Bollenstreek valt Veenendaal binnen

In de Golfoorlog viel het land met `s wereld op één na grootste bewezen oliereserves, Irak, het land met de op drie na grootste reserves, Koeweit, binnen en bedreigde zo het land met de grootste oliereserves, Saoedi-Arabië. Economische belangen waren niet los te zien van de politieke achtergrond van het Westerse antwoord van destijds.

Maar wat is, afgezien van zwaarwegende veiligheids- en geopolitieke overwegingen, het economische gewicht van Afghanistan?

Neigend naar nul.

Cijfers over Afghanistan zijn lastig te krijgen, onbetrouwbaar en komen uit veel elkaar tegensprekende bronnen. Maar een globale indruk levert een overwegend agrarische economie op met een bruto binnenlands product van een kleine 1,6 miljard dollar. Per hoofd van de bevolking is dat volgens VN-organisatie Unctad 70 dollar, gecorrigeerd voor de veel lagere lokale prijzen mag dat cijfer met ongeveer tien worden vermenigvuldigd.

Hoe groot is een economie met een bbp van 1,6 miljard dollar? Elke vergelijking met Nederland gaat natuurlijk mank, maar het kan geen kwaad om het toch een beetje aanschouwlijk te maken: 1,6 miljard dollar staat gelijk aan het bbp per hoofd van iets meer dan 60.000 Nederlanders. Dat is een groep mensen ter grootte van de gemeente Veenendaal of, desgewenst, viermaal Urk.

Dan de buren van Afghanistan. In harde dollars, dus nogmaals niet gecorrigeerd voor de lokale koopkracht, is de economie van Pakistan ruwweg even groot als die van Noord-Holland, en is die van Iran vergelijkbaar met Zuid-Holland en Utrecht samen. Van de noordelijke buren komt Turkmenistan in gewicht overeen met de agglomeratie Haarlem, en gaat heel Tadzjikistan ruim tweemaal in Zeeuws-Vlaanderen. Oezbekistan, dat een belangrijke rol speelt bij het faciliteren van de aanval, is economisch weinig groter dan Leiden en de Bollenstreek.

De productie van opium en derivaten voegt maar weinig toe aan de `officiële' schattingen over de Afghaanse economie. De schatting van de Verenigde Naties (UNDCP) over de waarde van de opiumoogst in 2000 bedraagt 91 miljoen dollar.

De cijfers maken veel duidelijk. Niet alleen de merkwaardige verhouding tussen het doel en de middelen van de Afghanistan-campagne – de nieuwbouw van één vliegdekschip kost driemaal het jaarlijkse Afghaanse bbp.

De Afghaanse cijfers onderstrepen ook hoe overweldigend het effect moet zijn geweest van de komst van die Saoedische jongeling die er destijds neerstreek. Met een geschat vermogen van kwart miljard dollar kun je veel doen, en al helemaal in Afghanistan.