Een bed met een naam

Ach, er zijn zoveel bedden waarin Napoleon heeft geslapen'', zegt mijn vaste beddeler blasé als ik voorstel een nacht door te brengen in de Deftige kamer van het Leidse Hotel Nieuw Minerva. Daar staat een bed waarin Napoleon ooit moet hebben bijgeslapen. ,,Het logeerbed van de Zangeres zonder Naam dan'', opper ik, want het hotel biedt ook overnachtingen aan in de Logeerkamer van Mary Servaes. Die suggestie kan wel rekenen op een gunstig onthaal.

De eigenares van Nieuw Minerva heeft er plezier in hotelkamers op bijzondere wijze in te richten. Met de aankoop van het ameublement van Mary Servaes haalde ze vorig jaar de landelijke media. In het hotel is een afdeling met `romantische kamers' die elk in een eigen stijl zijn ingericht. Op het internet zijn ze voor te bezichtigen, zoals de Keukenhofkamer, intensief bebloemd, de Safarikamer met een muskietennet boven het bed en de Delftsblauwe kamer. Nieuw Minerva brengt zo op eigen wijze de beginselen van de belevingseconomie in de praktijk. De hedendaagse consument zoekt geen eenvoudige overnachting met ontbijt meer, maar een unieke ervaring. Het sympathieke van Nieuw Minerva is dat waar elders zo'n belevenis grif zeshonderd gulden per nacht vergt en in Londen al gauw het dubbele je hier voor 225 gulden onder de pannen bent. De bruidskamers kosten een fractie meer, maar de Bruidssuite met vrijstaand bad, de Rozenkamer en de Engelenbak zijn dan ook imposant. In de Rozenkamer kan de huwelijksnacht echt een unieke belevenis zijn, want die biedt plaats aan vier personen. Hoewel elke kamer iets aantrekkelijks heeft, gaan we toch voor Mary Servaes. Zij is tenslotte geboortig uit Leiden. Bij het reserveren wekt de vriendelijke vrouw aan de telefoon de indruk geen idee te hebben naar welke illustere zangeres de kamer is vernoemd. Ze verhaspelt haar naam.

Hotel Nieuw Minerva is gevestigd in een aantal oud-Hollandse grachtenpanden. In een van de huizen heeft Thorbecke nog gewoond. Aan de achterzijde grenst het hotel aan studentensociëteit Minerva. Eenmaal per jaar komen de studenten een taart aanbieden ter compensatie van de eventueel veroorzaakte overlast.

Toeristen moeten het leuk vinden in het eenvoudige, met zorg beheerde hotel. Op de begane grond hebben de aaneenschakelde ruimtes een veelal oud-Hollands karakter met veel eikenhout, zwart-wit geblokte tegelvloeren en blinkend koper. Er is een bar en een restaurant, maar de ambiance en de kaart bekoren ons niet erg. De combinatie Wienerschnitzel met cocktailsaus mag een gastronomische belevenis zijn, we brengen de avond toch liever op de kamer door. Een halve gegrilde kip en Vienetta met slagroom kun je overal eten, maar verkeren in de sferen van de Zangers zonder Naam kan alleen hier.

De kamer is in boudoirstijl ingericht met een ivoorwit ameublement in prefab craquelé. De vloerbedekking is honingkleurig en in de stoffering overheersen zachtblauwe en beige tinten. Er staan een royaal tweepersoonsbed, een kaptafel met spiegel voorzien van vlindervormige zijpanelen en een linnenkast. Een secretaire met bijpassende stoel, in buikige neo-Louis XVI-stijl, completeren de inrichting.

Veel aandacht is besteed aan de snuisterijen. Op de kaptafel ligt een in petit point geborduurd setje met onder meer een nagelgarnituur en brillenkoker. Over de spiegel hangt een goudkleurige ketting, alsof de Zangeres hem zojuist heeft afgedaan. Vanaf de linnenkast en de vensterbanken grijnzen vijf tuinkabouters ons enigszins malicieus toe.

Doorgaans kun je er beter niet aan denken wie er tevoren in je bed heeft gelegen. Net zomin als je jezelf moet afvragen wat de recente geschiedenis van de handen is die in de schaal pepermuntjes in de garderobe van een restaurant hebben gegraaid of wie zich eerder in de tram aan de vettige stangen heeft vastgeklampt. Als het maar lang genoeg geleden is, dan wordt het weer leuk. Wie zou er in het logeerbed van Mary Servaes hebben gelegen. Johnnie Hoes? Manke Nelis? Of zou haar bewonderaar Gerard Reve in zijn Weertse periode nog een uitstapje naar Stramproy hebben gemaakt?

Aan de muur hangt een vitrine met platenhoezen en colliers van de zangeres. ,,Onvergetelijke liedjes'', meldt een van de platenhoezen. Desondanks zijn toch een aantal van de vijfhonderd opnamen die de zangeres heeft gemaakt ons volstrekt ontschoten. Maar de refreinen van Ach vaderlief, toe drink niet meer en Mandolinen in Nicosia zouden we nog zo kunnen meezingen. Helaas ontbreekt De Soldatenmoeder, een tekst van Lucebert op muziek van de avantgardistische componist Bruna Maderna, met de inderdaad onvergetelijke regel ,,Zij sliep met stenen in haar bed''. Het zal niet in het logeerbed van Mary Servaes zijn geweest. Dat heeft een voortreffelijke matras, waarop het ook voor mensen met slechte ruggen goed slapen is. Jammer dat de studenten na het verlaten van de sociëteit in het holst van de nacht nog wel eens de behoefte blijken te hebben uit te barsten in clubliederen. Daarvoor mogen ze elke dag wel een taart komen brengen.

In luidheid evenaart hun gezang de Zangeres, maar niet in welluidendheid.

Dat doe ik zelf 's ochtends beter in de piepkleine, basaal ingerichte en wat muf ruikende badkamer. Onder de douche komen ze fantastisch tot hun recht, de altijd lastige uithalen van Mexico, Mexicooohooo.