Passieve metropool

New York lijkt een aangeslagen bokser. De stad is passief, iedereen klaagt over gebrek aan klandizie. De terroristische aanslagen hebben de lokale economie in een recessie geduwd. Ruim honderdduizend banen gingen al verloren, met name in de effectenhandel, de middenstand en de horeca, en nog eens 700.000 van de vier miljoen arbeidsplaatsen staan op de tocht. ,,Zelfs de mensen met geld houden de vinger op de knip.''

Het is zaterdagavond zeven uur, en voor het Marriott Marquis hotel op Times Square staat een lange rij zwarte limousines. In de voorste zit chauffeur Sam, een zestigjarige, aimabele man uit de Bronx, een boek te lezen. Hij staat al drie uur te wachten op een ritje. ,,Normaal is het hier een heksenketel'', zegt hij, ,,maar nu heb ik niets te doen. Nog even en ik ga naar huis.''

Sam, die 35 procent van wat hij verdient in zijn zak mag steken en de rest afstaat aan zijn werkgever Spectacular Limousine Service, zegt dat hij ten minste zes klanten à zestig dollar per dag nodig heeft, plus tips, om rond te kunnen komen. Vandaag heeft hij er pas twee gehad. En de fooien stellen ook weinig voor. ,,Zelfs de mensen met geld houden hun vinger op de knip.''

Het gejammer onder taxi- en limo-chauffeurs is een slecht teken voor de economie van New York, goed voor 493,1 miljard dollar 's jaars (anderhalf keer het bbp van Nederland). Taxi's en limo's vervoeren toeristen en zakenlui die van plan zijn geld uit te geven of waarde toe te voegen. Om vrij baan te geven aan reddingswerkers, heeft burgemeester Rudolph Giuliani Manhattan onder de 63ste straat in de ochtendspits gesloten voor automobilisten die alleen reizen. Toch is de toename in het openbaar vervoer nauwelijks merkbaar. Er is maar één conclusie mogelijk: New York is passief.

De terreuraanslag op het World Trade Center heeft niet alleen de voor de hand liggende doelen geraakt, zoals de tientallen kantoren en bedrijven in en rondom het gebouw zelf, veelal actief op Wall Street, maar ook het hart van de economie van de metropool. Dat vertoonde voor elf september al wat ritmestoornissen, maar sinds de ramp, waarvan de schade wordt geschat op zestig miljard dollar, is het aanmerkelijk langzamer gaan kloppen.

Ruim honderdduizend banen zijn verloren gegaan, met name in de effectenhandel, de middenstand en de horeca, en nog eens zevenhonderdduizend van de vier miljoen arbeidsplaatsen in New York staan min of meer op de tocht.

,,De terroristische aanslagen hebben de lokale economie kennelijk in een recessie geduwd'', aldus James Parrott, econoom bij het Fiscal Policy Institute, dat de gemeente New York adviseert en vorige week deze cijfers presenteerde.

Loop door de winkelstraten van Manhattan, zoals Broadway in Soho, of Fifth Avenue onder Central Park, en het lijkt wel alsof de hele stad zich in de uitverkoop heeft gedaan. Overal in de etalages staat, naast de obligate Amerikaanse vlag of een affiche van de Twin Towers, een bord met SALE, en niet alleen omdat er een nieuw seizoen is aangebroken. ,,Armani heeft twintig procent korting'', hoor je shoppers op straat tegen elkaar zeggen. ,,Twintig procent? Dan kan ik het nog steeds niet betalen.''

De stortvloed aan aanbiedingen betekent niet dat de winkels nu al met faillissement worden bedreigd – vooral de grotere winkelketens zoals Macy's, Banana Republic, en Bloomingdale's hebben een lange adem – maar wel dat zij alles in het werk stellen om hun cliëntèle terug de winkel in te lokken. Want de afgelopen weken waren ze daar niet te vinden.

Volgens het Fiscal Policy Institute zal het consumentenvertrouwen in de eerste maand na de aanslag met gemiddeld tien procent afnemen met betrekking tot zogenaamde non-essential items. Met andere woorden: levensmiddelen zoals brood, melk en pizza's worden er nog wel verkocht, maar alles wat je iemand cadeau zou kunnen doen blijft langer in de schappen liggen.

