Gelderland overtrad regels Brussel

De provincie Gelderland heeft regels voor Europese subsidiegelden voor economische ontwikkeling ,,miskend''. De administratie van de projecten was niet volgens de regels.

Dat concludeert de Tilburgse bestuurskundige en voorzitter van de Gelderse commissie voor beleidsevaluatie P. Tops. Hij presenteerde gisteren een onderzoeksrapport naar de bestuurlijke gang van zaken rond de ontwikkeling van het `multimodaal Transportcentrum Valburg', dat een overslagknooppunt moet worden voor vervoer over weg, water en spoor.

Voor dit project beschikte de provincie Gelderland over gelden van het Europese Sociaal Economisch Ontwikkelingsfonds (SEOF), dat evenals andere Europese fondsen, zoals het Europees Sociaal Fonds (ESF), gebonden is aan strenge Brusselse regels van verantwoording van de bestedingen. Volgens Tops heeft de provincie de rechtmatigheid van deze bestedingen onvoldoende gewaarborgd en daarmee ,,tegen de grens van het toelaatbare'' geopereerd. Volgens het rapport, dat Tops heeft laten maken door het Crisis Onderzoek Team (COT) uit Leiden, kwam deze administratieve onzorgvuldigheid voort uit een ,,pragmatische besluit'', dat was ,,ingegeven door de ervaren noodzaak van zo min mogelijk regels en optimale snelheid van handelen''.

Het is nog niet duidelijk hoeveel geld er op discutabele wijze is besteed. Wel conludeert Tops dat uit het COT-rapport over het transportcentrum niet blijkt dat deze manier van werken uitzonderlijk is in Gelderland, maar dat ,,deze handelswijze vaker voorkomt in de ambtelijke en politieke bedrijfsvoering van de provincie''.

Eerder wezen accountants van Deloitte en Touche op het gebruik van SEOF-gelden voor adminstratieve doeleinden in Gelderland.

Overigens conludeert Tops dat de provincie zich niet heeft gehouden aan de regel dat grote projecten Europees moeten worden aanbesteed. Met name in de milieueffectrapportage en het bedrijfsplan van het transportcentrum is daaraan voorbij gegaan.

Tops uitte verder kritiek op de wijze waarop Provinciale Staten van Gelderland controle hebben uitgeoefend op de voortgang van de ontwikkeling van het transportcentrum. Statenleden hebben daar volgens Tops maar ,,mondjesmaat'' vragen over gesteld.