Mogelijk ook aanvallen op andere landen

De Verenigde Staten zullen mogelijk na Afghanistan ook andere landen en organisaties moeten aanvallen om een eind te maken aan het terrorisme.

Irak, dat zich aangesproken voelde, waarschuwde Washington meteen niet onder het voorwendsel van de strijd tegen terrorisme oude rekeningen te vereffenen. In een vraaggesprek onderstreepte minister van Buitenlandse Zaken Naji Sabri dat ,,de VS en hun bondgenoten heel goed weten dat Irak niets te maken heeft met de groepen die volgens Washington achter de aanslagen'' van 11 september zitten.

Washingtons mededeling kwam gisteren in een brief aan de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties waarin het meedeelde met zijn aanvallen op Afghanistan zijn recht op zelfverdediging krachtens het VN-handvest te hebben uitgeoefend. ,,Mogelijk zullen wij tot de conclusie komen dat onze zelfverdediging verdere actie vereist met betrekking tot andere organisaties en andere landen'', aldus de Amerikaanse VN-ambassadeur, John Negroponte, in de brief aan de Veiligheidsraad. ,,Er is nog veel dat we niet weten. Ons onderzoek is nog maar in de eerste fase.''

Het Witte Huis onderstreepte later dat Negroponte in zijn brief alleen maar herhaalt wat president Bush van het begin af steeds aan heeft gezegd. Groot-Brittannië, dat deelneemt aan de aanvallen op Afghanistan, liet echter meteen weten dat de aanvallen vooralsnog beperkt blijven tot Afghanistan. ,,Daar ligt het probleem, en daar heeft de militaire actie plaats waarbij wij zijn betrokken'', zo zei de Britse minister van Buitenlandse Zaken, Jack Straw, in Luxemburg.

Europese diplomaten waarschuwden dat iedere poging om de campagne tegen het terrorisme tot bij voorbeeld Irak uit te breiden, zoals eerder al onder anderen de Amerikaanse onderminister van Defensie Wolfowitz heeft gesuggereerd, de huidige coalitie zal opblazen. Volgens de zegslieden zal Washington dan niet alleen veel Arabische en islamitische landen van zich vervreemden, maar ook belangrijke Europese partners, waaronder Frankrijk en Rusland.

Negroponte en zijn Britse collega, Sir Jeremy Greenstock, lichtten later de Veiligheidsraad in over de huidige militaire actie. Volgens diplomaten spraken alle 15 leden hun steun uit voor de aanvallen, hoewel er verschillen in toon waren.