Verzuim scholieren daalt door controle

Streng zijn helpt tegen schoolziekte. Het ziekteverzuim onder leerlingen op twee vmbo-scholen in Utrecht is fors gedaald na een experiment met controle door een schoolarts. De afgelopen twee jaar is het verzuim onder scholieren gedaald van 5,7 procent van het aantal lesuren naar 4,4 procent.

Volgens een woordvoerster van de gemeente Utrecht heeft het experiment aangetoond dat ,,streng zijn en controleren'' het verzuim onder scholieren goed kunnen tegengaan. De proef is gehouden in samenwerking met de GG&GD in Utrecht. De geselecteerde scholen staan erom bekend dat zij een hoge uitval van vooral allochtone leerlingen te hebben.

De scholen kregen elk een coördinator die zich alleen bezighield met verzuim. Hiermee moest voorkomen worden dat leerlingen ongemerkt dagen thuiszitten. Iedere leerling die ,,bijzonder verzuimgedrag'' vertoonde of langdurig wegbleef, kreeg een oproep voor de schoolarts.

Bij twee derde van de leerlingen bleek dat lichamelijke problemen de oorzaak van het verzuim waren. Bij de helft van de onderzochte leerlingen bleek dat er psychische problemen meespeelden. Verder had een derde van de leerlingen die thuisbleven problemen in het gezin en was er bij een derde sprake van `onwil'. Bij twee van de drie leerlingen is het verzuim na tussenkomst van de schoolarts verminderd. Ongeveer een kwart van de scholieren werd doorverwezen naar medische of andere hulpverleners.

Om te voorkomen dat leerlingen de oproep voor de schoolarts naast zich zouden neerleggen, hebben de scholen speciale `vangdagen' in het leven geroepen. Leerlingen werden dan uit de les gehaald en direct naar de arts gestuurd. Overigens noemen de gemeente Utrecht en de GG&GD het opvallend dat zich onder de groep verzuimende leerlingen een relatief hoog percentage autochtone leerlingen bevindt.