Opknippen beursfraudezaak leidt tot extra vertraging

Een speciaal voor de beursfraudezaak ingestelde rechtbank mag een cruciaal dossier niet behandelen. Dat heeft grote gevolgen.

Het moet gistermiddag even slikken zijn geweest voor de drie rechters en de griffier van de `Clickfondskamer'. De rechtbank, speciaal geformeerd om het beursfraudedossier te behandelen, kreeg te horen dat zij in een van de belangrijkste zaken uit Operatie Clickfonds zou worden gewraakt. De zaak van een van de hoofdverdachten, effectenhandelaar E. Swaab, zal nu door andere rechters worden afgewikkeld.

Een speciale wrakingskamer van de Amsterdamse rechtbank gaf Swaabs raadslieden gelijk, toen die betoogden dat de Clickfondskamer de zaak van hun cliënt niet meer objectief kan bekijken. Reden daarvoor is dat dezelfde rechters in een eerder stadium al medeverdachten in de Swaab-zaak hebben veroordeeld onder meer op grond van hetzelfde bewijs.

Dat een wrakingsactie tot succes leidt, gebeurt zelden. Jurisprudentie van de Hoge Raad geeft aan dat een rechter zó professioneel moet worden geacht dat hij iedere keer met onbevangen blik een zaak kan beoordelen, ook in dossiers die met elkaar te maken hebben. Maar in de Swaab-zaak waren de argumenten voor wraking stevig.

Justitie ziet Swaab als spin in het web van een aantal personen uit de financiële wereld. In ruil voor koersinformatie zou hij effectentransacties hebben verricht en de personen dus hebben omgekocht. Dat laatste feit is nooit hard aangetoond. Vast staat dat er geld is gegeven. Over de eventuele tegenprestatie bestaat nog steeds onduidelijkheid. Volgens de medeverdachten was er slechts sprake van een ,,informeel beleggingsclubje''. De Clickfondskamer geloofde dat niet en sprak vorig jaar november toch een veroordeling uit.

Hetzelfde feitencomplex moet nu in de zaak-Swaab worden behandeld. Dat kan niet meer gebeuren door dezelfde rechtbank, betoogden zijn advocaten. Immers: de Clickfondskamer heeft in haar vonnis het bewijs al geïnterpreteerd. En bovendien heeft de rechtbank in feite al een oordeel geveld over het te voeren verweer in de zaak-Swaab. De wrakingskamer nam die argumenten van de verdediging over en dus moeten nu `verse rechters' naar de zaak kijken.

De beschikking heeft grote gevolgen. Om te beginnen zal de rechtszaak minimaal een half jaar vertraagd worden. Binnen de Amsterdamse rechtbank zijn niet zo veel rechters te vinden die goed thuis zijn in het financieel strafrecht. Daarvoor was nou juist de Clickfondskamer opgericht. Met extra geld van het ministerie van Financiën, cursussen en een zo goed als vrije agenda werken de drie rechters en griffier nu al geruime tijd aan de beursfraudezaak. Zij moeten nu verder met onder meer de twee hoofdverdachten in een andere hoofdtak van Operatie Clickfonds, maar de tweede grote poot van het onderzoek is, ondanks maanden van voorbereiding, van hun bordje weg.

Toch had zowel rechtbank als openbaar ministerie (OM) de bui kunnen zien hangen. Het OM koos er bewust voor de zaak-Swaab op te delen en de verdachten apart voor te brengen. De Clickfondskamer zat te wachten op zaken. Ook had het OM, na een lang onderzoek, behoefte aan tastbare resultaten in de beursfraude-affaire.

Dit `opknippen' van de zaak-Swaab was risicovol, zeker in een dossier waarin grotendeels hetzelfde ten laste wordt gelegd en veel bewijzen overeenkomen. In rechtszaken tegen Swaabs medeverdachten ging het eind vorig jaar al bijna net zo veel over Swaab, als over hen. Toen al werd duidelijk dat het voor de zuiverheid waarschijnlijk beter was geweest als de vermeende `omkoper' (Swaab) en de `omgekochten' (de medeverdachten) in één zaak terecht hadden gestaan.