelijkheid van deze vijf republieken van Moskou varieert van groot tot zeer groot. Dat geldt zelfs voor de enige republiek die zich gezien haar economische hulpbronnen aan het Russische overwicht zou kunnen onttrekken, de gasgigant Turkmenistan. Omdat de pijpleidingen door Rusland lopen, staat ook Turkmenistan nog steeds onder grote invloed van Moskou. Zo groot is de afhankelijkheid, dat een land als Tadzjikistan medewerking met de Amerikaanse campagne tegen Afghanistan openlijk en uitdrukkelijk afhankelijk maakte van Russische goedkeuring.

Die goedkeuring kwam er, en inmiddels zijn er Amerikaanse soldaten gelegerd in Oezbekistan en in Tadzjikistan en is het luchtruim van Centraal-Azië opengesteld voor Amerikaanse vliegtuigen. Maar vanzelfsprekend was die goedkeuring allerminst, en er zijn veel aanwijzingen dat Poetin in eigen land veel verzet heeft moeten overwinnen om deze concessie te kunnen doen. Uitlatingen van een reeks Doema-leden, maandag, tonen hoe gevoelig de `toelating' van Amerikaanse militairen in Ruslands Centraal-Aziatische achtertuin ligt. Velen in Moskou vrezen dat de Amerikaanse militaire aanwezigheid in Centraal-Azië langer zal duren dan de bedoeling is of zelfs permanent zal worden – volstrekt onaanvaardbaar voor Rusland. Ook wordt gevreesd dat landen als Oezbekistan en Turkmenistan van de Amerikanen, in ruil voor hun medewerking, steun voor de aanleg van olie- en gaspijpleidingen via Afghanistan en Pakistan naar de Indische Oceaan kunnen eisen. De aanleg van zulke pijpleidingen (voor Turkmenistan zo belangrijk dat het in het intern-Afghaanse conflict altijd zorgvuldig neutraal is gebleven tussen de Noordelijke Alliantie en de Talibaan) zou Rusland beroven van inkomsten en invloed in het gebied. En wat gebeurt er als er 300.000 Afghaanse vluchtelingen naar Centraal-Azië komen? Of als de Talibaan Oezbekistan aanvallen? Wie betaalt dan de rekening? Rusland.

Poetin heeft die bezwaren terzijde geschoven. Volgens sommige bronnen heeft hij vorige week in langdurige telefoongesprekken met zijn Amerikaanse ambtgenoot Bush de belofte gekregen dat Amerika geen misbruik van de situatie zal maken, niet zonder overleg zal werken aan de installatie van een nieuw regime in Kabul en niet zal praten over de aanleg van nieuwe pijpleidingen vanuit Centraal-Azië naar de Indische Oceaan. Het ziet er naar uit dat Rusland en de VS – voor hoe lang weet niemand – het soort partnerschap hebben waar de pragmatische Poetin al sinds zijn aantreden naar streeft.