De enige non-essential items die wel lopen, houden direct verband met de ramp, bijvoorbeeld door hun vaderlandslievende inslag. Broekriemen, bandana's, broches, T-shirts, truien en jassen met Stars and Stripes erop verkopen goed. Het is ongelooflijk, maar de Amerikaanse vlag is in korte tijd uitgegroeid tot een cool embleem. Er is een enorme vraag naar ,,God Bless America'', uitgeroepen tot nieuw volkslied voor een gewonde natie, in de versie van Céline Dion. De cd staat al op de zevende plaats bij Amazon.com, en hij moet nog verschijnen.

Maar, zoals Mahammad, de Arabisch-Amerikaanse manager van Playland Gifts, een van de vele souvenirwinkels in Manhattan met identiek assortiment, het treffend formuleert: ,,Het totale verlies aan omzet compenseer ik nooit met vlaggetjes van 99 cent.''

Barnes & Noble, de grootste boekhandelketen van de VS, met vele vestigingen in New York, komt, gevraagd naar de effecten van 11 september op de omzet, met de volgende verklaring: ,,Het bedrijf geeft geen informatie over de categorieën boeken die op dit moment worden verkocht, behalve dan dat er een evidente stijging is in het aantal religieuze en spirituele titels.'' Boekhandels lijden onder het gebrek aan kooplust bij New-Yorkers, maar profiteren van de run op sommige titels, zoals die van Nostradamus, waar de pr-afdeling van Barnes & Noble op lijkt te zinspelen. De nieuwe Stephen King loopt ook goed. Die loopt altijd goed.

Andere bedrijven, eveneens in de `non-essentiële' sector, zien sommige activiteiten afnemen, andere juist onverwachts toenemen. Neem Cablevision. Met 4,5 miljard dollar omzet een lokale gigant, die zware verliezen lijdt bij de exploitatie van sporthal Madison Square Garden, en zijn bioscoopketen Clearview Cinemas, (weinig New-Yorkers gaan dezer dagen uit). Wel ziet het bedrijf de vraag naar kabelaansluitingen stijgen. De zendpalen van de netwerken bevonden zich namelijk op het dak van het World Trade Center. Dus iedereen die tv kijkt met behulp van een antenne, heeft sinds 11 september sneeuw. Toch maar kabel bestellen dan, à veertig dollar per maand.

Over de effecten van de ramp op de onroerendgoedmarkt zijn de meningen verdeeld. Op korte termijn is de vraag juist groter – er is immers drie miljoen vierkante meter kantoorruimte (tijdelijk) onbruikbaar geworden – maar op de iets langere termijn zou de markt wel eens ineen kunnen zakken door de vlucht van bedrijven en particulieren uit het kostbare – en kwetsbare – Manhattan.

Twee belangrijke sectoren van de New-Yorkse economie die ondubbelzinnig onder druk staan zijn Mad Ave, zoals de reclamebureaus op Madison Avenue in de volksmond heten, en de media. Interpublic en Omnicom Group, twee van de grootste reclamebureaus ter wereld, verantwoordelijk voor campagnes voor o.a. Coca-Cola en Budweiser, zien een sterke afname in opdrachten en staan op het punt mensen te ontslaan. De media, zoals AOL Time Warner (met titels als Time, CNN en AOL), tv-netwerk NBC (eigendom van General Electric) en The New York Times Company (kranten, radio en televisiestations) maken een noodgedwongen economische spagaat. Aan de ene kant komt er vrijwel niets binnen aan advertentie-inkomsten en aan de andere kant zijn de bedrijven het aan hun journalistieke ambitie verplicht vele miljoenen dollars te steken in extra verslaggeving op onherbergzame plekken in de wereld. De directies zien dit met lede ogen aan.

Het meest evidente teken dat New York economisch wankelt is de wanhopige pogingen die hotels doen, met name in het hoge segment, om klanten (terug) te winnen. Veel hotels hebben hun tarieven met ten minste dertig en soms zelfs zeventig procent gereduceerd, nadat zij hun bezettingsgraad met twintig tot vijftig procent zagen teruglopen in de nasleep van de terreuraanslagen. Wat niet helpt is dat er, door de economische hoogconjunctuur van de jaren negentig een overcapaciteit aan luxehotels was ontstaan. Gelukkig zijn de nieuwe hotels wel beter gefinancierd dan ten tijde van de Golfoorlog, toen zelfs een keten als het Marriott bijna bezweek onder zijn schuldenlast.

