Gemopper over het stilzwijgen van de regering

De Britse premier Blair zet de zaak-Bin Laden op het internet. Premier Kok zwijgt, ook tegen de fractievoorzitters. De Kamer gromt, maar stemt toe.

Waarom wil de Nederlandse regering niet zeggen waarom zij geloof hecht aan de Amerikaanse `bewijzen' voor de schuld van Bin Laden, mopperde gisteren fractieleider De Graaf (D66). Ook Melkert (PvdA) vond de informatieverschaffing ,,te zuinig''. Geef ons tenminste vertrouwelijk informatie in een bijeenkomst van fractievoorzitters, meenden beiden. Nu raakt het draagvlak voor militaire actie in gevaar. Ook bij het CDA nam het ongeduld toe.

Het ongenoegen werd gisteren gevoed door de gang van zaken in Groot-Brittannië. Premier Blair heeft in het Lagerhuis over een en ander verantwoording afgelegd, fractievoorzitters vertrouwelijk geïnformeerd, en ook nog een uitvoerige adstructie op internet gezet. Premier Kok zwijgt.

Wel kwam er gisteren, onverwachts, een brief over een ander aspect van de strijd tegen het terrorisme: de regering stelde de Kamer op de hoogte van de acht concrete maatregelen waarmee Nederland op verzoek van de Amerikanen heeft ingestemd. IJlings namen de Kamerfracties deze brief te baat voor spoedoverleg met de ministers Van Aartsen (Buitenlandse zaken) en De Grave (Defensie).

Over de uitkomsten daarvan kon de regering tevreden zijn: alle partijen (behalve de SP die verhinderd was) gingen akkoord met de maatregelen – overeenkomstig het vertrouwen dat alle partijen behoudens GroenLinks en de SP eerder op voorhand hadden uitgesproken. De verrassing van de avond: ook GroenLinks kan zich met de Amerikaanse verzoeken verenigen. Woordvoerder Karimi legde omstandig uit, dat GroenLinks – bij gebrek aan informatie van regeringszijde – zich maar eigenhandig heeft gedocumenteerd en geconcludeerd dat actie noodzakelijk is.

Toch wilde de Kamer zich op één punt niet de kaas van het brood laten eten: waarom zou men op voorhand moeten afzien van informatie en consultatie als – zoals in de brief als mogelijkheid wordt geopperd – Nederlandse troepen op de Balkan Amerikaanse manschappen gaan vervangen die elders worden ingezet?

Van Aartsen liet weten dat zo'n uitzending van Nederlandse troepen een uitvloeisel zou zijn van artikel 5 van het Navo-verdrag, en dat dus ,,ieder element van vrijwilligheid afwezig is''. Die constatering ging Koenders (PvdA) te ver: hij maakte een voorbehoud. Artikel 100 van de Grondwet, dat zegt dat de uitzending van troepen met argumenten aan de Kamer behoort te worden voorgelegd, mag zo summier niet terzijde worden geschoven.

Verhagen (CDA) en Hoekema (D66) hadden hier ook bedenkingen. Maar een voorbehoud ging hun te ver, want artikel honderd van de grondwet heeft toch een ontsnappingsclausule (lid 2) voor urgente gevallen.

Verreweg het eenvoudigste standpunt was dat van Weisglas (VVD): vóór, en verder geen vragen. De Kamerleden leken beducht voor de indruk, op voorhand het hoofd in de schoot leggen ten aanzien van parlementaire controle. ,,Als straks zou blijken dat de verkeerden zijn gebombardeerd, heeft de regering een enorm probleem'', dreigde Van Middelkoop (ChristenUnie).

Van Aartsen verzekerde dat ondanks artikel 5 niet alle remmen los zijn. De uitzending van Nederlandse militairen, zei hij, ,,moet natuurlijk wel kunnen en passen binnen de mogelijkheden van de Nederlandse armee''. Welk juridisch regime ook van toepassing is, de regering informeert naar vermogen.

Na afloop van het hoogtepunt van parlementaire controle in deze materie tot nu toe leken de Kamerleden betrekkelijk tevreden over zichzelf. Het hete hangijzer van Bin Laden was in dit overleg echter buiten de orde geweest.

Van Aartsen had na afloop, op de gang tegenover journalisten, een verklaring voor de zwijgzaamheid van de regering. De Britten, zei hij, beschikken over informaties over Bin Laden van hun eigen inlichtingendiensten. Het kleine Nederland moet het doen met wat de Amerikanen daarover willen meedelen. Daarover uit de school klappen, ook vertrouwelijk, zou betekenen dat de VS ons nooit meer iets vertellen.