Verdwaasde oorlogsstemming

Bas Heijne schreef dat onze columnisten en andere intellectuelen een nationale psychose hebben aangewakkerd en Nederland in een verdwaasde oorlogsstemming brachten. Ik houd ook niet van oorlogshitserij, maar ik vond dat het erg meeviel met de columnisten.

Alle gezindten waren vertegenwoordigd en het meeste klonk redelijk. De een wees op de verplichtingen van het Navo-lidmaatschap en de verbondenheid met de Verenigde Staten. Ja, daar wil ik ook niet te licht aan tillen. Het was een grote politieke en militaire prestatie van het bondgenootschap dat West-Europa zo lang zonder oorlog heeft geleefd en dit is niet het moment om te besluiten het verder voor gezien te houden.

Anderen waarschuwden dat hard, snel en blind toeslaan tot niets goeds kon leiden. Ook verstandig. Eerlijk is eerlijk, een paar weken geleden dacht ik dat de Amerikanen onmiddellijk ergens een zwaar bombardement zouden uitvoeren om te laten zien dat ze meer slachtoffers kunnen maken dan de terroristen. Verkeerd gedacht, gelukkig.

Wat me daarentegen wereldvreemd voorkwam was de tot het uiterste doorgedreven redelijkheid die je ook af en toe zag. Wat te doen? Handelen volgens de rechtsregels, zei de redelijkheid. Een internationaal opsporingsverzoek indienen, vertrouwen op de lokale autoriteiten en de verdachten voor een tribunaal brengen, bijvoorbeeld in Den Haag.

Tegen zoveel redelijkheid ontkom je er bijna niet aan om apocalyptische visioenen in te zetten. Wat als tijdens dat proces de stad wordt opgeblazen door een kleine kernbom voor de doe-het-zelver? Zeker een nieuw opsporingsbevel en een nieuw proces in een andere stad, net zo lang tot het recht heeft gezegevierd.

Kijk, ik ben ook al in de `verdwaasde oorlogsstemming' die volgens Heijne zijn uitweg vindt in een wijdverbreide angst voor terreuraanslagen op eigen bodem en discussies over biochemische aanvallen van buitenaf. Die wijdverbreide angst lijkt me terecht.

Groepen met wie ik mij vaak verwant voel zeggen dat de diepere oorzaken van het terrorisme moeten worden weggenomen door armoede te bestrijden en sociale rechtvaardigheid na te streven. Zou dat helpen? Het is denkbaar dat als de kapitalistische leeuw gemoedelijk naast het lam ligt, de voedingsbodem voor het ressentiment tegen de rijke wereld op den duur minder vruchtbaar wordt, maar het is lang niet zeker.

Ook al zou het Westen overal gulle gaven uitdelen, dan blijven het toch de gaven van een expansieve cultuur die andere culturen verdringt en daardoor wel ongenoegen moet oproepen, zelfs bij de beste bedoelingen. Je kan de geschiedenis van eeuwen niet ongedaan maken door plotseling mild en rechtvaardig te worden. En hoe dan ook, geen land kan in een tijd van crisis zijn beleid laten bepalen door een visoen van een rechtvaardige wereld over vijftig jaar.

Is er eigenlijk wel iets te doen aan de grote terreuraanvallen die we in onze verdwaasde oorlogsstemming vrezen? Ik kan niets bedenken. De koninklijke weg van de rechtvaardigheid helpt ons voorlopig niet en de harde militaire actie of het `floret van de inlichtingendiensten' waar de Socialistische Partij het over had helpen misschien een beetje, maar niet genoeg.

Deskundigen zeggen dat het voor kleine groepen lang niet zo makkelijk is als vaak wordt gedacht om over effectieve vernietigingswapens te beschikken. Dat is een troost, want als het wel makkelijk wordt is er geen kruid tegen gewassen.

Vergelijk het met de Amerikaanse `War on Drugs'. Je kan niet zeggen dat die geen hoge prioriteit had. Nog in mei gaf de regering-Bush 47 miljoen dollar aan de Talibaan voor de medewerking van het regime aan de drugsbestrijding. De Amerikaan die de zaak behandelde, zei goedkeurend dat de Talibaanleiders in hun proces van consensusvorming in krachtige religieuze termen over het drugsprobleem hadden gesproken.

Toch is die oorlog tegen de drugs geen succes. Het is al een mooi resultaat als er af en toe eens een groot transport wordt tegengehouden. Een situatie waarin af en toe een terrorist wordt tegengehouden kan geen succes genoemd worden.

Het bevalt me niet hoe ik bezig ben in dit stukje. Het zijn altijd goedkope effecten als je de zaken erger voorstelt dan ze zijn. De grote pessimisten zoals Schopenhauer en Hermans, of een kleinere als Grunberg, onze Céline bewerkt voor Kleutertje Luister, danken hun succes voor een deel aan het feit dat de lezers, die in hun hart weten dat het minder erg is dan wordt voorgesteld, een warm gevoel ontlenen aan een zwartgalligheid waarbij ze half serieus kunnen griezelen omdat ze er niet echt in geloven.

De Engelse schrijver en columnist A.N. Wilson wees er laatst op dat de zwartgallige zielen waartoe hij zichzelf rekent, een sterke emotionele behoefte voelen om te geloven in een universele ramp die iedereen mee zal slepen. De eigen individuele dood valt moeilijk onder ogen te zien en voor het zover is moet er nog geleefd worden, wat voor de zwartgallige een zware last is.

Hoeveel makkelijker en bevrijdender is het dan niet, aldus Wilson, om te zwelgen in een algemene ondergang die je van alle verantwoordelijkheid verlost. Hij citeerde Evelyn Waugh, die zei dat hij geen bezwaar had tegen een kernbom als die maar de hele planeet zou opblazen, en de kop boven zijn column was `We will all go together when we go', de titel van een liedje van Tom Lehrer dat in de tijd van de Koude Oorlog voor troost zorgde.

Nee, het is kitsch en aandachttrekkerij die ondergangsvisioenen, zo wil ik niet zijn, maar het is moeilijk om ze af te schudden en ik kan er niet aan ontkomen om te bladeren in mijn eigen Nostradamus, de metableticus J.H. van den Berg.

Over de grote oorlog van allen tegen allen die hij in 1977 voor de periode 1995-2015 voorspelde, schreef hij: ,,Het is een heerlijk, een prachtig hoofdstuk dat ik hier schrijf.'' (...) ,,Er zal ons wat blijven, genoeg voor een begin. Enkele planten, een aantal dieren. Onbereikbare sterren. Raadselachtige planeten. De zon elke dag, die onze aarde met vuur overgiet.''

Nog even kijken naar het nieuws. Opluchting, want er wordt gesproken over Jan Peter Balkenende. Geen nieuws, goed nieuws voorlopig.