Mevrouw Soad vindt roos `mooi gebaar'

In Leeuwarden gingen gisteren christenen op pad om moslims een roos te overhandigen. Soms was dat aanleiding voor een gesprekje over het geloof. ,,Wij bidden tot dezelfde God.''

In de hal van het Leeuwarder schoolgebouw, waar de Vrije Baptisten wekelijks kerken, staan twee emmers met een kleine honderd rode rozen klaar. Ernaast ligt een bosje, bestemd voor imam Kharraz. Aan elke roos hangt een kaartje met een identieke tekst: ,,De God van Abraham, Isaäc en Ismaël (of Jacob, maar dat is dezelfde) zegene U.''

Na de dienst delen meisjes de rozen uit aan gemeenteleden met het verzoek ze te willen geven aan een bekende of onbekende moslim. Het initiatief is van ouderling Piet Hollander, die deze ,,mensen in nood een handreiking'' wil doen.. Elke kerkganger zegt de rozenactie ,,positief'', te vinden, maar menigeen vertrekt zonder roos. ,,Wij kennen geen moslims.''

Jacob Rodenhuis belooft wel een moslim te verrassen. Hij woont in het dijkdorp Oudebildtzijl en geeft de roos morgen aan zijn collega. ,,Een Marokkaanse moslim, een hele zachtmoedige man.'' Hij zegt veel respect voor hem te hebben. Nee, een gesprek over Jezus Christus als redder der mensheid zal hij niet zo snel voeren. ,,Ik ga hem echt niet proberen te bekeren.''

Maria van der Heide neemt drie rozen mee, om aan haar moslimburen in de Leeuwarder wijk De Kei te overhandigen. Met haar dochter Wendy de Haan gaat ze op pad. Ze belt aan bij overbuurvrouw Soad, geeft haar een hand en zegt dat ze haar gezin ,,namens de kerk en mezelf een roosje'' komt aanbieden, ,,want ik weet niet of jullie door die toestanden in Amerika ook lelijke gezichten zien.'' Mevrouw Soad is verrast en zegt direct dat ze het ,,zielig'' vindt voor alle getroffen gezinnen in Amerika. ,,De meeste moslims zijn gewone mensen, die normaal leven en werken en beslist niet achter de terreuractie staan.'' Ze is ,,verrukt'' door de roos. ,,Een mooi gebaar. Het laat zien dat mensen aan je denken.''

Dan gaat Van der Heiden naar haar buurvrouw Malika, die een zwart hoofddoekje draagt. Zij heeft niet het idee dat ze na de aanslagen in de Verenigde Staten anders wordt bejegend of bekeken dan voorheen. Er ontstaat een gesprek over het geloof. Malika: ,,Wij geloven in alle profeten die in de Koran staan. Ook in Jezus ja, maar niet als Zoon van God.'' ,,Maar gelooft u ook dat hij weer terug naar de aarde keert?'' wil Maria van der Heide weten. ,,Hij komt terug, tuurlijk! Allah zegt dat'', antwoordt Malika. ,,Hij komt terug als teken dat de wereld vergaat.'' Wendy de Haan: ,,Ik hoop niet dat dat nu is.''

Piet Hollander bezoekt imam A. Kharraz en de voorzitter van de religieuze moslimvereniging S. Bentaieb in de moskee in Leeuwarden. Hollander wil ,,niet over'', maar ,,met de moslims'' spreken. De imam is ,,heel dankbaar'' over Hollanders komst. ,,Ik heb respect voor u. Wij bidden tot dezelfde God.'' Bentaieb zegt dat de islam niets met terrorisme te maken hebben. ,,In de Koran staat dat je geen mensen mag doden. Trouwens, in de Twin Towers werkten 2.000 moslims.'' De imam en Hollander spreken af elkaar vaker te zien en ,,een relatie op te bouwen.'' Hollander laat zich hierbij leiden door het grootste gebod: liefde voor God en de naaste. ,,Liefde verdrijft alle angst en vrees. Liefde verdraagt alles. Ja, 1 Corinthe 13.''

Maar is het niet de taak van een christen om zending te bedrijven en iedereen te vertellen over Jezus Christus als Gods Zoon die met zijn kruisdood stierf voor de zonden van de mensheid? Hollander diplomatiek: ,,Ik ben ervan overtuigd dat er een moment komt dat de verschillen wegvallen en iedereen de naam des Heren aanroept en elke knie zich zal buigen voor Jezus.'' Bentaieb onderstreept dat hij op zijn beurt het christendom respecteert. ,,We willen in vrede leven.''

Na zijn bezoek vertelt Hollander dat steeds meer moslims zich wereldwijd bekeren tot het christendom. ,,Ze zoeken blijkbaar toch de vrede van Jezus. In veel moslimlanden is het geloof gebaseerd op angst.'' Niet dat hij aanstuurt op evangelisatie. ,,Al zou ik het leuk vinden om in de moskee iets te vertellen over mijn relatie met Jezus. Eigenlijk zouden mensen moeten zeggen: wat hij heeft, wil ik ook ontdekken.''