,,Als je wilt helpen: kom dan naar New York en geef geld uit'', schreeuwt burgemeester Giuliani waar hij maar kan van de daken. Maar het Plaza hotel, een van de duurste hotels van Manhattan, met suites die gewoonlijk 1.400 dollar per nacht kosten, staat nog steeds leeg. De witte koetsen met paard voor het bordes blijven ongebruikt. In het restaurant in de grote zaal zit niemand. In de Oak Bar zit alleen een pasgetrouwd stel dat in Greenwich Village woont. Hij: ,,Meestal gaan we in het weekend de stad uit, maar zij wou zo nodig één keer in haar leven in het Plaza logeren.''

Het Plaza heeft zogenaamde Assistance Rates in het leven geroepen, om familieleden van slachtoffers van de ramp, en reddingswerkers, tegemoet te komen (en zodoende wat lege kamers te vullen). De simpelste kamer, die normaal driehonderd dollar kost, moet nu 175 dollar opbrengen. Maar de bij die kamer behorende interior view, is een eufemisme voor geen uitzicht, en tweeëntwintig vierkante meter voor twee personen is volgens sommigen te weinig voor een fatsoenlijk logies.

Voor restaurants geldt mutatis mutandis hetzelfde als voor hotels: het is vooral het hogere segment dat te lijden heeft onder de negatieve stemming in de stad. Tribeca Grill, het sterrenrestaurant in de wijk Tribeca, grenzend aan het voormalige World Trade Center, heeft zijn prijzen voor een driegangenmenu verlaagd van 41 naar 33 dollar. Veel restaurants zien reikhalzend uit naar Columbus Day, een traditionele feestdag op de tweede maandag van oktober. Als de stemming dan nog niet is hersteld, zijn veel restaurants genoodzaakt de deuren te sluiten.

Het toerisme – een economische motor voor de stad die vele malen groter is dan Wall Street – heeft vanzelfsprekend de grootste klap gekregen. Als mensen ergens op bezuinigen in tijden van onzekerheid en angst, dan zijn het reizen en uitstapjes, en al zeker als daarvoor een vliegreis moet worden gemaakt, en dat is in de VS bijna per definitie het geval.

In 2000 bezochten liefst 36,7 miljoen mensen New York, volgens cijfers van het NYC Visitor's Bureau. Samen waren zij goed voor 23 miljard dollar omzet en 227.000 banen. Dit jaar zullen het er aanzienlijk minder zijn.

Sommige attracties in New York zijn niet kapot te krijgen – ook niet in `oorlogstijd'. Wie wil er krap drie weken nadat de Twin Towers zijn afgebrand de lift nemen naar de 86ste verdieping van het Empire State Building? Heel veel mensen. Afgelopen weekend, toen het observatorium voor het eerst weer open was (vrijdag moest het gebouw nog worden ontruimd wegens een bommelding), stond er een lange rij. Alleen waren het geen toeristen. Het waren voornamelijk New-Yorkers die de nieuwe skyline eens van bovenaf wilden bekijken. ,,Ik heb nog nooit zo lang in de rij gestaan voor iets dat er niet meer is'', zegt Keith, een bouwvakker uit Queens, die zijn vrouw en een collega heeft meegenomen. Eenmaal op het hoogste balkon aanbeland, haast hij zich om weer in de rij te gaan staan voor de lift naar beneden. ,,Dacht ik al. Niets aan.''

Broadway, verzamelnaam voor alle (musical-)theaters rond 42nd Street, heeft ook een flinke knauw gekregen, maar dan nog is het er zaterdagavond een drukte van jewelste. Dat is niet zo vreemd: populaire musicals, zoals op dit moment The Producers van Mel Brooks, moet je normaal gesproken maanden van tevoren reserveren.

Op Father Duffy Square, de noordelijke hoek van Times Square, staan honderden mensen voor TKTS, de last minute kaartverkoop. Twee dames uit Yorkshire, Engeland, wachten al ruim een uur in de rij voor kaartjes – al weten ze nog niet voor welke show. The Producers is al uitverkocht. ,,Is The Beauty and The Beast iets? Als het maar niet te ver lopen is.''