Eco-plintgoten

We mochten van een megabeurs spreken. De hallen 1 tot en met 12 waren gevuld met stands van kabelfabrikanten, instrumentenmakers, installatiebureaus, luchttechnische bedrijven, stroomopwekkers, stroomverbruikers, digiteccers, pneumatici, kristal- en weerstandsbouwers, elektrotechniek kortom. Er waren nouveautés, zo was mij beloofd. De eerste uitstalling was die van de AT telefonische Toegangscontrole, de kastjes met bel en `hallo-wie-is-daar' intercom. Dit leek mij niet heel erg nieuw. Klassiek op het eerste gezicht leken ook de schakel- en verdeelbehuizingen van Legrand. De firma Pilz bracht het veiligheidsrelais PNOZelog bedoeld om een machine uit te schakelen als deze gevaarlijk wordt, met futuristisch hard- en softwarewerk. Ja, dat zou een nieuwtje kunnen zijn.

Ik verzeilde in de stand van GMC-instruments, waar de A200-multifunctionele energiemeter werd gepresenteerd.

,,Een nagenoeg vrije parametrering van de parameters die aangewezen dienen te worden'', zei de standman, wijzend naar de A2000. ,,Dat is toch een voordeel.''

,,Beslist'', zei ik knikkend. ,,Maar hoe staat het met de stroomtrafo overzetverhouding?''

Die bleek instelbaar.

,,En de analoge uitgangen zijn bovendien schaleerbaar.''

Ik klakte met de tong. Een mooi product.

Verder gewandeld. Ik kon me inschrijven voor een cursus draadloze datacommunicatie, bewonderde bij de firma Conta-Clip de nieuwste ontwikkelingen in de wereld van interface en printklem, en las in een vouwblad over de ontwikkeling van de veerklemtechniek – een lange weg, via de Suprafix-banaanstekerfamilie naar de Cage-Clamp. Erg aardig was de demonstratie van een antieke stootspanningsgenerator in de stand van het Amsterdamse museum EnergeticA (elektro-, gas- en lifttechniek, Hoogte Kadijk 400). Knallen van vijfentwintigduizend volt.

,,Dat overleef je niet'', zei ik tegen de museumman.

,,Nee, dan ben je dood.''

Niet alle gesprekken hebben veel om het lijf en zeker de communicatie tussen elektromensen en de generalist op de beursvloer kent zo zijn beperkingen. Naar de filosofie achter de Sineax 530 Meetwaarde-omvormer voor fasehoek heb ik niet geïnformeerd, ik had intussen de stand van Cable Partners in het oog gekregen, waar ik tussen slijtvaste werkplaats- en halogene brandmeldkabels een oud-Hollandse oliebollenkar ontdekte. Een strooibiljet meldde dat het ging om het werk van volgens de landelijke oliebollentest beste oliebollenbakker van Nederland.

Het water liep me in de mond. Ik zag niemand in de buurt, aarzelde even en strak toen mijn hand uit.

,,Even kennismaken?'' hoorde ik vlak achter mij. Ik draaide me geschrokken om, meteen werd mijn uitgestoken hand gedrukt.

,,Ik eh zou wel een oliebol lusten'', zei ik.

,,Uitgesloten'', zei de Cable Partner van dienst. ,,Dat is voor straks.''

Hij meldde dat de slijtvaste werkplaatskabel zeewaterbestendig was, had duidelijk nog meer gegevens op zijn lever, maar ik moest toch verder, naar het ongedacht product.

Ik vond er twee. ET's centraal stofzuigsysteem – een motor in de kelder, zuigaansluitpunten in 't hele huis. ET sprak van 1001 goede redenen om op hun systeem over te schakelen, noemde die niet allemaal, maar ik was al overtuigd. Opwindend, zo centraal bestuurd te kunnen zuigen. Maar toch werd ik warmer van de eco-plintgoten van Bode Elektro, gemaakt van berken- of vurenhout uit Zweden. Hout, bomen, op uitgerekend deze beurs: ongedacht Bode meldt dat er speciale bospercelen bestaan waarop bomen, dromend van een toekomst als plintgoot met elektradraden onzichtbaar in zijn binnenste. Een prachtig beeld uit de elektrotechnische natuur.

Elektrotechniek 2001, Jaarbeurs Utrecht, 1-5 oktober.