Coalitie moet ergens vóór zijn

Afgelopen weekeinde hielden velen in Nederland een pleidooi voor terughoudendheid wat betreft de militaire tegenactie die wordt voorbereid in verband met de terroristische aanslagen tegen de VS van 11 september. Anders dan Rob de Wijk in deze krant (2 oktober) veronderstelde, zijn oproepen tot terughoudendheid mede ingegeven door overwegingen van humaniteit. Dit staat los van het afschrikken van nieuwe terreuraanslagen. Wat dat betreft: áls de voorbeelden van de Amerikaanse `vergeldingsaanvallen' tegen Libië, Soedan en Afghanistan al iets duidelijk hebben gemaakt, dan is het dat de invloed en de gevolgen van dergelijke aanvallen onvoorspelbaar zijn.

Nu de campagne tegen Bin Laden subtiel is omgevormd tot een campagne tegen het bewind van de Talibaan, kan de militaire actie van de VS en hun coalitiegenoten wel eens zeer omvangrijk en bloedig worden. Anders dan indertijd in Kosovo is er in Afghanistan weinig te bombarderen, zoals De Wijk terecht stelt, maar moet het Westen de klus dan maar laten klaren door de Noordelijke Alliantie?

Natuurlijk is er veel te zeggen vóór de hardhandige verwijdering van het Talibaan-bewind uit Afghanistan. Afgezien van terrorisme is daar de voortdurende schending van de mensenrechten door de Talibaan. Maar, opnieuw anders dan De Wijk beweert, moet er niet zozeer een nieuw soort mentale hardheid van het Westen worden gevraagd, als wel een nieuw soort westerse verantwoordelijkheid. Het is zonneklaar dat het steunen van de Noordelijke Alliantie enkel de burgeroorlog in Afghanistan zal verlengen. Een volledige overwinning op de Talibaan kan niet worden behaald, omdat een volledige overwinning op `de' radicale islam niet kan worden behaald. Wanneer het onderscheid tussen combattant en non-combattant vervaagt, rest een Vietnam-tafereel.

Zoals in Kosovo is gebleken, is het met geweld verwijderen van een regime slechts een begin en op zichzelf volstrekt onvoldoende om langetermijndoelen te realiseren. Het Westen moet, nu het de Talibaan als geheel tot vijand heeft verklaard, ook de daaraan gekoppelde verantwoordelijkheid voor de toekomst van het gebied nemen. Net als in Kosovo zal een permanente aanwezigheid van NAVO-militairen, al dan niet in combinatie met een VN-vredesmacht, noodzakelijk zijn om rust, orde en op termijn voorspoed in Afghanistan te brengen. Een coalitie tégen internationaal terrorisme moet immers ook ergens vóór zijn. In dit geval zou dat naast verhoogde veiligheid en gerechtigheid ook vrede en rechtvaardigheid moeten zijn. Voor het met geweld verwijderen van de Talibaan moet niet de reeds tot het uiterste op de proef gestelde bevolking van Afghanistan de prijs betalen, noch de door het vluchtelingenprobleem uitgeputte buurlanden. En wie in de dreigende `onconventionele' oorlog bij voorbaat elke Afghaanse burger die niet of niet tijdig gevlucht is tot combattant verklaart, moet ook constateren dat in de Twin Towers reeds zesduizend combattanten zijn omgekomen. Of waren dit wellicht martelaren voor het vrije Westen?

Dr. Guido den Dekker is verbonden aan de Leerstoelgroep Volkenrecht van de Universiteit van Amsterdam.