`Objectief' debat via de Allerhande

Met hulp van supermarktketen Albert Heijn regisseert Jan Terlouw een debat over genetisch gemodificeerd voedsel. ,,Het is bedoeld om de consument gerust te stellen.''

Is het mogelijk een `publiek' debat te voeren over een onbekend onderwerp als genetische aanpassing van planten en dieren voor de voedselproductie? Om te debatteren moeten burgers de feiten kennen. Maar welke feiten? De stoet wetenschappers, milieu-beschermers en bedrijven die door de commissie-Terlouw is gevraagd om kennis over te dragen op discussie-bijeenkomsten, blijken van mening te verschillen over betekenis van bijna elk `feit', waardoor polarisatie tussen voorstanders en tegenstanders voortdurend op de loer ligt.

Dat bleek deze week nog eens bij het deskundigendebat dat de commissie in de Eerste Kamer organiseerde. ,,Genetisch gemodificeerd voedsel is nu al het veiligste dat er is'', poneerde stellig R. van Leen, voorzitter van de vereniging van de biotech-industrie Niaba. Milieudeskundige Lucas Reijnders, kort daarop: ,,De grote gouden bergen die de gentechnologie beloofde, zijn tot nu toe vooral molshopen gebleken.'' Reijnders, zelfs overigens niet principieel tegen biotechnologie, is kritisch over het maatschappelijke debat à la Terlouw, dat hij niet ,,eerlijk'' vindt. Van Leen: ,,Dit maatschappelijk debat is bedoeld om de consument gerust te stellen.''

Argusogen volgen elke stap die de commissie-Terlouw onderneemt om `haar' maatschappelijk debat, dat overigens wordt gepromoot onder de titel `Eten en Genen', onder de aandacht te brengen van het publiek. Gisteren werd bekend dat de commissie haar enige geschreven voorlichtingsmateriaal over het onderwerp – naast een website, een rondtourend toneelgezelschap en een serie discussie-avonden op scholen, plattelandsverenigingen en vrouwenbonden – heeft laten redigeren door supermarktconcern Albert Heijn. Het voorlichtingsboekje wordt deze maand verspreid via huisblad Allerhande van de supermarktketen (oplage: 2 miljoen).

Terlouw verdedigt de redactionele ingreep aldus: Albert Heijn heeft alleen ,,suggesties gedaan waar wij ons in konden vinden''. Toch is het boekje nu al omstreden, want nadelen van genetische aanpassing worden amper genoemd. Het boekje meldt bijvoorbeeld: ,,Om aan de stijgende vraag naar zalm te voldoen, wordt onderzocht hoe men de productie van zalm kan verhogen. Bijvoorbeeld door zalm te kweken die door een gen van een andere vis beter tegen kou kan (...) Maar kunnen deze sterke zalmen niet andere vissen uit de natuur verdrijven?'' Volgens Milieudefensie kunnen kwekers ook op natuurlijke manieren de productie verhogen, ,,maar díe worden niet genoemd''.

Volgens Terlouw is dat niet vreemd: de opdracht die hij van het kabinet heeft gekregen is te onderzoeken ,,onder welke voorwaarden de burgers gentechnologie zouden accepteren''. ,,De regering zegt: je kunt niet om die technologie heen'', meent Terlouw. Een ja, mits-kwestie, heet dat in politiek Den Haag. ,,Maar als blijkt dat zij onder geen voorwaarde gentechnologie willen, zullen wij díe conclusie voorleggen aan het kabinet'', aldus Terlouw, die zelf zegt nog geen standpunt te hebben ingenomen.

Uit dít debat zal in elk geval nooit de conclusie komen dat Nederlanders gentechnologie willen afschaffen, zegt Reijnders van Natuur en Milieu. ,,De commissie licht niet voor over alternatieven voor gentechnologie en ook niet over de risico's ervan, dus zal de burger daar ook niet op komen''. Hoewel hijzelf ,,uit beleefdheid'' blijft meedoen, kan Reijnders zich ,,goed voorstellen'' dat vijftien organisaties, waaronder Greenpeace, Novib en Natuur en Milieu, vorige week het vertrouwen in Terlouw opzegden. Zij vinden dat het bestaansrecht van gentechnologie zelf ter discussie moet staan.

Eigenlijk verwerpen de milieu-organisaties gentechnologie helemaal, zegt Terlouw, waardoor ze ook alle voordelen zouden willen schrappen. ,,Daarbij verbleken de ingrepen van Albert Heijn.'' Voedsel met genetische aangepaste producten erin noemt Greenpeace bijvoorbeeld `Frankenstein-voedsel', zij spreken niet van aanpassing maar van `manipulatie'. De milieu-organisaties boycotten nu de debatten en organiseren een eigen congres.

Dat is typerend voor een `maatschappelijke discussie' over een ingewikkeld thema, zegt hoogleraar media en cultuur Henri Beunders. ,,De democratie laat toe dat milieu-organisaties roepen wat ze willen, maar door hun geschreeuw verstomt het debat. Dan wordt het ondemocratisch. Dat gaat altijd zo zodra zaakwaarnemers optreden.'' Hij vergelijkt het met `de brede maatschappelijke discussie' over kernenergie onder leiding van oud-minister De Brauw, eind jaren zeventig. ,,Voor- en tegenstanders maakten veel herrie en de gewone burger haakte af. Uiteindelijk bepaalt zo'n debat overigens niet de politieke beslissingen – dat doen de krachten in Den Haag.''

Het was juist de herinnering aan het emotionele karakter van het debat over kernwapens, die voor de opdrachtgever van Terlouw, minister Brinkhorst (Landbouw), vorig najaar reden was om het debat over biotechnologie anders aan te pakken. We moeten af van het polariserend debat met een `sjablonenkarakter' en `voorspelbare posities', zei hij toen in deze krant. Partijgenoot Terlouw kreeg later van de D66-minister de opdracht een ,,objectiverend'' maatschappelijk debat te regisseren, gericht op de ontwikkeling van kennis. `Terlouw' heeft daarbij gekozen voor debatvormen die verhitte gemoederen vermijden.

Soms leidt dat tot wonderlijke taferelen, zoals maandag in de Eerste Kamer. Deskundigen uit de commissie, zoals Galjaard, speelden stommetje door aan andere deskundigen niet hun eigen vragen voor te leggen, maar een selectie van 8.000 vragen die de commissie bij het publiek heeft verzameld. Op de achterste bankjes luisterde zwijgend een dertigtal `doorsneeconsumenten', deel van een geselecteerde groep van 150 waarmee de commissie de komende maanden vertrouwelijke gesprekken zal voeren over hun gedachten over gentechnologie.

Maar dan: hoe anders? Mediadeskundige Beunders: ,,Wij zijn gewoon niet geïnteresseerd in voeding. Drie maanden na de MKZ- en BSE-crises eten we weer bergen vlees. Het goede vlees exporteren we en zelf eten we de troep in een goedkoop frikadelletje.''