Zeven dagen lezen

De succesvolle uitgeverij Atlas bestaat vandaag tien jaar. Directeur Emile Brugman wordt de compagnon van ex-Meulenhoff uitgeefster Tilly Hermans. ,,Ik ken geen uitgeverswetten.''

,,Zo rond mijn zestiende ontdekte ik dat je ook kon reizen zonder erover te schrijven. Dat was een hele opluchting.'' Emile Brugman, gegrepen door Slauerhoff, vierde zijn eenentwintigste verjaardag in Kabul, een stad waar je de drugs bij het hoofdbureau van politie kocht in een streek waar `ongewassen jongens met lang haar' bij ieder huis welkom waren. ,,Ik heb geen aanvechting om nu weer in Kabul te willen zijn. Je realiseert je dezer dagen wel hoe krankzinnig de wereld veranderd is. Die ontzettende gastvrijheid is totaal verdwenen.''

Tijd om naar Kabul te gaan heeft Brugman ook niet. Vandaag viert zijn uitgeverij Atlas het tienjarig bestaan met een groot feest en twaalf jubileumboeken – deels herdrukken en deels nieuw werk – van zijn belangrijkste auteurs, zoals Cees Nooteboom, Paul Theroux, Benno Barnard, Kristien Hemmerechts en Geert Mak. Dikke boeken, met vaak een geografische aanduiding in de titel: De omweg naar Santiago, Afrika, Hotel Honolulu, Hoe God verdween uit Jorwerd.De emancipatie van de reisliteratuur geldt als een van de voornaamste successen van Atlas, maar Brugman vindt niet dat de reisboeken zijn fonds overheersen. ,,Ik ben er juist trots op dat het van de pure fictie van Hemmerechts naar echte reisboeken loopt. Als je een overkoepelend thema wilt aanwijzen, is dat nieuwsgierigheid. De behoefte om de wereld in kaart te brengen. Dat is natuurlijk ook het oorspronkelijke idee van de atlas.''

Brugman geldt als een van de meest succesvolle uitgevers van de laatste jaren: Geert Maks De eeuw van mijn vader werd een zeker voor non-fictie ongekende bestseller en onder zijn hoede leverde een auteur als Jeroen Brouwers vorig jaar Geheime kamers af, een boek dat al de Multatuliprijs en de Gouden Uil opleverde en is genomineerd voor de AKO-literatuurprijs. Brugman geldt bovendien als een klassiek uitgever: een man die alles leest en zich zelden vertoont in de door alcohol en achterklap gedomineerde `literaire' uitgaansgelegenheden. In zijn werkkamer liggen vier grote tafels vol met onoverzichtelijk gestapelde manuscripten, drukproeven en boeken.

,,Ik lees vanaf mijn tiende, elfde'', herinnert Brugman zich. ,,Van wat ik daarvoor heb gedaan, heb ik eigenlijk geen flauw benul. In Amsterdam op straat spelen, denk ik. Al snel was mij duidelijk dat ik niet mijn hele leven wilde reizen en dat er geld verdiend moest worden. Het liefst met boeken. Ik ben begonnen in een boekhandel, maar uitgeven is net iets leuker, omdat je dan de boeken die je zou willen lezen maar die niet bestaan, kunt laten maken.''

Meulenhoff

Brugman richtte Atlas op met Ellen Schalker, nadat hij in 1991 werd gepasseerd voor het directeurschap van De Arbeiderspers. Hij had daar twaalf jaar gewerkt als redacteur. Vijftien auteurs volgden hem, De Arbeiderspers achterlatend in een kwakkelende toestand die nog tien jaar zou aanhouden. ,,Het was pijnlijk en sommige mensen neem ik het nog altijd kwalijk, maar ik heb geen spijt van hoe het gelopen is. Ik denk oprecht nooit meer over De Arbeiderspers na.''

Het tumultueuze vertrek van Brugman bij de Arbeiderspers werd afgelopen maand veelvuldig gememoreerd in de berichtgeving rond de exodus bij uitgeverij Meulenhoff, waar een twaalftal auteurs Tilly Hermans volgden naar haar nieuw op te richten uitgeverij. Hermans' uitgeverij zal binnen het concern Veen Bosch en Keuning `organisatorisch samenwerken' met Atlas. ,,We hebben een avond gepraat over hoe Atlas werkt. Dat is alles. De komende weken zullen we de precieze invulling gaan bespreken. Er komen in ieder geval twee gescheiden uitgeverijen. Dat wil zij en dat wil ik.''

De beslissing om te vertrekken en voor jezelf te beginnen is zwaar, benadrukt Brugman. ,,Dat was het voor mij na twaalf jaar en dat zal het voor Tilly Hermans na dertig jaar Meulenhoff zeker geweest zijn. Dan ga je niet zomaar weg. Waarschijnlijk heeft men er daar op gegokt dat ze de stap niet zou zetten. Zoals men tien jaar geleden bij de Arbeiderspers zei: maar Emile, die kan toch nergens heen?'' Dat bleek een misrekening, al bleef het een riskante stap. ,,Het grootste gevaar is dat je dingen waarvan je dacht dat je ze kon, niet blijkt te kunnen.'' Om de risico's in te dammen besloot Brugman Atlas dan ook op te richten als onderdeel van uitgeverij Contact. ,,Ik wilde zeker weten dat ook als Atlas na drie jaar zou mislukken, de schrijvers hun royalties nog uitbetaald zouden krijgen. Achteraf had het ook best als zelfstandig bedrijf gekund.'' Zoals hij hetzelfde ook bij de Arbeiderspers had kunnen opbouwen, zegt hij glimlachend. ,,Dan was het nog mooier geweest.''

