Turken struikelend op weg naar Eu

Het Turkse parlement heeft de grondwet aanzienlijk veranderd. De weg is nog lang, maar Turkije geeft de Europese Unie duidelijk blijk van zijn Europese ambities.

Weinigen in Turkije beseften deze week dat het land een flinke stap heeft gezet op weg naar de Europese Unie. ,,Het parlement heeft geschiedenis geschreven, maar het lijkt niemand te interesseren'', klaagde een journalist in de krant Sabah.

Natuurlijk trok de aanzienlijke hervorming van de grondwet de aandacht. Maar bij de commentaren op de enorme operatie (maar liefst 34 artikelen werden veranderd) ging het vooral om het besluit van de parlementsleden zichzelf maandelijks – omgerekend – zo'n 1.300 gulden extra salaris toe te kennen. Schandelijk, in tijden van economische crisis, vond men.

Misschien dat historici de constitutionele hervormingen over vijftig jaar meer kunnen waarderen. Op een moment immers dat de verhoudingen tussen Ankara en Brussel steeds moeizamer werden, heeft het parlement klip en klaar een boodschap gestuurd naar Brussel dat het Turkije wel degelijk ernst is met zijn Europese ambities. De hervorming is een nieuwe stap vanuit de wachtkamer van de EU, waar Turkije in 1999 in kwam, op weg naar het hart van de Europese instituties. Die weg lijkt nog erg lang. Het hervormingspakket schiet op veel punten immers te kort. Zo hadden veel Europeanen gehoopt dat de kwestie van de doodstraf eindelijk zou worden geregeld. Voor hen zijn de hervormingen een fikse teleurstelling: voor terrorisme en verraad blijft de doodstraf bestaan. Ook degenen die hadden gedacht dat Turkije zijn rechtsstaat een `Europees' fundament zou geven, zagen hun hoop niet geheel vervuld. Op veel punten, zoals de rechten van arrestanten, had het parlement volgens critici moediger moeten optreden.

Het neemt niet weg dat er wel degelijk flinke stappen vooruit zijn gezet. Van oudsher waren vele Turken mordicus tegen Koerdische radio- en televisiestations omdat deze – zo dacht men – propaganda zouden maken voor de Koerdische Arbeiderspartij (PKK) van Abdullah Öcalan. Nu de term `verboden talen' uit de grondwet is geschrapt, lijkt de weg voor een groter gebruik van het Koerdisch open. Daarmee is ook de gedachte aan het toestaan van Koerdische radio- en televisiestations niet meer zo onwezenlijk als vroeger. Overigens mag het gebruik van andere talen dan het Turks in geen geval `de eenheid van Turkije' of de openbare orde in gevaar brengen.

Ook op het gebied van de fundering van de rechtsstaat is er vooruitgang geboekt. De huidige grondwet werd ingevoerd nadat Turkije – na de militaire dictatuur – opnieuw de overstap wilde maken naar de democratie. Voor het leger, dat een grote rol speelde bij de opstelling van de constitutie, stond de noodzaak om mogelijke politieke problemen de kop in te drukken, voorop. Mede daarom werd weinig aandacht besteed aan de bescherming van de rechten van het individu. Zo moet een rechtbank toestemming verlenen voordat tot huiszoeking kan worden overgegaan en wordt het aanmerkelijk moeilijker om politieke partijen te verbieden.

Er blijven aanmerkelijke lacunes, maar Turkije is vooralsnog geen lid van `Europa', dus er blijft tijd om opnieuw verandering door te voeren. De grote schoonmaak van vandaag staat een nieuwe opruiming in de toekomst niet in de weg. Zo zal er zeker nog een keer een amendement moeten komen dat de Europese wet boven de Turkse stelt, omdat anders geen EU-lidmaatschap mogelijk is.

Maar alleen al het feit dat er nu al over een grondwetsaanpassing in deze richting werd gesproken, bewijst dat het Turkije ernst is bij Europa te horen. In oude geschiedenisboeken over Turkije wordt vaak gesproken van de schizofrenie van de gemiddelde Turk. Deze voelt zich Europeaan, maar is moslim en hoort er daarom niet echt bij. Tegelijkertijd wil hij modern zijn en verlicht, en voelt zich daarom ook geen deel van het Midden-Oosten.

Toen Turkije kandidaat-lid werd van de EU leek die schizofrenie uitgebannen, maar de laatste maanden dreigde zij terug te komen, al was het maar omdat de relatie met Brussel zo moeizaam verliep. Hoe moeizaam bleek wel toen geruchten de kop opstaken dat de EU het kandidaat-lidmaatschap van Turkije wilde beëindigen omdat het toch een weg was zonder einde. Met de grondwetshervorming heeft het Turkse parlement de moeizame relatie nieuw leven ingeblazen. De dreigende terugval in de schizofrenie lijkt daarmee voorlopig weer bezworen: Brussel blijft voor Ankara het doel.