Rumsfeld plotseling naar Midden-Oosten

De Amerikaanse minister van Defensie Donald Rumsfeld is op weg naar het Midden-Oosten voor overleg met bondgenoten in de strijd tegen het terrorisme. Hij zal naar verwachting Saoedi-Arabië, Oman, Egypte en mogelijk Oezbekistan aandoen. Zijn vertrek kwam onverwachts.

Of de reis, die naar verwachting drie dagen zal duren, een directe aanval in Afghanistan uitsluit, wilde men noch op het Witte Huis noch op het ministerie van Defensie zeggen.

De Britse premier Blair suggereerde op het congres van de Labour-partij dat actie aanstaande was. Die toespraak is op het Witte Huis positief opgevat, zei woordvoerder Fleischer, maar op het tijdschema kon hij niet ingaan.

De minister van Defensie is door president Bush op reis gestuurd ,,omdat hij de geschikte man is'', aldus de woordvoerder van het Witte Huis. Hem was gevraagd waarom minister van Buitenlandse Zaken Powell niet een diplomatieke missie in de regio uitvoerde om steun te vergaren. Hieruit is af te leiden dat het er vooral om gaat met nieuw bewijsmateriaal tegen Bin Laden medewerking te winnen voor Amerikaanse acties die gebruimaken van de landen in kwestie.

In Washington liet Rumsfeld het aan een staatssecretaris over zijn belangrijkste project van dit jaar te verdedigen. Door Rumsfelds onverwachte vertrek moest plaatsvervangend minister Wolfowitz het departement gaan leiden en verving staatssecretaris Cambone hem voor de uitleg van de net gepubliceerde Vierjaarlijkse Defensie Studie, een rapport waar door veel waarnemers met spanning naar is uitgekeken.

Sinds zijn aantreden als minister in januari heeft Rumsfeld het ministerie en de Amerikaanse strijdkrachten laten nadenken over hun toekomstige taken. Die heroverweging heeft veel verzet opgeroepen bij politici, die vreesden dat bases in hun districten zouden worden gesloten, en bij militairen, die zich onvoldoende betrokken voelden.

Naar nu blijkt worden de gevreesde inkrimpingen van het 1,4 miljoen sterke defensiepersoneel niet voorgesteld. Ook de angst dat belangrijke nieuwe wapens niet worden besteld is voorlopig niet bewaarheid. In de 75 pagina's dikke studie worden slechts grote lijnen getrokken. Men streeft naar een leniger krijgsmacht, die zowel het thuisfront (herontdekt sinds de terreuraanvallen van 11 september) kan verdedigen als beslissend kan aanvallen in vooruitgeschoven missies overzee.

,,Wat wij hebben geschreven is dat wij moeten leren leven met verrassingen, niet één, maar voortdurend'', zei Cambone gisteravond voor het Center for Strategic and International Studies (CSIS) in Washington. Dat betekent dat het afschrikkingsprincipe nog steeds volop wordt gehanteerd, maar met andere middelen. Amerika zal zich moeten verdedigen tegen `asymmetrische bedreigingen' van uiteenlopende vijanden die met gevaarlijke, vaak tot nu toe niet gebruikte wapens Amerikaanse belangen bedreigen.

De aanslagen hebben de Vierjaarlijkse Defensie Studie volgens Cambone allerminst tot een achterhaald stuk gemaakt. ,,Wij hoefden alleen maar te onderstrepen wat er al stond'': de noodzaak van betere inlichtingenvergaring overzee en meer effectieve verdediging van de veiligheid van burgers in eigen land. Het gebrek aan specifieke maatregelen in de studie is volgens sommigen een teken dat ook een routinier als Donald Rumsfeld, die al eerder minister van Defensie was, niet door het establishment van het Pentagon heeft kunnen breken.

Volgens staatssecretaris Cambone zal bij de volgende begrotingsbesprekingen de praktische vertaling van de hoofdlijnen aan de orde komen op het gebied van materieel en manschappen. Duidelijk was gisteravond dat de defensie-industrie grote kansen ziet in het nieuwe klimaat. De Senaat nam een begrotingswet aan die 345 miljard dollar voor defensie uittrekt, 11 procent meer dan vorig jaar.

In de wet zit ook 8,3 miljard voor de ontwikkeling van een ruimteschild. 1,3 miljard daarvan kan ook aan bestrijding van het terrorisme worden besteed. Los daarvan zit in het pakket de 5,6 miljard die president Bush vroeg voor de strijd tegen het terrorisme, 1 miljard meer dan in de vorige begroting. De Senaat deed er nog eens 217 miljoen bij.