Schrijvers lopen niet zomaar achter een uitgever aan: Brugman geldt als uitgesproken toegewijd redacteur. Vrijwel al het oorspronkelijk Nederlandstalige werk dat bij Atlas verschijnt, redigeert hij zelf. ,,Op die manier wil ik uitgeven. Het gaat me om het contact met de auteurs, die moeten zich thuis voelen. Dat kost zeven dagen per week. Misschien is dat ouderwets. Tegen financiële mensen zeg ik dat ik per dag verder de negentiende eeuw in verdwijn, maar het is uitgesproken dom om op het gebied van marketing ouderwets te willen zijn. Je moet geld verdienen om leuke dingen uit te kunnen geven. Zo vind ik het een misverstand dat Johan Polak [de oprichter van Athenaeum, Polak & Van Gennep, AF] een groot uitgever was. Hij heeft er op een schitterende manier een grote erfenis doorheen gejaagd. Daar ben ik hem dankbaar voor, want de boeken zijn prachtig, maar goed uitgeven is het niet.''

Geert Mak

Zoals overal wordt ook bij Atlas het grootste deel van het geld binnengebracht door enkele boeken. Geert Maks De eeuw van mijn vader was de grote uitschieter. ,,Toen Geert het af had, zei ik tegen hem dat we het goed zouden verkopen. Het was het soort boek waarbij je kunt dromen van honderdduizend exemplaren, omdat het verhalen vertelt die voor veel mensen herkenbaar zijn. Het werden er 350.000, wat eigenlijk onvoorstelbaar is.''

De eeuw van mijn vader was een idee van Mak, maar Brugman zoekt ook graag auteurs bij zijn eigen ideeën. ,,Een paar jaar eerder wilde ik een boek over de wijze waarop het Nederlandse platteland de afgelopen twintig jaar onherkenbaar is veranderd. Ik had het met Geert Mak over wie dat zou kunnen schrijven. Na drie maanden belde hij me op om te zeggen dat hij iemand gevonden had. Hijzelf.'' Het boek, Hoe God verdween uit Jorwerd, werd een bestseller. Het vermogen om van non-fictieboeken veel exemplaren te verkopen, zoals het ook in de jubileumreeks heruitgegeven De graanrepubliek van Frank Westerman (,,Het beste boek dat ik ooit heb uitgegeven''), is een van de zaken waarin Atlas zich onderscheidt. Brugman weet niet hoe dat komt. ,,Ik ken geen uitgeverswetten. Ik doe maar wat.''

De fondslijst van Atlas valt in vier ongeveer gelijke delen uiteen. De helft Nederlands en de helft vertaald, beide verdeeld in gelijke delen fictie en non-fictie. ,,Het is een verdeling waarmee ik gelukkig ben. Waarschijnlijk wordt het Nederlandse deel de komende jaren wat groter dan het vertaalde, maar dat heeft met het grote aanbod aan goede manuscripten te maken. Dat bepaalt uiteindelijk wat er gebeurt. De markt kan wel vragen om een prachtige vrouw van 35 met een prachtige roman, maar die moet je dan wel weten te vinden.'' Van verzakelijking en aansporingen tot `winstmaximalisatie' veelvuldig gehoord in de crisis rond Meulenhoff zegt Brugman geen last te hebben. ,,Als de cijfers in orde zijn, kan ik doen wat ik wil.'' Atlas is eigenlijk precies geworden wat Brugman tien jaar geleden voor ogen stond, zegt hij. ,,We geven zeventig boeken per jaar uit, dat is precies goed. En ik denk dat we belangrijk zijn geweest voor de emancipatie van het reisboek in Nederland, al wordt er nog altijd op het genre neergekeken. Wat dat betreft is er nog een lange weg te gaan.''

Hoezeer uit de Atlas-boeken ook het verlangen naar buiten spreekt, het werk kluistert de uitgever zelf aan huis. Bijna altijd. ,,Je reist altijd te weinig. Er is veel werk en auteurs stellen het niet erg op prijs als je lang weg bent. Deze zomer ben ik als een van de drie passagiers op een Pools vrachtschip van IJmuiden naar Chicago gevaren. Dat is een zeer geciviliseerde vorm van reizen. Wat je dan doet? Veel lezen en vooral ontzettend veel naar de zee en de wolken kijken. En naar vogels. Jan-van-genten, maar ook veel kleine alken die niet zo snel uit het water kunnen komen. Als het schip eraan komt, rennen ze over het water. Eerst zie je niet wat het is, dan blijken het kleine vogels te zijn. Ze zijn niet groter dan een mus. Nee, ik hoef daar niet zelf over te schrijven. Dat kan ik niet goed genoeg. Een uitgever moet uitgeven.''

Wat een uitgever ook moet doen, is voor een goede opvolger zorgen. ,,Als ik nu onder de tram zou komen, weet ik niet hoe lang Atlas nog zou blijven bestaan. En als ik over tien jaar stop, moeten veel van de auteurs nog jaren mee. Ik denk daar wel over na, maar veel heeft dat nog niet opgeleverd. Pas als je voor goede opvolging hebt gezorgd, ben je echt een goede uitgever.''

Voorlopig is er eerst het feest, in het Amsterdamse Open Haven Museum. ,,Daar is de oude vertrekhal van de KNSM. Dat is een mooie, symbolische plek.''

[streamliners] `Ik kan de boeken laten maken die ik wil lezen maar die niet bestaan'

`Ik heb geen flauw benul van wat ik deed voor ik las'