Oorlogje

Tussen landen woeden oorlogen, tussen mensen oorlogjes. Omdat elders in deze krant genoeg te lezen valt over de eerste categorie, wil ik even terugkomen op een bijzonder oorlogje dat zich zaterdagavond op de Nederlandse tv (RTL 5) afspeelde. Het gebeurde na de wedstrijd Nederland-Andorra eindelijk een prachtige zege voor Nederland – en de strijdende partijen waren de journalist Frits Barend en de bondscoach Louis van Gaal.

Hoeveel tv-interviews van journalisten met coaches zal ik in mijn leven hebben gezien? Het moet de duizenden belopen. Laat ik het nog ruimer nemen: hoeveel interviews van journalisten met autoriteiten ook buiten de sport – heb ik überhaupt gezien? Dat moet royaal boven de 100.000 liggen. Toch heb ik nooit eerder zo'n merkwaardig interview als dat van Barend met Van Gaal gezien.

Dit was geen interview meer, maar een verbaal bloedbad. Hier zaten twee mensen aan tafel die zó genoeg hadden van elkaar dat ze opeens besloten een einde te maken aan de huichelarij, waartoe ze in hun openbare gesprekken altijd waren veroordeeld. Vergelijk het met een verstandshuwelijk waarin de onderdrukte gevoelens van afkeer opeens uit de schil van de schijnvrede breken.

Wie begon er?

De klassieke vraag. In mijn waarneming was het Louis van Gaal, die al als een donderwolk kwam binnengewaaid. ,,Ik wil suiker en melk'', gebood hij terwijl hij naar zijn kop koffie keek. Barend bleef nog even kalm, maar het hielp niet. Van Gaal was niet te verzoenen. Hij wilde afrekenen met de vijand. Hij wilde hem villen, dood, maar liefst levend, en als hij hem niet te pakken kon krijgen, zou hij hem uit zijn hol roken. Oorlog is oorlog.

Waarom zo vijandig opeens?

Mijn theorie is dat Van Gaal zelf al besloten heeft zijn ontslag als bondscoach te nemen. De wedstrijd tegen Andorra was zijn laatste. Hij had dus nog één kans om zijn vijand te grazen te nemen. En de vijand was de man van RTL, die hem na elke slechte wedstrijd zulke lastige vragen had gesteld.

,,Kruisverhoor'', noemde Van Gaal het als Barend hem vroeg waarom hij speler X gewisseld had voor speler Y, en als Barend vervolgens geen genoegen nam met het eerste het beste antwoord.

,,Dat is zeker journalistiek op niveau'', hoonde Van Gaal nu. En even later: ,,Heb jij wel voetbalverstand?'' De normale reactie van de journalist daarop is: de belediging negeren en beleefd doorvragen. Dat deed Barend nu eens niet. Hij ging volledig in de tegenaanval: ,,Nou, dat was zeker het afgelopen jaar coachen op niveau?'' En: ,,Ja, ik heb voetbalverstand. En ik voetbal ook nog zelf.'' (Van Gaal voetbalt niet meer.) Dit ging zo'n kwartiertje door.

Barend vertelde me later dat hij er opeens genoeg van had. Hij wilde zich niet langer laten schofferen. ,,Ik dacht: ik kom óók uit Amsterdam, je kunt het krijgen. Nee, ik heb geen hekel aan Van Gaal, ik houd alleen niet van zijn manier van optreden tegen de pers.''

De journalist in mij moet nu zeggen: dat was niet professioneel. Maar als kijker, voetballiefhebber én democraat was ik dik tevreden. De arrogantie van de macht was afgestraft. Dat werd bij Van Gaal hoog tijd.